Mijn nieuwe valse halfzuster

Als het op techniek aankomt, is mijn opa moderner dan ik. Letterlijk: hij heeft op zijn tachtigste nog met de computer leren omgaan en Skypet er lustig op los met de halve familie, terwijl ik me al jarenlang angstvallig vastklamp aan mijn oude HTC Desire Z. Inderdaad, een telefoon met een toetsenbordje en geen enkele mogelijkheid tot 4G.

Tot het ‘laden’-scherm ons scheidt

Het was mijn eerste smartphone en het liefst was ik hem tot in de eeuwigheid blijven gebruiken, maar dat was geen optie. Hoewel mijn HTC erg robuust was en een boel overleefd heeft, moest zelfs ik nu toegeven dat hij op was. Hij viel op de meest random momenten uit, bleef soms tien volle minuten hangen op het ‘laden’-scherm en startte niet zelden uit zichzelf opnieuw op en verstuurde dan al mijn laatst verzonden smsjes opnieuw. Daarbij werkte het toetsenbord nog maar matig. Ik heb regelmatig veel te veel x’jes uitgedeeld omdat het toetsenbord na het vijf keer indrukken van de x nog steeds niets deed en ik maar gewoon verzond – om er daarna achter te komen dat er plotseling zeventien x’jes stonden. Awesome.

Overload

Naast vastgeroest aan mijn telefoon ben ik ook nog compleet oblivious voor alle technische ontwikkelingen op smartphonegebied, dus iedere keer als ik me probeerde te verdiepen in de aanschaf van een nieuwe telefoon, kreeg ik een halve zenuwinzinking vanwege de gigantische hoeveelheid modellen en merken waar ik uit kon kiezen.

Lis in telefoonland: very choices, such confused

Fossiele simkaart

Gelukkig verscheen toen mijn redder in nood ten tonele. Martin had nog wel een telefoon liggen, uit de periode waarin hij flirtte met Android (inmiddels is hij na die korte break weer terug bij zijn Apple en zijn ze als vanouds gelukkig met elkaar). Toen ik mijn simkaart wilde laten bijknippen in de winkel, zei de jongen achter de toonbank: ‘Wow, dat is een oudje. Wat is dit, 2004, 2005?’ Ik knikte. Hij grijnsde besmuikt. ‘Deze kunnen we niet bijknippen, je krijgt wel een nieuwe van me.’

Wat nou ‘Galaxy’?

‘En, wat voor telefoon is het?’ appte Mayke me.
‘Een Samsung Halfzuster s4,’ antwoordde ik.
Na een kort stilte vroeg ze: ‘Is dat de Geer en Goor-editie, speciaal voor jou?’

IK BEDOELDE TOUCHSCREEN

‘Hoe bevalt je nieuwe telefoon?’ vroeg Lys.
‘Goed, alleen het toucheren is nog even wennen,’ zei ik.
‘Ik mag toch hopen dat je je telefoon niet hoeft te toucheren!’

Met Assange kajakken in de omgeving

Autocorrect en ik zijn nog geen dikke vriendjes. Toen ik ‘AAAH!’ wilde tikken, riep mijn Halfzuster in plaats daarvan ‘Assange!’. En mijn ‘OMG!’ veranderde ze netjes in ‘omgeving!’. Nu ik wat beter oplet, weet ik dat soort rampen vaak wel te voorkomen. Zo zeg ik echt ‘haha’ als ik dat bedoel, en niet ‘kajak’. Het voelt nog altijd gek dat ik mijn baksteen-HTC niet meer in mijn hand heb, maar een telefoon waar mijn vingers amper omheen kunnen, maar alles schijnt te wennen. Zelfs een valse Halfzuster.

Foto bij blog: Fred Seibert