Spleetoogjes

spleetoogjes

‘Is jouw vriend blank?’ Overrompeld door de vraag schoot ik in de lach. ‘Ja,’ antwoordde ik. ‘Goed zo,’ zei ze. ‘Da’s beter dan die negers.’ Terwijl mijn hoofd zich bewoog naar een portret aan de muur van mijn pikzwarte opa, viel mijn mond half lachend open. Welkom in de wereld van mijn oma.

Hey, nieuw kapsel?
Ik zie mijn oma eigenlijk niet zo vaak. Het is iets wat ik mezelf ieder jaar weer opnieuw voorneem, maar zoals elk goed voornemen nooit waar wordt gemaakt. Na talloze gemiste oproepen, voicemails en het zoveelste telefoongesprek waarin ik beloofde écht langs te komen, kon ik er niet meer omheen. Eenmaal bij mijn oma aangekomen, viel mijn oog op het leger grijze haren dat zich aan de voorkant van haar kapsel bevond. ‘Zo! Lekker grijs, hè?!’ constateerde ik jolig. Lachend en een tikkeltje beschaamd, streek ze haar haren glad terwijl ze me uitlegde dat ze gestopt was haar haren te verven. Nu ken ik sowieso bitter weinig vrouwen van in de negentig die nog de moeite nemen om hun haren te verven, dus gaf ik haar volkomen gelijk. ‘Ach joh,’ zei ik. ‘Als je 92 bent, trapt toch niemand daar meer in.’

Uitgejoeld
Vandaag was het anders. Mijn vriend zou mijn oma voor het eerst gaan ontmoeten. Ik had hem bevolen zich voorbeeldig te gedragen, omdat mijn oma de harde kern is. De oude stempel. Geen ge-jezus, kut of verdomme, want je kunt het theekransje op je buik schrijven en buiten in de regen wachten. Ik vond het spannend. Mijn oma ook. Toen mijn vriend binnenkwam, werd ze zichtbaar nerveus. Een half uur later kreeg ik er geen woord meer tussen. Mijn oma was duidelijk gecharmeerd van mijn vriend. Urenlang praatten ze over Suriname en over zijn Surinaamse kookkunsten. Ik voelde mijn donkere huidskleur met elk woord wegtrekken. Kom ik aan met m’n aardappelpuree uit pak. Hoi.

Wereld van verschil

Toen ik haar vertelde dat het een vluchtig bezoekje werd, bespeurde ik lichte paniek in haar ogen. ‘Nee, dat kan niet!’ riep ze uit. ‘Ik heb al gekookt!’ Zo schattig, bij oudere mensen is dat altijd meteen een catastrofe. ‘Ik kan het toch ook meenemen?’ Mijn oma bedaarde. Ik realiseerde me hoezeer onze werelden eigenlijk van elkaar verschilden. Mijn oma wilde het eten voor mijn vriend nog net niet voorkauwen, waarop ik antwoordde dat er hem niets mankeerde aan zijn handjes en dat hij dat best zelf kon doen. Haar krakende lachje zweefde door het huis terwijl haar ogen zich vormden tot dunne spleetjes. ‘Je bent grappig!’ riep ze uit. Ik bleef haar strak aankijken. ‘Ik maak geen grapje, hoor. Hij is toch een volwassen vent? Laat ‘t ‘m lekker zelf doen!’

Mijn oma is fantastisch. Het moment dat mijn vriend en mijn oma elkaar de handen schudden, zal me altijd bijblijven. Voor mij was het iets heel bijzonders. Alsof mijn vriend toch nog een stukje van mijn moeder heeft leren kennen. Mijn lieve oma. Als ik er op mijn tweeënnegentigste zo bijloop en nog steeds zo hard kan lachen met een paar gouden tanden in m’n mik, vraag ik er een contract voor aan.

© Beeld: Thinkstock