Pillenslikkers

Een pilletje tegen de hoofdpijn, nog een tegen buikpijn, weer een ander tegen kramp. En als we dan toch bezig zijn: ook nog een voor de weerstand en een die afslanken bevordert. Slikken we niet te veel medicijnen?

Pak een pil
Je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel een pilletje voor. Paracetamol, ibuprofen, Rennies en Advil – om er maar een paar te noemen –  liggen standaard in onze keukenkastjes, klaar om ingenomen te worden bij de eerste tekenen van pijn. En dat zijn nog de pillen waarvan we weten dat het ook echt iets doet. Pillen die pijn daadwerkelijk kunnen verminderen. Maar dan heb je ook nog de beroemde placebo’s.

Schijn
Placebo’s zijn medicijnen die eigenlijk niets doen, maar toch ook weer wel omdat we onszelf beter denken. Iemand heeft hoofdpijn, neemt een pil, en denkt dan dat het medicijn de hoofdpijn vermindert, waardoor de persoon in kwestie ook echt minder last heeft van hoofdpijn. Een wonderlijk fenomeen, vind ik zelf. Een prachtig systeem dat laat zien hoe gek ons lichaam eigenlijk in elkaar zit.

Gezond
Toch liggen sommige placebo’s onder vuur. Van vitaminepillen en homeopathische medicijnen is helemaal niet bewezen dat het écht iets doet, dus waarom neemt men het dan massaal in? Ook ik kauw elke dag op een drietal kleine gele vitaminepilletjes die beloven mijn weerstand te verhogen. Helpt het echt? Ik denk het niet, maar ik voel me er wel een stukje gezonder door.

Te veel
Mijn beide ouders waarschuwden me altijd voor het innemen van teveel medicijnen. ‘Alles heeft een bijwerking Emmy’, zo klonk het altijd. Ze werken beide in de gezondheidszorg en hebben zodoende veel meer verstand van medicijnen dan ik. Daarom wend ik me niet direct tot paracetamol bij de eerste tekenen van hoofdpijn en als ik buikpijn heb grijp ik niet onmiddellijk naar de Advil. Want de grote hoeveelheden medicijnen die we slikken, zijn echt niet altijd goed voor ons.

Bron foto: epsos.de