Stuurloos en overstuur

‘Dames, ik heb jullie hulp nodig. Mijn haar los? Of zo?’ Snel knip ik een foto van mijn kapsel en verstuur het naar mijn vriendinnen. ‘Laat het zo en schiet nu maar op!’ is het niet erg behulpzame, maar wel zeer duidelijke antwoord. ‘Ik kom eraan, even tanken!’ Het is ook altijd hetzelfde liedje met mij.

Mijn papa denkt van niet
Eenmaal in de auto blijkt mijn kapsel niet het grootste probleem te zijn. Ik grijp mijn telefoon en neem een foto van mijn linker voorwiel. ‘Vrouwlui, ik ben nog een keer jullie hulp nodig. Is deze band lek?’ Al gauw komen de reacties. ‘Mijn papa denkt van niet.’ ‘Mijn papa zegt dat de band dan veel platter is.’ ‘Míjn papa zegt dat je die wel even op kunt pompen bij het benzinestation.’
Ik start de auto en probeer achteruit te rijden. ‘Plof!’ Zie je wel? Dat zegt ie normaal nooit. ‘Ik denk dat mijn auto door de as is gezakt’, stuur ik naar mijn vriendinnen, voordat ik mijn vriend bel. Hij is weg met zijn auto, dus die kan ik niet even lenen. Dat komt eigenlijk nooit voor, maar uiteraard nu wel.

Stuurloos en overstuur
‘Mijn auto doet gek. Wat betekent het als ie richting het linker voorwiel leunt, als ie bij het starten plof zegt en niet achteruit wil? Ja, natuurlijk heb ik de handrem eraf gehaald.’ Snel check ik het nog even. Gelukkig, dat heb ik inderdaad gedaan. Mijn vriend geeft ondertussen de telefoon door aan iemand die er meer verstand van heeft. ‘Oh, hij zei net plof en sssssh, is mijn band lek? Nee, er zit nog wel lucht in. Ja, de handrem is eraf.’ Jemig, denken ze dat ik achterlijk ben? Nogmaals controleer ik de handrem. Die is het écht niet.

Even schoppen en weer doorgaan
Er schiet me iets te binnen. ‘Mijn rem zat een keer vast, mijn pa schopte toen tegen het wiel aan en toen deed ie het weer. Zal ik even tegen het wiel schoppen? Eh ja, ik heb hakken aan, hoezo? Nee, je hoeft niet hierheen te komen om tegen mijn auto aan te schoppen.’ Ik kijk om me heen en zie een nieuwsgierige buurvrouw in mijn richting kijken. Zal ik wel of niet tegen de auto schoppen?

De genadeklap
Ineens krijg ik een soort van helder moment. ‘Wacht, zal ik het laten horen? Ik leg je even op de bijrijdersstoel. Wil je een gordel om? Nee, dat was een grapje.’ Nogmaals start ik de motor en zet de auto in zijn achteruit. ‘Plof!’ Ik moet flink gas geven voordat de auto achteruit begint te rollen. ‘Klabam!’ God, dat zou wel eens de genadeklap en het einde van de Opel Crossa kunnen zijn. ‘Hoorde je dat? Ik ben in orde hoor! Volgens mij doet ie het ook weer.’ Ik laat de auto achteruit rollen. ‘High five kameraad, we hebben hem gerepareerd! Bedankt voor alle advies. Welk advies? Oh, dat advies dat ik nodig heb als ik terug naar huis kom. We bellen!’

© Beeld: privébezit