Marlinde kreeg huidkanker: ‘Ik smeerde me in met olijfolie en ging liggen sudderen in de zon’

huidkanker zonnen

Marlinde (33) bakte er sinds haar tienertijd lustig op los. Alles om bruin te worden. Tot ze een gek plekje op haar been ontdekte.

Tekst: Liesbeth van Oeseburg | Beeld: Dirk-Jan van Dijk

‘Een zongebruinde huid met een wit 
randje van je bikini: ik vond het als tiener 
al prachtig. Je ziet er nu eenmaal frisser en gezonder uit met een zomerse teint. Met mijn vrij lichte huid dacht ik eerst te moeten verbranden voordat er een bruine kleur kon ontstaan. Een korte periode ging ik zelfs de zon in met een laag olijfolie op mijn huid. In een tijdschrift had ik gelezen dat je daardoor extra snel bruin zou worden. Citroensap in mijn haar en hup, lekker bakken. Ja, juíst tussen twaalf en drie, wanneer de zon op zijn sterkst was. Puffend van de hitte bleef ik op mijn zonbedje liggen en dacht: even doorzetten. Het branderige gevoel dat ik daarna had op mijn huid gaf me een goed gevoel. Voor mij het bewijs dat ik een kleur had gekregen. Ik weet nog dat ik op vakantie in Tunesië een snelbruinende olie kocht 
met factor twee. Ik begon ‘hoog’, met factor vijftien, maar bouwde snel af.
Ik ben in al die jaren heel vaak verbrand. Regelmatig stapte ik met een vuurrode huid ’s avonds in bed. Als ik me dan ’s nachts omdraaide, dacht ik wel: wat heb ik gedaan? Maar de volgende dag besloot ik dan doodleuk dat ik nog best met mijn voeten of hoofd in de zon kon. Ik stond totaal niet stil bij wat voor schade ik aanrichtte aan mijn huid. Mijn ouders wezen me regelmatig op de gevaren van overmatig zonnen, maar ik nam niets van ze aan. Mijn moeder smeerde me als kind altijd goed in. Maar toen ik een tiener en puber was, ging het thuis niet zo goed en was ik vaak alleen. Er was weinig zicht op mij, ik deed waar ik zin in had.’

Verdacht plekje

‘Ook als jongvolwassene zag ik geen kwaad in mijn zongedrag. Tussen mijn twintigste en dertigste jaar zonde ik iets bewuster, maar meer omdat ik niet zo’n lederhuid wilde krijgen. Al vond ik het ook verschrikkelijk als ik van vakantie thuis kwam en mensen zeiden dat ik nog wit zag. Hoe treurig het ook klinkt, bruin worden was een van mijn belangrijkste doelen op vakantie. Als mensen vonden dat ik er gezond en ontspannen uitzag, was dat een boost voor mijn zelfvertrouwen. Ik vermeed nu de heetste uren van de dag, maar lag 
’s ochtends en aan het eind van de middag trouw te zonnen. Ook zweerde ik de olijfolie 
af en gebruikte zonnebrandcrème met een SPF. Geen factor vijftig en puur omdat ik de pijn van een verbrande huid wilde voorkomen. Bij het risico op huidkanker heb ik nooit stilgestaan. Ik ging ook nog naar de zonnebank. Thuis hadden we een zonnehemeltje waarmee ik mijn kleur bijhield 
na de vakantie. Later ging ik samen 
met mijn toenmalige vriend soms wel elke week naar de zonnestudio voor de turbobruiner. Mét een gezichtsbruiner en een snelbruinende crème. Ook daar ben ik vaak verbrand. 
Als ik nu foto’s van mezelf terugzie, lijk ik 
op zo’n typje uit Jersey shore. Zelfs hartje winter was mijn huid zomers bruin.
Ik was 28 toen een onduidelijke plek op mijn kuit me steeds meer ging storen. Het was een soort bruine sproet die dikker, grilliger en groter werd. Ik krabde hem 
weleens per ongeluk open. Ik had vaker moedervlekken laten weghalen, maar altijd vanuit ijdelheid. Deze vond ik ook lelijk, dus hij moest weg. De dermatoloog zag direct dat het niet in orde was. ‘Dit moeten we zo snel mogelijk weghalen,’ zei hij verontrust. ‘Ja, maar ik ga volgende week op vakantie,’ antwoordde ik nog. Hij benadrukte dat het er echt niet goed uitzag en wilde dat ik de plek binnen een week zou laten verwijderen. Zelfs toen begreep ik niet wat hij met ‘niet goed’ kon bedoelen. ‘Dat gaat niet, want ik moet op vakantie,’ hield ik koppig vol. Ik wist van de vorige 
keren dat je niet met hechtingen in de zon en het water mocht. Ik zag de noodzaak niet, legde niet de link met een melanoom. Als ik dit 
zo vertel, besef ik hoe absurd het was. Zelfs 
de assistent van de dermatoloog vroeg me of ik zeker wist dat ik 
zo lang wilde wachten. Belachelijk vond ik dat. Waar bemoeiden ze zich toch mee? Ook mijn vriend sloeg geen acht op de woorden van de huidarts, omdat ik het zelf zo bagatelliseerde. ‘Goed dat je een afspraak hebt,’ vond hij. ‘Horen we na de vakantie 
wel wat het is.’

Het hele verhaal van Marlinde lees je in VIVA 31. Bestel het blad hier of lees het stuk online via Blendle.

»HET HELE ARTIKEL LEES JE HIER OP BLENDLE «