Faya verlaat haar doodzieke vriend: ‘Je kunt nu eenmaal niet altijd de held zijn’

Uit elkaar gaan als je relatie niet lekker loopt? Daar heeft iedereen begrip voor. Maar je partner verlaten omdat hij doodziek is? Dat ligt wel even anders. Toch gaat 
Faya (24) dat doen.

Tekst Vivienne Groenewoud

‘Een nieuwe relatie is een aaneenschakeling van eerste keren die zorgen voor een opwindende mix van zenuwen, onzekerheid en blijdschap. De eerste date, de eerste aanraking, de eerste zoen, de eerste keer seks. Misschien zelfs voor het eerst samenwonen. Fijne dingen die je dichter bij elkaar brengen en die je laten fantaseren over een mooie toekomst samen. Voor Bob en mij was dat niet anders. Maar waar je niet aan denkt bij een nieuwe liefde, laat staan over fantaseert, zijn dingen als: voor het eerst samen naar de oncoloog. De eerste ronde chemo. 
Of de eerste dag waarop je hoort dat je 
prille liefde kanker met uitzaaiingen heeft.
Bob en ik waren een halfjaar samen toen we hard van onze roze wolk naar beneden vielen. Tot op dat moment was onze relatie het schoolvoorbeeld van een modern sprookje. 
Ik kan natuurlijk een romantisch verhaal bedenken, maar de waarheid lijkt me prima: we waren een match op Tinder. Ik ben zelf heel ambitieus. Hij ook, stond in zijn profiel. Toen we begonnen te chatten, merkte ik al snel dat we op veel andere gebieden ook hetzelfde in 
het leven stonden. Dezelfde dingen wilden: carrière maken, veel reizen, en gelukkig had Bob net als ik geen kinderwens. Niet dat we 
al heel serieus met elkaar waren. Het zijn gewoon van die dingen die je bespreekt om elkaar beter te leren kennen. In werkelijkheid was onze relatie nog in het ‘lang leve de lol’stadium van festivals aflopen, spontane seks op openbare plekken en veel, heel veel feesten.’

Foute boel

‘Bob was net zo’n energiebom als ik, iets wat 
ik heel aantrekkelijk vond. Het woord ‘samenwonen’ viel voorzichtig, omdat ik toch bijna elke dag bij hem sliep. Onze levens pasten perfect bij elkaar, maar op een gegeven moment merkte ik dat Bob veranderde. Hij leek steeds vaker niet meer zo veel zin te hebben om leuke dingen te doen, en koos er regelmatig voor om afspraken af te zeggen en in het weekend thuis te blijven. Hij was vaak moe, zelfs zo erg dat hij ’s ochtends na het douchen het liefst direct weer terug naar bed ging. In het begin plaagde ik hem daarmee. Ik grapte dat ik wel begreep dat hij het liefst de hele dag samen met mij in bed lag, maar dat er wel gewerkt moest worden. Maar het was geen smoes of aanstellerij. Toen Bob ook last kreeg van maagpijn en bijna geen eten meer binnen kon houden, besloot hij naar de huisarts te gaan. Die stuurde hem door voor een aantal tests en een echo. Hoewel Bob had verwacht dat het ging om een vitamine- of ijzertekort of iets anders simpels, moest hij ineens met spoed terug naar het ziekenhuis voor een gastroscopie: een onderzoek waarbij ze met een slang door je mond naar binnen gaan om daarmee de binnenkant van de maag te kunnen bekijken. Omdat het nogal een rottig onderzoek is, ging ik met hem mee. Direct na het onderzoek werd ons verteld dat er iets was wat tegen Bobs maag aandrukte en dat er een CT-scan zou volgen. Ik dacht: dit is foute boel. En dat was het ook. Heel fout. Bob bleek een tumor te hebben en een grote ook. Vanaf dat moment veranderde alles. De eerste maand waren we denk ik nog te erg in shock om ons echt te realiseren wat Bobs ziekte betekende. Ik heb niet eens gehuild. Ik denk omdat ik te veel bezig was met het troosten van Bobs familie. Hij vond het zelf lastig om met het verdriet en de bezorgdheid van zijn ouders en zijn zus te dealen, dus als ze belden, liet hij de telefoon meestal door mij beantwoorden. Ik was denk ik de buffer tussen hem en de overvloed aan emotie die op hem afkwam, maar ik voelde me niet echt prettig in die rol, al liet ik dat niet merken. Nog steeds leefden we in een soort vreemde dimensie tussen hoop en vrees waarin we op de automatische piloot allerlei ziekenhuis afspraken afliepen. En al die tijd hadden we nog het idee: dit komt goed. Het is een hobbel, maar over niet al te lange tijd kunnen we weer verder met ons ons leuke, zorgeloze leventje. 
Maar dat moment kwam niet. Er kwam wel iets anders: uitzaaiingen. Heel hard gezegd: door het stadium van de ziekte waarin Bob zit, is de kans dat hij over vijf jaar nog leeft ongeveer vijfentwintig procent. Weinig, maar niet geheel onrealistisch. Of hij een toekomst heeft die zich verder uitstrekt dan een paar jaar, is dus onzeker. Maar wat wel zeker is, is hoe de toekomst die Bob heeft eruit zal zien: vol behandelingen, ziekenhuizen en fysieke aftakeling.’

Een en al ellende

‘En nu ga ik dus iets zeggen wat ik heel erg vind, maar wel de waarheid is: ik zie mezelf dat niet samen met hem doen. Ik weet het, het klinkt verschrikkelijk. En natuurlijk zou het anders zijn als Bob en ik al jaren samen waren. Ik heb heus wel een hart. Maar ik zie een duidelijk verschil met een situatie waarin je samen al echt iets hebt opgebouwd en je zielsveel van je partner houdt. Ik heb gevoelens voor Bob, maar om te beweren dat het liefde is? Daarvoor is het veel te vroeg. Ik sluit niet uit dat het liefde had kunnen worden, maar ik ben altijd al een nuchter mens geweest. Ik zie mezelf gewoon niet in de rol van de zichzelf wegcijferende, geduldige verzorgster. Zeker niet in deze situatie, waarin ik weet dat die rol niet tijdelijk is en de uitkomst onzeker. En ook het hele proces zelf is niet mooi, maar een en al ellende. Wat zo’n fucking The fault in our stars film ook laat zien.

 

» LEES VERDER VIA BLENDLE «

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken, linken wij je door naar Blendle om het hele artikel te lezen. Dit is een online platform waar je betaalt per artikel – in de meeste gevallen een paar dubbeltjes – en de journalistiek mee steunt. We hopen te kunnen rekenen op je begrip! 

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.