De man met tijd bestaat niet

Ik loop op Utrecht Centraal, het lijkt het walhalla van tijd; haastende mensen, wachtende mensen, hollende mensen. En klokken. Overal. De NS heeft moeite met de tijd. Ik ook. Dus ik zeg er verder niks over.

Tussen alle haastende mensen zie ik een straatkrantverkoper rustig staan met twee krantjes in zijn hand. Hij lacht zijn gebroken tanden bloot. Roept: “Goedemorgen lieve mensen, mooie mensen.” En doet er ook nog een dansje bij.
Hij is de man met tijd.

Ik heb een zwak voor straatkrantverkopers. Ik kan er niet omheen. Ik moet een krantje kopen. Al heb ik er al vier gekocht, deze moet er ook nog bij. Hetzelfde krantje, andere verkoper, ander verhaal.

Terwijl ik sta te praten met de straatkrantverkoper die Bedros heet, loopt er een man in een lange regenjas naar me toe. Hij schudt zijn hoofd en zegt: “Deze man moet gewoon Nederlands leren en een baan zoeken. Dit is zonde van je tijd.”
Ik word ongelooflijk boos. Wat weet deze man nou echt van Bedros?
Zonde van de tijd? Tijd. Tijd. Alles draait om tijd.

Als deze man de tijd had genomen voor Bedros, had hij geweten dat Bedros eigenlijk niet bestaat. Bedros is namelijk staatloos. Geen papieren, geen identiteit. Een baan vinden wordt dan vrij lastig.

Bedros laat me een stapel papieren zien van verschillende instanties. Op een van deze documenten staat: ‘Identiteit: onbekend’. Terwijl hier voor me toch echt een man staat. Een man met een lach. “Niet huilen, dame, ik klaag niet.”

Bedros is trots dat hij straatkrantverkoper is; dat is beter dan mensen bestelen, verslaafd raken. “Ik ben blij, jij ook met mij? Mooie mensen, lieve mensen.”

Geen geld, geen papieren, geen land, geen identiteit.
De man met tijd bestaat niet.

Lees hier meer blogs van Daisy