Kiki #17: ‘Even aarzel ik, maar dan denk ik: wat maakt het uit. Ik heb toch geen relatie’

Kiki Faber (25) – inderdaad het nichtje van de welbekende Floor Faber – is pas verhuisd naar de grote stad Amsterdam, waar ze met haar grote mond, impulsiviteit en chaotische gedrag genoeg dingen meemaakt. Op VIVA.nl/Kiki deelt ze elke week haar belevenissen.

Zaterdag

In een gehuurd busje rijd ik met de band naar het festival. Iedereen is supervrolijk, maar ik ben moe en chagrijnig. Ik ben bang dat ik straks op het podium klink als een ekster en ik baal gigantisch van Kees. Na die geweldige sekspartij in de keuken zei hij dat hij misschien naar het festival zou komen, maar gisteravond kwam hij naar mijn kamer en vertelde hij dit weekend toch moet werken. Kwaad zei ik dat hij voor mijn eerste optreden toch wel vrij kon nemen, en toen antwoordde hij: ‘Ik wil met jou gewoon niet in zo’n stramien komen, dat je elkaar claimt en niets kunt doen zonder overleg.’

‘Jaja, je wilt geen relatie, dat heb je al gezegd. Doe je de deur achter je dicht want ik wil slapen.’ Maar vervolgens heb ik de hele nacht liggen piekeren wáárom hij zulke vreemde ideeën over relaties heeft.
Finn geeft me een blikje cola aan. Blijkbaar kijk ik nogal somber want hij knipoogt en zegt: ‘Het gaat straks fantastisch, zeker weten.’

Stijn parkeert de bus bij een boerderij. De jongens zeggen dat ik niet kan helpen met het opstellen van de apparatuur en daarom loop ik met iemand van de organisatie mee naar een plek waar ik me kan optutten. Ik heb twee outfits bij me: een zwart jurkje, en een kanariegele jumpsuit. Als ik allebei heb gepast, kies ik toch voor de jumpsuit. Daarin lijk ik wat steviger, maar ik val in elk geval op. Ik breng een flinke lading make-up op en maak dan een paar hypervrolijke selfies voor Insta. Al snel krijg ik allerlei reacties, maar geen een van Kees. De lul! Even golft de woede door me heen tot ik bedenk dat Kees dit moment niet van me gaat afpakken.

Een uur later is het zo ver. Achter de tent slaan we de armen om elkaar heen. ‘We gaan knallen!’ zegt Jasper. ‘Break a leg!’ roepen we allemaal tegelijk en dan rennen we het podium op. Ik schrik zo van alle vreemde gezichten die ons nieuwsgierig aanstaren dat ik de eerste song te laat inzet.  Jaspers ogen voel ik woedend in mijn rug prikken. Maar na het tweede nummer zit ik er helemaal in. De muziek, mijn stem, het publiek, het voel alsof alles op een perfecte manier samenkomt.  Veel te snel is het optreden voorbij. Ik voel me zo geweldig dat het lijkt of ik een pilletje heb geslikt. Als ik achter de tent een flesje water leegdrink, spreekt Jasper me aan. ‘Het eerste nummer ging niet zo geweldig.’

Finn geeft hem een vriendschappelijk stomp tegen zijn schouder. ‘Nu niet de zeikerd uithangen, want ze zong als een engel.’
De rest van de dag trek ik op met Finn. We kijken naar andere bands, eten de vetste pizza ooit en drinken te veel biertjes. Tijdens het laatste optreden van die avond slaat hij zijn arm om me heen en zoent me. Even aarzel ik, maar dan denk ik: wat maakt het uit. Ik heb toch geen relatie.