Professioneel amateur

Ik ben actrice. Of eigenlijk, ik speel toneel. Of nou ja, ik zit bij de plaatselijke amateur-toneelclub. Ik ben een amateur. Ja, dat is misschien wel de beste omschrijving.

Ik ben overigens niet eens zomaar een amateur, ik ben een amateur onder de amateurs. Ons gezelschap voert jaarlijks een ‘bliedspul in drie bedrieven op’. In het Drents. Vraag me niet wat het betekent, maar het staat op de voorkant van mijn tekstboekje, dus het zul wal zo weez’n.

Drents gezemel
Voor mij als kind betekende de jaarlijkse uitvoering van de toneelclub in het dorpshuis voornamelijk dat ik naar mijn beroemde vader kwam kijken. Hij ging me namelijk voor als amateur-acteur. Ik wist niet beter dan dat het doek open zou gaan, dat er hier en daar wat Drents gezemeld werd en dat als het doek weer dicht ging ik een ijsje kreeg. Dat het doek even later weer open zou gaan, het gezemel voort werd gezet en dat ik vooral lang op mocht blijven.

Gooische vrouwluu
Jaren later ben ik in mijn vaders klompsporen getreden. Echter, er is één euvel. Ik spreek geen Drents. Laat ik het zo zeggen; bij ons gezelschap zit een Duitse die beter Drents spreekt dan ik. Ik weet niet waar mijn Gooische ‘rollende r’ vandaan komt (of waar die weg komt, zoals ze dat hier zeggen), maar als ik mijn vaders amateurtalent niet had gehad zou ik haast denken dat ik er één van de melkboer was.

Vijf minuten en zeven zinnen

In het bliedspul zit gelukkig altijd wel een  rol tussen met een gemiddelde podiumtijd van vijf minuten en zeven zinnen. Dat ben ik. Sterker nog, als er zich nog een lid aanmeldt, zou ik nóg beter uit de schmink komen. Ik ben namelijk uitermate geschikt als figurant. Maar daar hebben we helaas te weinig actrices voor. Daarom oefen ik tot die tijd maar op de paar zinnen die ik moet zeggen.

Professioneel amateurisme
We zijn al maanden aan het oefenen, maar er moet me zo vlak voor de uitvoering iets van het hart. Aan het einde van mijn ‘five minutes of fame’ moet ik roepen: ‘Weet je wat jij kunt? Jij kunt met je gaanse aan schieten lopen. Enne, verslik je d’r niet in!’. Ik doe al maanden net alsof ik precies weet wat ik zeg. En dat speel ik dan weer wel vrij geloofwaardig, want het toneelgezelschap heeft nog niets in de gaten. Laat dat daarmee dan net het enige stukje toneel mijnerzijds zijn dat het amateurisme ontstijgt.

© Beeld: privébezit