Stop! Assertivi-tijd

‘Er zijn op dit exacte moment minstens tien mensen die jou stom vinden, die jou lelijk vinden, die jaloers op je zijn. Die zijn er allemaal.’
Het is zeven uur ’s ochtends en Lau geeft me een peptalk.
‘Maar het is dan ook absoluut onmogelijk om door iedereen aardig gevonden te worden. Dat zou je doel helemaal niet moeten zijn.’

Praten doen ze toch wel
Hij heeft gelijk. Iedereen die dit ooit tegen me gezegd heeft, heeft gelijk. Ik kom niet voor mezelf op, enkel omdat ik bang ben dat mensen dan over me gaan praten. ‘Nou, wat Lis laatst deed…’ Maar wie houd ik voor de gek? Mensen praten toch wel. Als het niet gaat over wat een trut ik ben, hebben ze het wel over hoe stom mijn haar laatst zat. Of over hoe lelijk mijn lach is. Of over die debiele grapjes van me. Wat maakt het uit?

Want water verdampt
Een vriendin raadde me laatst aan om een assertiviteitscursus te doen. Ook dat is een goed idee. Ik ben iemand die zich op het moment zelf laat overrompelen door de situatie en vervolgens achteraf allemaal gevatte antwoorden bedenkt. Iemand die later pas inziet dat die ene actie/uitspraak van een ander echt te ver ging, maar die zichzelf dan vertelt dat het nu te laat is om daar nog moeilijk over te gaan doen. Zelfs als je geen vuur met vuur wilt bestrijden, kun je niet eeuwig brandjes blussen. Het kan geen kwaad om je grenzen aan te geven. Om te zeggen: tot hier en niet verder.

– Knak! –
Als je altijd over je heen laat lopen, komt er een moment dat je het niet meer pikt. Je kunt denken dat dat niet gebeurt. Je kunt blijven buigen, maar er komt een moment waarop je als een broos twijgje in tweeën knapt. En dan zijn er maar twee opties: je explodeert of je implodeert. Met een explosie verwoest je alles om je heen, van je relaties en professionele houding tot je stabiele basis. Met een implosie vermink je je innerlijk en zak je meelijwekkend in elkaar als een depressieve, overspannen zak aardappelen.

Hoe langer ik erover nadenk, hoe meer ik besef dat ik niet eeuwig mijn problemen weg kan lachen. Ik ben best buigzaam, maar ik wil niet breken. Ik wil geen emmer zijn die overloopt door één lullig drupje. Tijd om mijn grenzen aan te geven.

Ben jij assertief of juist helemaal niet? Heb je nog tips voor watjes zoals ik?

Foto: Tonio Vega