Starstruck

Vrijdag was het concert van de fabuleuze Alicia Keys. Met kriebels in mijn buik wachtte ik tot de klok vier uur sloeg en ik met een sprintje het kantoorgebouw uit kon trekken.

In goed gezelschap
Het was loeiheet en er hing een uitmuntende sfeer op de Arenaboulevard. Ik bespeurde de geuren van zonnebrand en een zomers briesje. Met de zon brandend op mijn achterhoofd nipte ik tevreden aan mijn rosé. We waren met een groot gezelschap en we liepen werkelijk over van de energie.

Selectief bezoek
Ik ben over het algemeen niet zo weg van concerten. Het moeten artiesten zijn die ik echt heel graag wil zien en die ik echt heel goed vind. Anders sta je daar. Hutje mutje een beetje naar een scherm te kijken en ergens in de verte een poppetje ter grootte van je pink te zien huppelen. Ik zou bijvoorbeeld nooit naar een concert van Adele gaan. Dan ga je aan het einde van de avond bijna zelf met een gebroken hart naar huis. Vreselijk.

(Wannabe) King of Pop
In het voorprogramma van Alicia Keys stond Miguel. Die met zijn R&B slash popmuziek het nog stugge publiek aan het dansen probeerde te krijgen. Shirtloos, veel te smooth en met Michael Jackson-achtige moves vloog hij over het podium en gooide hij er de ene kreet na de andere uit. Een vermakelijke vertoning, maar het was duidelijk te merken dat we niet voor hem waren gekomen.

Sterallures
Ik wil artiesten die me inspireren. Dat ik na afloop de deur uitwandel en denk: ‘Ja!’ ‘Vanaf nu ga ik het helemaal anders doen!’ En mijn God, dat deed ze. Met nul sterallures kwam ze keurig optijd. Niet als bijvoorbeeld een eikel van een Justin Bieber die zo nodig een potje FIFA af moet maken of een Rihanna die in alle rust haar jointje aftikt, terwijl er hordes hysterische fans om haar schreeuwen.

Fan
Enfin, Alicia was optijd. En al deed ze het alleen maar om ’s avonds op tijd in d’r nest te liggen, wij vonden het prachtig. Ze wist me tot op het bot te raken. Met rustige ballads maar ook met nummers als ‘Empire State of Mind’ waarbij m’n stembanden tegen iemands achterhoofd knalden van enthousiasme. Ik geloof dat ze nu nog steeds ergens vertrapt op de vloeren van de Ziggo Dome liggen.

Dertien in een dozijn
Ik neem mezelf bij een concert elke keer voor om niet zo hard te gaan gillen, maar ik moet toegeven dat ik best een beetje starstruck ben. Meer dan ik toe wil geven. Ik ben er zo eentje die hoopt dat ze naar mij kijken als ik in het publiek sta. Ik ben er zo eentje die als een labiel wijf gaat staan janken als een nummer herinneringen bij me opwekt. Ik ben er zo eentje die na afloop ‘I LOVE YOU’ gilt in de hoop dat ze het horen.

Yup, mevrouw Sleutels is voor herhaling vatbaar. De volgende keer wil ik nog dichterbij staan. Misschien mag ik, als ik na afloop wat langer blijf plakken, wel op het podium op handen en voeten heen en weer schuiven zodat ik de afdrukken van haar schoenzolen kan aanraken.