Natte hond

Ik vrees het moment waarop vriend en ik het ooit samen eens moeten worden over een naam. Voordat ik bij het gezin hoorde, is ons hondje ‘Isis’ gedoopt. Ik vind Isis een prachtige naam, maar ik vraag me af of ze zelf enig benul heeft van het feit dat ze zo heet.

Freekie Nelis Willemonis Vossel
De lulligste momenten doen zich voor als we met haar wandelen. ‘Hendriks!’ Isis kijkt om. ‘Freekie Nelis Willemonis Vossel!’ Wederom reageert ze. ‘Willem Nelis badgast!’ Nog één keer draait ze zich om. ‘Ja, wat?!’ zie ik haar denken. Ook voorbijgangers kijken om. Ik wil niet eens weten wat zij denken.

Niewiesis
Ik snap het zelf niet zo, van al die bijnamen. Om te voorkomen dat ze een vorm van schizofrenie ontwikkelt probeer ik haar zo vaak mogelijk bij haar echte naam te noemen. Ik verbaster het nog wel eens naar viesis (als ze ruft), piesis (als ze weigert te plassen), niewiesis (als ze een kwartier achter haar staart aan jaagt) of crisis (als ze zich gedraagt als een onuitstaanbare prinses op de erwt). De naam Isis is eigenlijk erg praktisch.

Watertrappelen
Isis is al zeven jaar, maar ze heeft nooit durven zwemmen. Tot afgelopen week. ‘Pak de stok, Bennie!’ Ze spitst haar oren. ‘Dat ben ik!’ denkt ze. Ze rent het water in en trekt haar eerste baantjes. Af en toe verdwijnt ze bijna met haar koppie onder water, maar even later staat ze weer met stok en al op het droge.

Natte hond
Vanaf dat moment heeft ze de smaak te pakken. Ze sleurt me achter zich aan richting de vijver en zoekt een mooie stok uit. Een halve boomstronk waarvan ik vermoed dat ze ermee op de bodem van de vijver belandt. Ik wissel de stok om voor een subtieler exemplaar en gooi het voor haar uit. Daar gaat ze. Het is geen perfecte borstcrawl. Eigenlijk is het verre van dat. Al spartelend, met haar bek los manoeuvreert ze zich tussen het kroost door. Af en toe krijgt ze iets binnen wat aan de oppervlakte drijft. Ze verzuipt nog net niet terwijl ze zich er van probeert te ontdoen.

Ik sta aan de kant te juichen. Triomfantelijk legt ze de stok voor me neer. Ze schudt zich uit en ik zie de bruine moddervlekken op mijn witte jurk spatten. Normaal gesproken ben ik niet zo gecharmeerd van natte hond, maar nu geeft het niets. Mijn kleine meisje zwemt! Vol trots spreek ik de woorden: Knap werk, Veni, Vidi, Vicis*! Ze kwispelt. Ze hoeft niet te weten dat ze meer Luctor et Emergo (Ik worstel en kom boven) was. Een nieuwe status is verworven.

*Ik kwam, ik zag, ik overwon

© Beeld: privébezit