Paardenmeisje

Van mijn zevende tot mijn zeventiende was ik een paardenmeisje. Een echt paardenmeisje ben je niet zomaar. Wekelijks een uur op een paard zitten is niet voldoende. Om jezelf met recht een paardenmeisje te noemen moet je meer in huis hebben. Veel meer.

Stront schrapen
Dus knuffelde ik met paarden, praatte ik met paarden, smoorde ik mijn tranen in de nek van paarden, mestte ik stallen uit, behandelde ik zadels en hoofdstellen met ledervet, kieperde ik emmers biks in voederbakken, schraapte ik stront uit hoeven en vlocht ik eigenhandig geplukte madeliefjes in staarten en manen.

Wanneer iemand onze ponyclub destijds een manege durfde te noemen, dan werden wij paardenmeisjes ontzettend kwaad. Manege was in die tijd een vies woord.

Wij, van de ponyclub
Naast onze ponyclub zat een manege. Een aangeveegd erf waar verwende kakkers ronddrentelde in wit, geribte paardrijbroeken en glimmende leren rijlaarzen. Om vijf voor vijf werden ze afgezet door hun al even omhoog gevallen ouders en op logge paarden gehesen, die al gezadeld voor hen klaarstonden.

Nee, dan wij! Wij, van de ponyclub droegen chaps over onze Nike Air Mex en zaten onder de paardenstront. Wij maakten hutten in huizenhoge hooibergen, reden met skelters van bunkers en sjeesden als ware cowboys rond op onze wilde pony’s.

Een stelletje kannibalen
Wij haatten de manegemeisjes niet alleen om hun luiheid en verwende karakter. Nee, we hadden nog een andere verdomd goede reden om een hekel aan ze te hebben.

Bij de snackbar zagen we de manegemeisjes smullen van hun frikadel speciaal, terwijl het algemeen bekend was dat in frikadellen paardenvlees zat! Alsof je je eigen moeder opeet! Een stelletje kannibalen, dat waren het!

2012
November, 2012. Op weg van kantoor naar huis zit een nieuwe slager. Steeds wanneer ik er langsfiets is het er stervensdruk. Opmerkelijk voor een nieuwe zaak.

Pas wanneer ik binnen sta realiseer ik me waar ik ben: vijandig gebied, de paardenslager! Toch wint mijn nieuwsgierigheid het van mijn jeugdsentiment. Hoe zou dat eigenlijk smaken, paard?

Gehaktbal van paard
Ik kom thuis met een gehaktbal, gemaakt van paardenvlees. Wanneer ik de bal in plakjes op mijn brood leg, begint mijn geweten op te spelen. Beelden van mijn lievelingspaarden vliegen voorbij: Eline, Margaliti, Spinnetje.

Tijdens het kauwen van de eerste hap word ik misselijk. Ik kan het niet. Paardenvlees eten voelt nog altijd als kannibalisme. Terwijl ik boven de vuilnisbak de vleesresten uitspuug, realiseer ik me: ‘Eens een paardenmeisje, altijd een paardenmeisje.’

Foto: debimoo