5 dingen die je nooit moet zeggen tegen iemand met een eetstoornis

eetstoornis vragen

Net als met de meeste mentale problemen, is een eetstoornis nooit een one size fits all. Hoewel iedere eetstoornis over extreme gewichts- en voedingsproblemen gaat, verschillen de symptomen per persoon. Dat kan het best ingewikkeld maken om aan te voelen wat voor steun je geliefde nodig heeft. 

Dat is uiteindelijk een kwestie van aanvoelen, aftasten of ronduit vragen. Er zijn echter vijf dingen die je beter tegen geen enkele eetstoornispatiënt kunt zeggen – ongeacht welke vorm iemand heeft.

1. Jij een eetstoornis? Dat had ik nooit gedacht, je ziet er gewéldig uit

Je kunt aan iemand niet zien of diegene een eetstoornis heeft. Geen discussie. De meeste mensen die worstelen met een eetstoornis, zien er niet uit alsof ze ondergewicht hebben. Daarnaast weet je niet welk gewicht bij diegene past, of wat gezond of normaal is voor iemand. Een goede vuistregel is dat wat je niet zou zeggen over iemands lengte, je ook niet zegt over iemands gewicht.

2. Hoeveel ben je afgevallen?

Een eetstoornis kan ervoor zorgen dat je afvalt, maar ook dat je aankomt. Onze maatschappij is dol op voor- en na-foto’s, maar in het geval van een eetstoornis heb je een voor- en na-foto van iemands geest nodig. Bij mensen met een eetstoornis wordt iedere gedachte gedomineerd door eten of hun lijf. De echte ‘after’ is dat ze gelukkig zijn, van het leven kunnen genieten en niet meer alleen maar leven met angst. Focus op hoe iemand zich niet voelt, niet op hoe iemand eruit ziet.

3. Ugh, ik zou niet eens anorexia kunnen krijgen als ik het wíl

Het is de meest voorkomende (en best wel flauwe) grap die mensen maken over eetstoornissen. Onze cultuur is geobsedeerd door afvallen. Maar zoiets zou je ook niet zeggen tegen iemand die rouwt, kanker heeft of een scheiding doormaakt. ‘Had ik dat maar, dan zou ik ook afvallen.’ We zouden allemaal geluk te allen tijde boven dun zijn moeten verkiezen.

4. Ik begrijp helemaal wat je doormaakt, ik dronk altijd smoothies om dun te blijven

Je intenties zijn goed, maar je mist het punt. Je bent allebei het slachtoffer van de dieet-cultuur, maar haalt twee dingen door elkaar. Verdrietig zijn is niet hetzelfde als een depressie hebben. Piekeren is niet hetzelfde als een angststoornis. Wanneer je twijfelt, erken dan altijd de ander en stel een vraag. Bijvoorbeeld: ‘Dat klinkt zwaar, hoe kan ik je helpen?’

5. Grappig, ik wist niet dat jullie ook eetstoornissen kregen

Je kunt ‘jullie’ vervangen voor gekleurde mensen, arme mensen, dikke mensen, maar het punt is: zeg het niet. Rondom eetstoornissen hangt een stereotype van dunne, welgestelde vrouwen. In werkelijkheid is 40% van de mensen die een eetstoornis heeft man en raakt een eetstoornis mensen met uiteenlopende rassen, etniciteiten, sociaal-economische statussen, lichaamsvormen, geslachten en seksualiteiten. Omdat veel mensen niet in het stereotype plaatje van de witte, dunne en rijke vrouw passen krijgen ze vaak niet de hulp die ze nodig hebben. Dus als iemand je vertelt dat hij of zij een eetstoornis had, houd het dan alleen op erkenning en support.

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.

Bron: Pure wow | Beeld: Getty
VIVA's Susan wilde ooit Carrie Bradshaw worden, maar heeft nog steeds geen New Yorks brownstone-appartement, geen Manolo Blahniks en geen walk-in closet. Wél een huis in hartje Utrecht en vriendinnen die altijd ruzie maken over wie Miranda, Charlotte, Samantha of Carrie is. Houdt enorm van mensen die zichzelf niet te serieus nemen en nadrukkelijk níet van mannen die salsa dansen. Volg haar op IG via @susandalstra.