Weet jij wat je eet?

In mijn missie om voor Mei de nodige kilo’s kwijt te zijn waagden M en ik ons onlangs weer eens aan onze oude vriendin Sonja Bakker.  Na twee weken herinnerde ik me weer waarom Sonja en ik een paar jaar geleden uit elkaar zijn gegaan: ik vind een leven met haar uiterst onprettig. Ik ben destijds 15 kilo kwijtgeraakt met dat dieet, totdat er in het boek stond dat ik één taaitaaitje mocht. Één taaitaaitje, dat kán helemaal niet, die dingen eet je per zak. Toen onze vriendin ook nog eens zei dat je maar twee oliebollen mag met oud en nieuw en bij Life and Cooking doodleuk beweerde dat ze op verjaardagen taart at ‘want die eierkoeken komen je ook een keer de neus uit’ heb ik de relatie verbroken (en kwam ik die 15 kilo net zo hard weer aan trouwens).

Paleo-dieet
Goed, Sonja werkte dus niet voor ons, herinnerde ik me, maar wat dan? We vonden het antwoord uiteindelijk in het Paleo-dieet, oftewel het oer-dieet. Het idee achter dit dieet is dat je terug in de tijd reist en alleen voedsel eet dat onze voorouders (vóór de agrarische revolutie) aten, oftewel, onbewerkt. Geen melk, geen granen, geen suiker. Dat het werkt staat vast, vraag is natuurlijk of het gezond is. Ik denk van wel anders zou ik het niet doen, maar er zijn minstens zoveel voorstanders als tegenstanders. Immers, waar de één zegt: ‘10 duizend jaar geleden at de mens ook geen graan en dronken we ook geen melk en dat ging prima’, zegt de ander ’10 duizend jaar geleden werd de mens ook maar 35 jaar’. De waarheid ligt vast ergens in het midden. Dat de slogan ‘melk, goed voor elk’ en ‘de witte motor’ puur marketingslogans zijn en melk helemaal niet zo essentieel is als me altijd is verteld (sterker nog wij zijn het enige zoogdier dat altijd aan de borst blijft), daar ben ik inmiddels wel van overtuigd. Dat van die granen wil ik graag geloven, maar ik mis m’n aardappeltjes en brood wel (al  is mijn trek in zoetigheid ineens totaal verdwenen).

Het meest bizarre van dit dieet is voor mij echter niet het (aanzienlijke) gewichtsverlies, maar het plotselinge besef van hoe dom ik me als consument gedraag. Als ik een frikadel eet, vraag ik me namelijk af wat voor rotzooi er nu écht in zit, maar een pot appelmoes lepel ik zo op mijn bord, no questions asked. Bij het Paleo-dieet moet je goed letten op de ingrediënten, en er zijn vast veel mensen die dat doen, maar ik deed dat nooit. Het is oprecht schokkend om te ontdekken hoeveel rotzooi er zit in alles dat we eten, maar dan ook echt álles.  Fruithagel voor op je brood? 94 procent suiker, 1 procent appelsap. Niet zo vreemd dat zo’n boterham zo lekker smaakt. Ik dacht lange tijd dat ik teveel at en drastisch moest minderen. In werkelijkheid zat ik gewoon aan een suiker-infuus, eentje die ervoor zorgde dat ik ook steeds meer suiker moest eten, vandaar ook al dat gesnaai.

M’n aardappeltjes
Of dat Paleo-dieet vol te houden is? Geen idee, uiteindelijk wil ik waarschijnlijk echt wel weer gewoon lekker een boterhammetje of een fijne portie aardappels, maar onderdeel van het dagelijks dieet zal het niet meer worden.  Maar fruithagel? Jam? Appelstroop? Appelmoes? Die komen er niet meer in, althans, niet uit de winkel. M heeft die dingen (op fruithagel na) de afgelopen tijd stuk voor stuk zelf gemaakt, met biologisch fruit, zonder suiker en dat smaakte goddelijk (en is trouwens ook nog eens hartstikke gezellig).

Paleo en ik blijven misschien niet voor altijd vrienden, dat zal de tijd uit moeten wijzen. Maar suiker en ik hebben onze relatie voorgoed verbroken en het verbaast me dat ik kan zeggen dat ik mijn oude vriendje kan missen als kiespijn.