De elektrische stoel

Van de zenuwen vertel ik de assistente over mijn kiespijn van een paar maanden geleden. ‘Maar die kies is dood’ zegt ze. ‘Doder kunnen we hem niet maken!’ Ik moet hard lachen. Niet alleen om de poging tot moord op een dode kies, maar ook omdat ik de vorige keer nog een verdoving heb geëist voor de dode kies. En die heb ik nog gekregen ook.

Vol tegen mijn smoel
‘Kom maar alvast liggen, Mayke!’ De assistente is een stuk enthousiaster dan ik en bovendien zit ik nog stiekem met een tandenstoker de laatste schade te beperken. Het liefst rek ik het moment tot de elektrische stoel zo lang mogelijk. Maar ik ben aan de beurt. Dat was het dan.
Volgens mij zie ik hier een gaatje.’ Ik ben een beetje sceptisch, want mijn kiespijn van een paar maanden geleden zat aan de andere kant. Een röntgenfoto levert even later inderdaad het bewijs. ‘Kun je het zien?’ vraagt de assistente. Ik lig op mijn rug en zie alleen de zogenaamd rustgevende plafondversieringen die me achtervolgen in mijn ergste nachtmerries. Als ik me om wil draaien om het beeldscherm te bekijken, neem ik met mijn arm het zwevende tafeltje met tandartsinstrumenten mee. Vol tegen mijn smoel. Zo, nu heb ik daar in ieder geval wel pijn aan mijn kaak.

Off the record
Op dat moment komt de tandarts binnen. De assistente steekt van wal. ‘Een paar maanden geleden heeft Mayke vreselijke kiespijn gehad.’ Nee! Dat was vertrouwelijke informatie! Off the record! ‘En ik heb een gaatje gevonden’ gaat ze verder. Van achter de rug van de tandarts haal ik mijn vinger langs mijn keel om te gebaren dat ze dat niet mag vertellen, maar het is al te laat. En het bewijs is nog in volle glorie op het beeldscherm te bewonderen. Voor de tandarts. Ik zie alleen de plafondversiering, het tafeltje en een paar sterretjes. Het wordt me allemaal een beetje teveel.

Doet het pijn?
‘Wil je een verdoving?’ vraagt de tandarts. ‘Nou, volgens mij heb ik die kant van mijn gezicht net zelf al verdoofd.’ De tandarts kijkt me niet-begrijpend aan. Om tijd te rekken vraag ik: ‘Doet het pijn?’ Alsof ik het antwoord daarop niet weet. Ja, het doet pijn. Net als de vorige keer en al die andere keren daarvoor. Bij mij in ieder geval wel. Bij mij doet het al zeer als ik mijn mond open moet doen.

Met een lamme bek, trillende knietjes en een nieuwe afspraak voor over een half jaar stap ik even later naar buiten. Voor een professioneel aansteller als ik was het weer een ware martelgang. Ik troost me met de gedachte dat het de volgende keer niet erger kan zijn. Lammer dan lam kunnen ze het immers niet maken.

© Beeld: privébezit