Liesbeth Rasker: ‘Toen ik laatst verstrikt was in een zakelijk diner, appte ik mijn vriendin vanaf de wc om raad’

Journalist en reisblogger Liesbeth Rasker (31) woont in Amsterdam met poes Disco en schrijft elke week in VIVA over wat ze meemaakt.

Een bijkomstigheid van mijn werk is dat ik eens in de zoveel tijd word uitgenodigd voor een feestje of diner van een merk of bedrijf. Vaak is dat dan op een hippe locatie in de stad, lopen er veel knappe jongens en meisjes rond met grote glimmende dienbladen met onduidelijke hapjes en krijg je al bij binnenkomst een glas champagne in je handen gedrukt. Iedereen begroet elkaar met al dan niet gemaakt enthousiasme, om vervolgens vrij obligaat te vragen naar de welletjes en de weetjes van je gesprekspartner, die je ook alleen maar kent van dit soort feestjes. Hoe ouder ik word, hoe minder goed ik het kan opbrengen om zulke feestjes bij te wonen. Want waarom op een borrel met alleen maar onbekenden staan als je ook thuis met je kat op de bank kunt liggen? Dus meestal druk ik mijn snor door iets in de trant van ‘geen tijd’ of ‘andere verplichting’ te RSVP’en, om vervolgens heel tevreden thuis in een groot joggingpak op Instagram te zien hoe anderen wel in de val zijn gelokt.

‘Ook hier opteer ik als het even kan om niet te gaan, een strategie die er wellicht aan heeft bijgedragen dat ik ook steeds minder word uitgenodigd’

Een categorie waar ik me moeilijker uit weet te lullen, zijn de feestjes die níét voor werk zijn. Een van de ergste sociale activiteiten denkbaar zijn huisverjaardagen. Niet die van je beste vrienden, dat is veilig terrein, maar die van vrienden bij wie je niet per se de deur platloopt. De uitnodiging krijg je via whatsapp of mail, waarbij je niet kunt zien wie de andere genodigden zijn. En aangezien het bij iemand thuis is in plaats van in een café, kun je moeilijker stiekem wegglippen als het inderdaad ondragelijk saai of ongemakkelijk blijkt te zijn. Ook hier opteer ik als het even kan om niet te gaan, een strategie die er wellicht aan heeft bijgedragen dat ik ook steeds minder word uitgenodigd, maar dat is weer een ander verhaal. Wel nodig ik de jarige dan uit voor een borrel met z’n tweetjes, een samenstelling waarmee ik beter uit de voeten kan, om te laten zien dat ik heus niet een totale eikel ben.

Er zijn echter mensen die heel goed zijn in sociale constructies waar veel smalltalk en praten met vreemden bij komt kijken. Een van mijn beste vriendinnen is precies zo iemand, dus toen ik laatst toch verstrikt was in een zakelijk diner met allemaal onbekende buitenlandse mensen, appte ik haar vanaf de wc om raad. ‘Laat ze vooral over zichzelf praten, dat vindt iedereen heerlijk,’ was het eerste advies. ‘Wat ook werkt: zeg bij algemene onderwerpen als eten of wijn dat je het daar toevállig ook al over had met iemand die bij je in de buurt zit, zodat diegene bij het gesprek komt en je zelf achterover kunt leunen.’ Met dit strijdplan voegde ik me weer aan tafel, zette mijn grootste glimlach op en vroeg aan de Fransman naast me of hij al zijn hele leven in Parijs woont. Een lang verhaal volgde en inderdaad: de strategie van vragen zonder zelf vertellen ging me uitstekend af. Maar of dat zo’n avond voor mij nou léuker maakt, weet ik niet, dus ik denk dat ik de volgende keer toch de voorkeur geef aan een goed gesprek met mijn kat. Die praat tenminste niet terug.

Foto: Lin Woldendorp

Liesbeths column is afkomstig uit VIVA 10-2020. Deze editie ligt t/m 11 maart in de winkel. Je kunt de editie ook hieronder online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«