Liesbeth Rasker: ‘Van het idee van een vreemde man in mijn huis verga ik ook bijna van ongemakkelijkheid’

liesbeth rasker

Schrijver en presentator Liesbeth Rasker (32) woont in Amsterdam met poes Disco en schrijft elke week in VIVA over wat ze meemaakt.

Ook een effect van corona: het is tegenwoordig doodnormaal om vage kennissen te appen met de vraag of jij misschien nog een leuke date voor ze hebt. Het gebeurde me vorige week, ik had haar al zeker vier jaar niet gesproken. Dat het zo jammer is dat we elkaar nooit meer spreken, hoe het met die en die gaat, of ik aan het daten was, en of ik misschien nog een leuke single man voor haar wist. Alsof ik er doorgaans een succesvol mannenhandeltje op na hield. Een handeltje dat me veel geld op had kunnen leveren, want ook mensen die heel oké waren met hun vrijgezelle status, vergaan nu van eenzaamheid, wat ervoor zorgt dat de singlemarkt net zo oververhit is als de huizenmarkt. En dat terwijl daten in tijden van pandemie toch tamelijk verschrikkelijk is.

‘Datingapps ontnemen je in de regel elk sprankje hoop op liefde’

Ten eerste omdat je bij gebrek aan leven niemand toevallig tegenkomt, dus het moet online. Er zijn weinig mensen die een blij en vrolijk gevoel krijgen van datingapps, want datingapps ontnemen je in de regel elk sprankje hoop op liefde. In het uitzonderlijke geval dat je wél een leuke match hebt, en dat diegene dan ook nog zonder emoticons en in grammaticaal kloppende volzinnen een gesprek weet te onderhouden (de kans op dit scenario is 0,1%), ben je veroordeeld tot een wandeldate. En je kunt nog zo hard roepen ‘glühwein’ en ‘mooie grachten’, een wandeldate is gewoon niet leuk. Mijn laatste Tinderwandeldate was
in december. Op een ijskoude zondagmiddag spraken we af bij de hoofdingang van het Vondelpark, net als alle andere Amsterdamse Tinderdates. In een droevige colonne van singles die uit wanhoop en verveling toch maar hun huizen waren uitgekomen, in de ijdele hoop op seks of genegenheid, liepen we een rondje. Waarbij je elkaar niet aankijkt, ingepakt in dikke jassen en sjaals, dus hoe er dan ooit een vonk kan overspringen is mij een raadsel.

Lees ook:
Liesbeth Rasker: ‘De spaarzame keren dat ik toch ergens heb gelogeerd, lag ik de hele ochtend wakker’

De andere optie is dat je bij iemand thuis afspreekt. Los van seriemoordenaar-technische overwegingen vind ik het een tamelijk groot risico een eerste date bij hem thuis te doen. Mannen weten maar zelden van het bestaan van dimlicht, en je zult ook zien dat het iemand blijkt te zijn die geen muziek op heeft staan en niet een lapje over de wc heeft gehaald. Van het idee van een vreemde man in mijn huis verga ik ook bijna van ongemakkelijkheid. Dan zít je daar. Ik snap het gewoon niet. Er zijn ongetwijfeld uitzonderingen op deze regels, maar zelf heb ik besloten het daten uit te stellen tot het moment dat de kroegen weer opengaan. Leuke mannen mogen me dan appen. En vooruit, vage kennissen ook

Deze column van Liesbeth Rasker komt uit VIVA-2021-06. Dit nummer ligt t/m 16 februari in de winkel of kun je hier online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER «

Beeld: Tom ten Seldam