Maakt de pandemie lamlendig? We voelen ons massaal mwèh

pandemie

Het einde van de pandemie lijkt in zicht, toch voelen velen van ons zich steeds vaker mwèh. Hoe komt het en, vooral, wat kun je doen om uit deze lamlendige fase te komen?

Je durft het bijna niet meer te vragen dezer dagen: hoe gaat het met je? Antwoorden als: ‘Het moet maar’, ‘Het is wat het is’, ‘Oké, ofzo’ of een zuchtend en een uit al de poriën schreeuwend ‘Mwèèèh’ kwamen de afgelopen tijd regelmatig voorbij. Maar ook die voorheen zo nonchalante vraag zelf beantwoorden vond ik niet altijd even makkelijk. Voelde ik me goed, dan voelde ik me schuldig naar mijn wandelvriendin toe die wel in een coronadip zat. Voelde ik me mwèh dan moest ik niet zeiken van mezelf, want je zou maar: ziek zijn, je baan kwijt zijn, iemand verloren hebben of vul maar in.

Wat ik de laatste maanden veel hoor, is dat mensen zich steeds moeilijker kunnen concentreren. Dat ze zich duf en sloom voelen, vergeetachtig zijn en zich leeg voelen. Er blijkt zelfs een mooi Engels woord te zijn voor dat lamlendige gevoel dat we collectief ervaren: languishing. Het is geen burn-out, ook geen depressie, maar een algeheel gevoel van vreugdeloosheid en doelloosheid. Het is alsof we bevroren zitten in de tijd en niet voor- of achteruit gaan. En we slepen ons door de monotone dagen; alsof je door een beslagen raam kijkt. Volgens de New York Times is dit zelfs het overheersende gevoel van 2021.

Concentratie uit slofzolen

Herkenbaar, vindt Lola (32). De MBO-docente geeft al veertien maanden les via een scherm. ‘Aan het begin van de pandemie heb ik snoeihard gewerkt. Er moest een tandje bij, want ik moest mijn studenten door het scherm aan m’n keukentafel trekken om ze erbij te houden. Dat ging goed, maar nu moet ik mijn concentratie écht uit mijn slofzolen halen. Ik vergeet dingen en maak veel tikfouten.’

‘Ook bij de studenten is de rek eruit; ook zij kunnen zich veel minder goed concentreren. Ik voel me als een uitgekauwd kauwgompje; er zit geen smaak meer aan. Er zijn weekenden bij dat ik helemaal niets doe, dan moet ik opladen en bijkomen. Ik kan het alleen maar vergelijken met de Dam tot Dam-loop die ik ooit liep: de laatste vijf kilometers waren het zwaarst.’

Lees ook:
De kortste weg naar geluk met de vijf R’en-methode

Finishlijn

Is het zo dat we, nu we bijna bij de finishlijn zijn, massaal instorten of is er iets anders aan de hand? Psycholoog, stressexpert en auteur van onder meer Werk kan ook uit Thijs Launspach denkt het laatste. ‘We hebben het afgelopen jaar met een heel vreemde situatie te maken gehad. Iets wat begon als een noodsituatie en kort zou duren, is een uitputtingsslag gebleken waar geen eind aan lijkt te komen. En hoe langer dat duurt, hoe meer mensen uitgeput raken. Dat heeft niets te maken met dat de finishlijn in zicht is, want ook dát kan nog heel lang duren.’

‘Het is de uitzichtloosheid, het geen controle hebben en toegenomen stress over de toekomst. Veel mensen zitten dagen achter de computer en zijn de Zoom-gesprekken meer dan zat. Logisch, want die zijn een stuk vermoeiender dan het voeren van echte gesprekken. Werkgevers en collega’s plannen ook makkelijker dan normaal vergadering na vergadering en die hoeveelheid put uit. Daarnaast is voor alle functionele dingen van werk een volwaardig digitaal alternatief gekomen, maar voor de leuke dingen van werk waar je energie van krijgt, zoals de gezelligheid en het sociale aspect, is geen oplossing gekomen.’

Zo(om)-moe

Begin niet over Zoom met Benthe (38). De manager van een creatief bureau hopt dagelijks van call naar call en weet niet meer waar ze de creativiteit vandaan moet halen. ‘De frisse moed van de beginfase van de pandemie is volledig verdwenen. Online vergaderingen gaan steeds moeizamer, er ontstaan veel meer onduidelijkheden en irritaties. En ik merk dat ik zelf ook steeds sneller geïrriteerd raak. Mijn motivatie is ver te zoeken en ik kom steeds later uit bed: elke dag is toch hetzelfde. Ik moet echt heel erg mijn best doen om geconcentreerd te blijven en ik verdwaal binnen no time in Instagram- en nieuwsberichten. Als ik naar de keuken slof, weet ik niet meer wat ik daar doe.’

‘Het moeilijkste vind ik nog wel dat ik totaal niet meer geïnspireerd raak en daardoor niet meer creatief ben, iets wat heel belangrijk is voor mijn werk. Etentjes met vrienden in nieuwe restaurants, stedentrips en bezoeken aan musea en cultuurinstellingen; die inspiratiebronnen zijn volledig opgedroogd. Ik wandel wel veel en sport in het park, maar ik voel me totaal onderprikkeld. Alles is zo godvergeten saai!’

Minder productief

Freelance grafisch vormgever Marieke (27) is nog wel creatief, maar steeds minder productief. ‘Creatieve ideeën heb ik nog wel, maar zin om ze uit te werken? Nee. Het is net of mijn brein die verbindingen niet meer kan maken. Normaal vind ik het lekker om hup, om negen uur, direct achter de computer te zitten en aan de slag te gaan. Nu heb ik drie uur nodig om op te starten. Ik voel me uitgeput.’

‘Voor de pandemie had ik ook wel eens een week dat ik minder energie had, maar nu werk ik al twee maanden soms niet meer dan vier uur per dag. Soms staat een klein taakje dat ik moet doen wel een maand op mijn to do-lijst. Om weer wat productiever te worden, ben ik wat strenger voor mezelf geworden. Ik probeer genoeg te slapen en minder te drinken. De afgelopen maanden was dat opgelopen tot drie à vier keer per week een wijnfles opentrekken, nu doe ik dat maximaal één keer per week. Daardoor ga ik me vast ook fitter voelen… hoop ik.’

Het hele verhaal lees je in VIVA-20-2021. Deze editie ligt vanaf 19 mei in de winkel.
Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken. We hopen te kunnen rekenen op je begrip!

VIVA nieuwsbrief

Iedere week de leukste nieuwsbrief van Nederland in je mailbox?

Tekst: Jessica van Zanten | Beeld: Getty