Emilie stapte uit de Jehova’s getuigen: ‘Ik moest voor mezelf kiezen’

Jehova’s getuigen

Emilie (39) raakte in één klap haar vrienden en familie kwijt toen ze uit het geloof stapte, en ze verkeek ook nog eens haar kans op het eeuwige leven. ‘Het is jammer dat mijn ouders niet kunnen zien hoe mooi mijn leven nu is.’

‘Mijn hele leven had in het teken gestaan van de Jehova’s getuigen. Maar op mijn 32ste kon ik niet meer. Ik stapte eruit om een nieuw bestaan op te bouwen. En waar ik bang voor was geweest, gebeurde ook: van het ene op het andere moment bestond ik niet meer voor mijn familie en vrienden. Als ze me op straat zagen, keken ze weg. Maar ik kon niet anders, ik moest voor mezelf kiezen.’

‘Ik kreeg het geloof met de paplepel ingegoten, aangezien mijn ouders al jaren Jehova’s getuigen waren. We gingen als gezin drie keer per week naar bijeenkomsten in onze kerk, die wij de Koninkrijkszaal noemden. We leerden daar vooral hoe we het beste het woord van Jehova, onze naam voor God, moesten verkondigen. Dat was onze taak. Vaak werden er rollenspellen gespeeld in voorbereiding op het langs de deuren gaan. Zo leerden we op alle vragen die mensen ons konden stellen een antwoord te hebben. Ik ging als klein meisje al met mijn ouders mee. Ik weet nog hoe ik elke deur spannend vond. Meestal zeiden mensen geen interesse te hebben en gooiden ze de deur dicht.’

‘Maar mensen konden ook boos worden, vooral als ze mij zagen. ‘Hoe kan je dit je kind aandoen,’ riepen ze dan. Ik denk dat veel mensen niet begrijpen dat Jehova’s getuigen veel goede bedoelingen hebben. Wij geloofden dat God binnenkort zou ingrijpen op aarde en alleen de Jehova’s getuigen zou sparen. Die mochten dan eeuwig in het Paradijs wonen. Daarom deed ik ook knetterhard mijn best toen ik op mijn tiende zelf langs de deuren begon te gaan. Voor mij stond de wereld in brand en ik kon deze mensen redden.’

‘Dat ik anders was dan leeftijdsgenootjes besefte ik al vrij jong. Op school mocht ik bij verjaardagen geen traktaties aannemen. En als de klas rond Sinterklaas een pietenkleurplaat kreeg, moest ik als enige iets met matroosjes inkleuren. Maar ik voelde me hierdoor niet zielig. Ik leerde dat meedoen aan die feestdagen Jehova heel erg verdrietig maakte. Dat wilde ik natuurlijk niet. Dus het voelde eerder als een trots dat het mij gelukt was om al die leuke dingen niet te doen. Maar ik viel hierdoor buiten de groep op school en werd behoorlijk gepest met het anders-zijn. ‘Dat hoort er voor ons nu eenmaal bij’, zeiden mijn ouders tegen me. Want Jehova vroeg veel offers van ons. Mijn ouders probeerden het wel voor me te verzachten. Zo mocht ik op de trouwdag van mijn ouders op school trakteren. Maar ik bleef natuurlijk anders dan de kinderen uit ‘de Wereld’.’

Lees ook:
Brenda is met hiv geboren: ‘Het verbaast me hoe weinig mensen weten’

Langs de deuren

‘Ik was zestien jaar oud toen ik merkte dat ik gevoelens kreeg voor meisjes. Ik raakte meteen in paniek. Homoseksualiteit is volgens Jehova’s getuigen namelijk iets onnatuurlijks dat je door de buitenwereld en de media is aangeleerd. Om daarvan af te komen, moet je extra je best doen voor Jehova. Deze bevrijdt je dan van die gevoelens. Zo stond dat tenminste in de boekjes die wij moesten leren. Ik was al iemand die heel serieus bezig was met langs de deuren gaan, maar nu werd ik nog fanatieker. Ik ging pionieren. Dat houdt in dat je tachtig uur per maand langs de deuren gaat. En ik drukte alle gedachten die ik over mijn seksualiteit had zo ver mogelijk weg.’

‘Toen ik op mijn 22ste een jongen uit de gemeenschap leuk begon te vinden, was ik dan ook ontzettend opgelucht. Misschien was dit het resultaat van al mijn inzet om van die lesbische gevoelens af te komen, zei ik tegen mezelf. We trouwden binnen een jaar na ons eerste afspraakje. Het huwelijksfeest was fantastisch, maar zodra we als getrouwd stel moesten leven, bleken we geen goede match. Mijn man had een behoorlijke bagage uit zijn jeugd en kon heel boos worden. Op die momenten werd ik juist erg stil en dat maakte hem dan nog bozer. Ik weet nog dat hij me voor de eerste keer sloeg. O nee, dacht ik, als ik dit toelaat, wordt dit mijn leven. Maar ik wist niet wat ik moest doen. Binnen de Jehova’s getuigen is mishandeling geen reden om uit elkaar te gaan. ‘Het is jouw schuld dat ik zo doe’, zei mijn man als hij me had geslagen. ‘Je moet beter je best doen.’ Als je dat maar vaak genoeg hoort, ga je erin geloven. Dus probeerde ik beter mijn best te doen voor Jehova en ons huwelijk. Ik cijferde mijn gevoel zo veel mogelijk weg.’

Tekst: Michelle Iwema | Foto: Dirk-Jan van Dijk

Het hele verhaal van Emilie en haar leven als Jehova’s getuige lees je in VIVA-16-2021.
Deze editie ligt vanaf 21 april in de winkel of lees je hieronder verder via Blendle. 

» LEES VERDER VIA BLENDLE «

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken, linken wij je door naar Blendle om het hele artikel te lezen. Dit is een online platform waar je betaalt per artikel – in de meeste gevallen een paar dubbeltjes – en de journalistiek mee steunt. We hopen te kunnen rekenen op je begrip! 

VIVA nieuwsbrief

Iedere week de leukste nieuwsbrief van Nederland in je mailbox?