Ik slik het niet meer!

De pil: sinds veertig jaar het kleinste en beste vriendje van de moderne vrouw. Vrijheid en geluk voor vrouwen over de hele wereld! We hoefden opeens niet meer te trouwen na een hitsige nacht, elk jaar met tegenzin een kind baren was in een klap overbodig.

Vrouwen konden carrieres maken én een seksleven hebben, en dat allemaal dankzij een vernuftige hormooncocktail. Ik ben héél dankbaar voor wat de pil heeft gedaan voor ons dames, absoluut. Maar ik slik het niet meer; mijn stripje ligt troosteloos in het toiletkastje, bedekt met een klein laagje stof.

Mijn relatie met de pil was eigenlijk altijd al slecht: op mijn twintigste begon ik aan de lange lijdensweg met een driefasenpil. Trots als een pauw haalde ik drie dozen op bij de apotheek: nu hoorde ik eindelijk bij het stoere vrouwenleger aan pillenslikkers mét een seksleven. Maar al de tweede maand ging het mis; middenin mijn cyclus bleef ik gezellig logeren bij mijn vriendje, en vergat ik straal die strip mee te nemen.

Geen zorgen, ik slik er gewoon twee tegelijkertijd, dacht ik nog optimistisch. Maar toen ik een paar dagen later met mijn hoofd boven de wc hing wegens een heftige buikgriep, begreep ik dat ik deze maand volledig overgeleverd was aan de goden, want de pil had ik zojuist uitgekotst.

Vanaf dat moment leefde ik met een tergende onzekerheid, want op een of andere manier lukte het me maar niet om braaf die pil te slikken. En dan de bijwerkingen; die extra cupmaat was natuurlijk helemaal leuk, maar ik hield ook vier kilo vocht vast, geconcentreerd op mijn dijen en buik.

Het ging (gelukkig) uit met mijn vriendje, en na een pilvrije maand was ik weer mezelf, heerlijk!

Mijn volgende vriend was heel goed met rubber, dus hoefde ik niet aan de pil. Maar op een gegeven moment lag het dan toch voor de hand dat ik weer aan de hormonen ging. Ik begon weer aan een strip en hatseflats, de kilo’s knalden er aan. Bovendien ontwikkelde ik een heel slecht humeur; ik had eigenlijk alleen nog maar zin om van een flatgebouw af te springen, of, nog beter, iemand van een flatgebouw af te duwen.

Knetterdepressief sleepte ik me de dag door, om ‘s nachts alleen nog maar zin te hebben in een diepe REM-slaap. Ik moest er gewoon niet aan denken met mijn blubberlijf nog een beetje de liefde te gaan bedrijven. Een overeffectief anticonceptiemiddel dus, de pil, want ik deed het praktisch nooit meer. Maar tja, een koperspiraaltje, dat klinkt zo industrieel, en zo’n implantaat gaat soms ‘wandelen’ door je lichaam, ook niet ideaal als je stiekem ergens ver weg toch een kinderwens hebt. En dus bleef ik slikken, totdat ik weer single was.

Begin dit jaar probeerde ik het nog één keer, nu met Mercilon. De bijwerkingen vielen best mee, behalve een sluimerend somber gevoel. Maar ik bleef die verdomde pil op gezette tijden vergeten, waardoor ik minstens een keer twee maanden gestresst naar een predictorstick zat te turen- als je een beetje paranoide bent aangelegd, zie je opeens overal een blauw streepje in.

Alle ellende is volgende week eindelijk voorbij, want ik ben eindelijk naar de huisarts gegaan om mijn beklag te doen over die rotpil. Ze hoorde mijn relaas aan en had een eurekamoment. ‘Het mirenaspiraaltje’, riep ze vrolijk. ‘Dat is echt wat voor jou.’ Met een spiraaltje hoef je noot meer na te denken over of je wel je pil hebt geslikt, bovendien worden veel vrouwen NOOIT meer ongesteld, en zijn de hormonale bijwerkingen gering, zo somde mijn huisarts de voordelen op. Dat klonk als een ticket to heaven.

Volgende week heb ik de afspraak, dan lig ik met mijn benen in in de beugels in de naam van vrijheid en geluk. Het schijnt een vreselijke beproeving te zijn, het inbrengen van een spiraaltje, maar ik heb het er voor over. Toch blijft het voor mij een raadsel hoe al die andere vrouwen het wél volhouden met de pil.

Ligt het nou aan mij, of is de pil nou gewoon een onding, waar wij vrouwen snel van af moeten?

© foto: SXC.HUr