Pisfoto

Ik heb nog nooit goed op een pasfoto gestaan. Nog nooit. Ik stop doorgaans liever mijn hoofd in de magnetron dan te moeten poseren voor zo’n altijd gehaaste fotograaf die je zo onflatteus mogelijk schijnt te moeten vastleggen.

Stresshert
Ik heb bijvoorbeeld een angstig hertje geïmiteerd, die ene keer toen ik nog even snel foto’s moest laten maken voordat mijn trein ging. Ik was doodsbang dat ik hem miste en daardoor mijn afspraak op het gemeentehuis misliep, waardoor ik mijn nieuwe paspoort niet op tijd zou hebben. Had ik al gezegd dat ik dingen graag op het laatste moment doe?

Blinde kip
Of die ene keer toen ik mijn bril niet op mocht op de foto. Geschrokken vroeg ik of de fotograaf een grapje maakte, want zonder zichthulpmiddelen zie ik ongeveer evenveel als de gemiddelde vleermuis. De fotograaf knikte onverbiddellijk: de bril moest af. Vervolgens moest ik maar min of meer gokken waar de lens was, dus kijk ik heel geschrokken en een beetje scheel op de foto. O, en dan is er ook nog die keer dat ik tussen twee colleges door even snel een foto moest laten maken voor op mijn rijbewijs. Ik rende naar de winkel en had niet eens de tijd om mijn SULA af te vegen voordat de fotograaf me kiekte en ik weer terugholde naar de collegezaal.

Smile!
Al met al is mijn pasfotogeschiedenis niet echt jofel. En dat terwijl ik vroeger altijd best leuk op mijn schoolportretten stond. Onder een bepaalde hoek ben ik best fotogeniek, zolang ik maar mag lachen. En dat is dan weer meestal niet het geval op die officiële plaatjes, dus toen ik twee weken geleden pasfoto’s moest laten maken voor op mijn nieuwe (nog aan te vragen) paspoort, liep ik de fotozaak al met buikpijn binnen.

Mondhoekpret
‘Ga daar maar zitten.’ De bebaarde fotograaf gebaarde naar een krukje in de hoek. ‘Of wil je nog even in de spiegel kijken?’
Eigenlijk was dat wel een goed idee. Ik veegde mijn haar achter mijn oren, want dat moet, en deed mijn oorbellen uit, want dat moet ook – althans, dat is wat de fotograaf me vertelde. Ik nam braaf plaats op het krukje en keek zo neutraal mogelijk, maar er bleef een zenuwachtige lachtrek rond mijn mond spelen. ‘Klaar?’ vroeg baardmans. Nog voordat ik kon antwoorden, drukte hij een paar keer op de knop en legde hij mijn ongemakkelijke hoofd vast op camera.

Vier plus vier
Toen opperde hij iets wat ik nog nooit heb meegemaakt. ‘Wil je dan vier officiële pasfoto’s en vier leuke?’
Verbaasd knipperde ik een paar keer met mijn ogen. Dat was eigenlijk wel een goed idee. Een heel goed idee! Eindelijk kon Lau die foto uit zijn portemonnee halen waar ik als een arrestant op sta, en hem vervangen door een blij exemplaar. Met een brede grijns liet ik mezelf door de fotograaf op de gevoelige plaat vastleggen.

Ik heb nog nooit goed op een pasfoto gestaan. Tot nu toe, dan. Hopelijk blijft deze trend zich voortzetten.

Is dit verhaal herkenbaar voor je of weet jij het ultieme geheim om goed op een pasfoto te staan?