Vijftig euro aan vertrouwen

Vaak realiseer ik me dat de wereld nog lang niet aan alle kanten rot is. Geluk en mededogen zijn overal te vinden, zeker in die kleine momentjes.

Vijftigje in mijn broekzak
Terug naar gisteren. Ik ben met een vriend in één van mijn favoriete koffietentjes. Voordat ik de koffie èn bijbehorende lekkernijen bestel, besluit ik nog even naar het toilet te gaan. Mijn reuzeportemonnee laat ik in mijn tas om mijn handen vrij te houden voor het dragen van al het lekkers (greedy, greedy, greedy), dus stop ik een vijftigje in mijn broekzak. Als ik voor de counter sta, kom ik er tot mijn grote schrik achter dat het geld er niet meer is. Ik ren terug naar het toilet, waar een allervriendelijkste meneer (mijn all time hero) al klaar staat met mijn vijftigje in zijn hand, een brede glimlach en: “dit kan alleen maar van jou zijn.” Met het schaamrood op mijn wangen: “Dank u, dank u, dank u!”

Blind van idealisme
Door allerlei nare verschrikkelijkheden zouden we zomaar het vertrouwen in de mensheid kunnen verliezen. Maar dat weiger ik. Ook in oorlogen staan er helden op. Jouw oom, mijn buurman, die vreemdeling op straat, ze zijn er. Mensen in alle lagen van de samenleving die mijn hart verwarmen, me inspireren en me de kracht geven net zo te zijn als zij. Niet alleen zeggen, maar ook doen waar ik achter sta en waar ik in geloof. Bijna blind van idealisme voor een betere wereld gaan. En waar begint een betere wereld dan bij mezelf? Iedere verandering begint bij onszelf. Mijn motto als karate-instructeur, docent yoga, schrijfster en mens.

Geen pinpasjes, niets
Later die dag, langs het Rotterdamse Museumpark onderweg naar een afspraak, word ik staande gehouden door een ietwat smoezelige man met Australisch accent. Na een onsamenhangend verhaal begrijp ik dat zijn backpack de dag ervoor gestolen is, hij de nacht op een bankje door heeft gebracht en dat hij naar een ambassade in Den Haag moet. Hij heeft geen pinpasjes, niets. En niemand wil zijn geld met hem ruilen voor euro’s. Ik vraag hoeveel hij nodig heeft en geef hem de vier euro. Bij de overhandiging zie ik hoe zwart zijn handen zijn, maar ik wens hem heel veel succes en een fijne dag.

Een gokje
Natuurlijk, hij kan een junk zijn met een prietpraatje. Of ik kan iemand echt uit de brand hebben geholpen. De kans op het tweede is me de gok graag waard. Onbaatzuchtige acties is wat ons definieert. Het geloof dat we niet volledig voor onszelf leven, maar allemaal op een manier met elkaar verbonden zijn en we in staat zijn een helpende hand te bieden, maakt me gelukkig. Wat zou het leven troosteloos zijn als ik niet naar die paar euro’s kon grijpen omdat ik verteerd was van wantrouwen. Trouwens, ik heb toch al minstens vijftig euro aan vertrouwen gewonnen. Nog zesenveertig euro te gaan. Wie maak ik blij?

© Beeld: Chantal Straver