Winkelcentrummensen

Met handen vol tassen en een te warme jas door een winkelcentrum struinen is al niet bepaald mijn hobby. Gelukkig kom ik altijd massa’s mensen tegen die houden van slenteren, kinderwagens tegen me aanduwen en abrupt voor mijn neus stilstaan.

Onderhuidse angst
Het is niet zozeer mijn haast als mijn eigen natuurlijke wandel(sprint)tempo waarom ik me zo aan het geslenter erger. Ook is het niet mijn onderhuidse en verdrongen angst om in de weg te staan en ik me daardoor dus zou kunnen ergeren aan het feit dat andere mensen simpelweg maling aan anderen hebben. Ik snap heel goed dat niet alle mensen in staat zijn het op een sneldraf te zetten, of daar heel veel zin in hebben. Zeker van ouden van dagen en mensen die zichtbaar of onzichtbaar kampen met fysieke beperkingen.

Softijsje met discodip
De haast die ik met mijn heen-en-weer geren bijna lijk te promoten is vaker niet dan wel ergens voor nodig. Mensen die genieten van het niets doen, etalage na etalage vol aandacht willen bekijken, het liefst met een softijsje met discodip en een jengelend kind aan een arm, moeten vooral doen wat ze willen doen. Zich niets aantrekken van mijn geërgerde gezicht als ik op een bepaald moment ingesloten word van alle kanten en er niets anders rest dan stilstaan, mijn zware tassen aan mijn armen laten bungelen om pas weer een stap te zetten zodra er een opening verschijnt.

Van binnenuit beperkt
Het was toen ik jaren geleden van de één op andere dag bijna niet meer kón lopen en dat ik geforceerd langzaam voetje voor voetje moest zetten. Het was mijn eerste en enige echte MS-episode die ik tot dusver heb meegemaakt en het duurde maanden voordat ik mijn eigen tempo weer terug had. Alle bovenstaande emoties kwamen tegelijkertijd binnenvallen als mensen zuchtend langs me heen liepen. Waar ik (uiteraard) nog het allermeest mee zat was dat ik van binnenuit beperkt was in mijn bewegen én de bijbehorende conclusie: zoveel anderen kunnen wel vrijuit bewegen, maar doen het gewoon niet. Uit luiheid, lamlendigheid, gemakzucht. Zetten de wind er niet onder. Leven het leven niet zoals ze zouden kunnen leven.

Slenterende krioelhoop
Het idee dat zovelen van hen in de slenterende krioelhoop mij, nu in mijn ‘gezonde’ staat, tegenhouden te vliegen in mijn eigen tempo, zonder dat ze zelf ook maar iets mankeren wil ik niet begrijpen. Waarom vliegen ze niet met me mee? Moeten we dan met z’n allen de hele dag in een muf winkelcentrum hangen? Of halen wat je halen moet en eindelijk van die eerste, heerlijke zonnestralen genieten buiten? Hardloopschoenen aantrekken en door het park rennen, je hartslag en de endorfine voelen. Het is niet meer glad, het kan weer winkelcentrummensen! Wat? Of ik er even langs mag. Dank u!

© Beeld: Chantal Straver