Het tweejarig jubileum van mijn litteken

Mijn litteken is deze week twee jaar geworden. Ik gaf geen feestje, al helemaal niet zo’n feestje waar je met zwemspullen wordt verwacht en waar je met een volle buik thuis wordt gebracht. Nee. Ik haat mijn litteken.

Twee jaar geleden viel ik door een glazen deur. Dramatisch it is. Ik gaf de deur een te harde duw en omdat ik mijn eigen krachten toen nog niet onder controle had, brak het glas. Er viel een stuk glas op mijn gezicht. Ik gilde want het bloed spoot eruit. Mijn moeder gilde ook en kon door het bloed niet zien wat er precies aan de hand was. Ze dacht nog dat mijn neus eraf gehakt was. Dacht ik zelf ook even voor een momentje.

Op weg naar de EHBO zag ze dat het een sneetje was van twee centimeter. Maar wél midden in mijn gezicht. Het werd gehecht, heel netjes, en er werd gekletst over de McDreamy van dat ziekenhuis. Niet heel vervelend.De dag daarna had ik een feestje. Ik had een feestje en ik had een mooi jurkje voor dat feestje. Ik had een feestje en ik had dat mooie jurkje aan en vieze, bebloede hechtpleistertjes in mijn gezicht.Omdat ik nog niet bang genoeg was van glas, trapte ik een paar weken later in het glas tijdens een feest op het vreselijke Kreta. Op Kreta hechten ze niet met verdoving.

Ik haat mijn litteken. En je ziet hem nu amper. Dat heeft best lang geduurd. Hoe vaak ik niet te horen kreeg “Wat heb jij daar?” of “Ieh je hebt een litteken!”Ik dacht altijd dat ik het minder erg zou gaan vinden, zelfs wel stoer. Maar dat is dus niet zo. Ik dacht ook altijd dat er geen mensen zouden bestaan die eraan zouden zitten. Wel, die bestaan. Hoop nog steeds dat er wild vlees omheen gaat groeien, zodat het wat afschrikt.

Walter vindt het mooi. Hij tekende vroeger meisjes met rode haren, zwaarden en littekens. Ik heb het allemaal. Rood haar. Een zwaard (een klein goud hangertje, geen echt). En een litteken.

© foto: Robin Smits