Stront aan de banden

Jarenlang ben ik in de veronderstelling geweest dat een solextocht alleen was weggelegd voor tragen van dagen, of op zijn minst voor 65-plussers.

Zó niet cool
Ik kon er dan ook niet bij dat mijn vriendinnen het in hun hoofd hadden gehaald om onze gezamenlijke vriend een solextocht te schenken voor zijn verjaardag. Wie trekt er nu vrijwillig zo’n leren potloodventersjas tot aan zijn enkels aan? Inclusief Maja de bij-bril en pothelm. Dat is zoiets als in regenpak naar school fietsen als je op het voortgezet onderwijs zit. Dat is synoniem aan het uitzwaaien van je imago. Dag toilet, ik kom hier voortaan lunchen.

Technisch inzicht
Het moment waarop de jassen en helmen worden aangereikt zorgt voor veel hilariteit. Ik zie onze kleinste beteuterd naar de langste kijken. De jas reikt tot haar enkels. ‘Hoe moet ik dan op de solex springen?’ vraagt ze zich hardop af. Niet veel later zien we hoe dat gaat. Mocht het niet zo zijn dat ze niet in de gaten heeft dat ze het gas even los moet laten voor het ding aanslaat. Met een verwachtingsvolle blik in haar ogen rent ze tevergeefs het hele terrein rond met de solex aan haar zijde.

Kneusjes van de klas
Het is dan ook een godswonder dat we even later allemaal onderweg zijn. Er werd ons bij vertrek nog eens goed op het hart gedrukt dat voor de solex dezelfde verkeersregels gelden als voor een auto. Dat hield bij ons vooral in dat we netjes onze hand opstaken bij de eerste de beste auto van rechts die we per ongeluk geen voorrang verleenden. Ik zie een mix van medelijden en plaatsvervangende schaamte in de blik van de bestuurder. Ik weet het zeker, we zijn de kneusjes van de klas.

Alsof het zo had moeten zijn hebben we wind tegen, regen tegen en een routebeschrijving waarvan halverwege niets meer te maken valt. Het papiertje dat ons een behouden aankomst moest bieden heeft de regenstorm niet overleefd. Op goed geluk rijden we tussen weilanden door. Uit pure wanhoop zet ik een liedje in: ‘Kijk uit, hier ben ik’. Ineens zie ik iets herkenbaars. ‘We gaan goed!’ roep ik verrukt. ‘Hoe weet je dat nou? Er is hier geen enkel punt van herkenning!’ is het sceptische antwoord van één van mijn vriendinnen. Maar ik weet het zeker. Het viel me op de heenweg namelijk ook al op dat de voorste midden door een enorme berg schijt reed.

Tragen van dagen
Als we aan het einde van de middag in de auto zitten, onderweg naar huis, krijg ik iets mee van een  verontrustend gesprek dat zich op de achterbank afspeelt.

‘Dit moeten we vaker doen.’
‘Ja, volgende keer gaan we kleiduif schieten.’
‘Mayke, jij bent bijna jarig!’

Ik zucht en bereid me mentaal voor op de rest van mijn leven. Kleiduif schieten, sjoelen, bridgen, origami, waar gaat dit eindigen? ‘Op de solex reed je sneller’ merkt iemand op, na het werpen van een blik op de teller. Goed, schaar mij maar onder de tragen van dagen. En op mijn verjaardag wil ik graag een bak geraniums en de garantie dat ik niet hoef te bungeejumpen, parachute springen of skydiven op mijn oude dag.

© Beeld: privébezit