We zijn niet allemaal Michelangelo

Het is zover: ik heb de noodklokken geluid, een noodoproep geplaatst, SOS geseind naar al mijn vrienden. Iedereen weet waar het over gaat: onze bouwval.

Het geeft niet dat ik in een bouwval vertoef. Ik heb er serieus steeds meer vrede mee. Ik ben er aan gewend. Bovendien heb ik het zo druk, dat alle tasjes, dozen, frutsels en kledingpiramides naast mijn bed me nog amper opvallen. De tuin is weer helemaal open gegooid. Mijn vriend en zijn vader zijn naar hartelust aan het vissen in het riool. Ik merk er vrijwel niets van, mijn laptop zuigt me haast het scherm in en mijn vingers razen over het toetsenbord.

Een bepaald klusvoorval
Als ik tussen de bedrijven door om me heen kijk, zie ik onze mooie nieuwe trap en de enorme potentie van een geweldig huis. Ook zie ik hoe hard mijn vriend aan de slag is, maar dat de werkzaamheden niet echt volgens planning verlopen. De haperende riolering gooit wat dat betreft nogal roet in het eten. Of poep eigenlijk. En dat er nog wel duizend to-do’s op zijn schouder rusten, maakt het er niet gemakkelijker op. Ik zou kunnen helpen, maar er zijn ook duizend redenen te bedenken waarom ik dat maar beter niet kan doen. Ik kan me zo een klusvoorval herinneren waarbij we binnen een half uur al klaar waren. Niet met de klus, wel met elkaar. Ik denk dat we beiden nog steeds vinden dat we gelijk hadden.

Twee linkerhanden
Overigens ben ik de eerste die toegeeft dat ik niet kan klussen. Buiten sport kan ik niets met mijn handen. Ik kon vroeger als kind al niet knutselen, op de lijntjes knippen, iets van papier-maché maken. Ik kan amper een cadeautje inpakken. Of een fietsband plakken. Bij de zeeverkenners moest ik zeilboten helpen opknappen. Haha. Ik weet nog steeds niet hoe ik daarin verzeild was geraakt. Soms verdenk ik mezelf van luiheid. Maar als je kijkt naar de twee vrije dagen die ik gemiddeld per maand overhoud, kan dat het niet zijn. Een gebrek aan interesse? (Alles valt te leren, toch?) Ik ben heel bang dat het daar wel aan moet liggen. Ik stel mezelf maar gerust dat we niet óveral goed in hoeven te zijn.

Help!
Bovendien ben ik liever extra goed in de dingen die ik leuk vind, dan dat ik van alles maar een beetje kan. Denk je nou echt dat Michelangelo bijvoorbeeld ook, ehm, mooi kon zingen? Oké, slecht voorbeeld. Ik ontdek net dat deze Italiaan naast schilder en beeldhouwer, ook architect, dichter en ingenieur was. Ja hallo, we zijn niet allemaal Michelangelo. Maar goed, de deadline voor de keuken alleen al nadert met grote schreden. Het is bijna maart. Met hoe het nu allemaal verloopt vrees ik dat ik in juli nog steeds bij de buren douche. Daarom ook hier een stiekeme noodoproep. Hoe graag mijn vriend het ook zou willen en hoezeer ik hem ook een superheld acht, dit gaan we niet alleen redden voor de zomer.

Dat was realist die de optimist in me neerknuppelde.

Gelukkig hebben we een grote tafel
Wie dus wel de Michelangelo onder de klussers is, of het anders in ieder geval leuk vindt: meld je gerust. En zodra we een soort van keuken hebben, nodig ik je graag uit voor een Michelangelo-etentje (jaja, klinkt bijna als Michelin). Want dát kan ik gelukkig dan weer wel. Voel ik me niet helemaal nutteloos…

© Beeld: Chantal Straver