Bemoei je met je eigen buik: ‘Geen seks, geen hakken dragen, niet te veel eten’

Je bent druk bezig een kind te bouwen en ondertussen vliegt het goedbedoelde baby advies je om de oren. Waarom weet ineens iedereen wat goed voor je is? En waarom reageer je er zo heftig op? Journalist Maaike kon zelf geen goede raad meer horen en zoekt uit hoe het zit. 

‘Goh, ik mag ineens een hele hoop niet,’ zegt een zwangere kennis gekscherend. Ze somt op: ‘Geen seks, geen hakken dragen, geen kattenbak verschonen, geen koffie, geen sushi. Sowieso niet te veel eten. Of juist eten voor twee.’ Een herkenbaar verhaal. Ook ik kreeg karrenvrachten commentaar over me uitgestort tijdens mijn beide zwangerschappen.

Zo had ik de hoeveelheid wijn die ik normaal gesproken drink flink teruggeschroefd tijdens mijn zwangerschap. Maar heel af en toe nam ik nog wel een wijntje. Ik werd daar bijzonder blij van. De buitenwereld niet altijd. Misprijzende blikken kreeg ik, ik hoorde ze bijna denken: ben jij wel goed bij je hoofd, zwanger en wijn drinken? Een enkeling hield het niet bij een blik. ‘Zó, gaat ie lekker?’ flapte een volslagen onbekende eruit toen ik in een café een glas rode wijn dronk. Zo’n opmerking is natuurlijk voor meerdere interpretaties vatbaar, maar ik geloof toch echt dat hij doelde op het glas wijn in combinatie met mijn zwangere buik. Blijkbaar vond hij dat ie níet zo lekker ging. Mijn recalcitrante ik had het liefst voor zijn neus een hele fles wijn naar binnen geklokt.

Zijn het er echt geen twee?

Zwangeren kunnen niet om hun buik heen, en de rest van de wereld ook niet. Vriendin F. kan erover meepraten: zij kwam tijdens haar zwangerschap dertig kilo aan. ‘Tussen de twaalfde en tweeëndertigste week ben ik geëxplodeerd, zeg maar. En vervolgens vond iedereen het kennelijk gewoon om te pas en te onpas zijn mening te geven over mijn supersize buik. De ellende begon al met een maand of vier: ‘Jezus, hoe lang moet je nog?’ ‘Da’s een behoorlijke toeter.’ ‘Krijg je er echt geen twee?’ ‘Je zal wel last van je rug hebben!’

Ze raakte er zo door van de leg, dat ze uit zelfbehoud begon te liegen over de uitgerekende datum. ‘Toen ik zes maanden zwanger was, zei ik gewoon dat ik al acht maanden onderweg was. Dat heeft me gered.’ De laatste maand dook ze onder. ‘Ik durfde het huis niet meer uit, alleen af en toe voor een boodschapje. Ik voelde me net een opgeblazen walrus.’ Ze schaamde zich zelfs tegenover vrienden. Achteraf beseft F. dat ze misschien ook wel een tikje overgevoelig was voor opmerkingen over haar gewicht. ‘Mijn man probeerde me te laten inzien dat ik die uitspraken veel te negatief interpreteerde. ‘Joh, ze bedoelen gewoon: wow, wat ben jij zwanger!’ Maar ik hoorde alleen: wat ben jij dik!’

‘Oefenen met borstvoeding? Moet ik mijn vriend aanleggen of zo?’

Je gaat toch wel zelf voeden?

Vriendin M. is normaal gesproken vrij nuchter. ‘Maar tijdens mijn eerste zwangerschap werd ik ineens onzeker.’ Dat bleek toen een verpleegkundige vroeg of ze al aan het oefenen was voor de borstvoeding. ‘Oefenen? Hoe oefen je van tevoren met borstvoeding? Moet ik mijn vriend aanleggen of zo? Maar toen legde ze uit dat je met een tandenborstel je tepels kon ‘harden’. Waarop ik dacht: waarom heeft niemand mij dit verteld? Weten alle andere zwangere vrouwen dit wél? Bestaat er een geheime club die na de zwangerschapsgym nog even aan de slag gaat met een tandenborstel?’

Nu is borstvoeding sowieso een heikel onderwerp. Laat het woord vallen en verbaal vuurwerk is gegarandeerd. Vriendin J. kreeg te maken met voorvechters van borstvoeding, maar werd daar niet warm of koud van. Voor haar stond vast dat haar baby de fles zou krijgen. ‘Ik kreeg alsnog veel commentaar. Zelfs de kraamhulp riep: ‘Maar je wilt toch het allerbeste voor je kind?’ Natuurlijk, zei ik dan, en voor mij is dat flesvoeding.’

Het is niet altijd feest

Veerle Bergink, die als psychiater (gespecialiseerd in zwangerschap) is verbonden aan het Erasmus Medisch Centrum, snapt wel waarom een zwangerschap zulke heftige emoties oproept. ‘Mensen projecteren hun eigen gevoelens erop. Alleen al de gedachte dat een vrouw het als iets heel moois ervaart om zwanger te zijn, doet geen recht aan de werkelijkheid. Mensen gaan eraan voorbij dat 25 procent van de zwangerschappen niet gepland is. En dat sommige zwangerschappen dus niet gewenst zijn.’

Bovendien zijn er ook vrouwen die zich hondsberoerd voelen als ze zwanger zijn. Mijn ex-collega E. bijvoorbeeld. ‘Ik voelde me een log nijlpaard, was chagrijnig en ben negen maanden misselijk geweest.’ Tijdens haar zwangerschap voelde ze zich schuldig, omdat ze er niet van kon genieten, zoals het hoort. Ze was blij toen het erop zat. En ze is niet de enige: verpleegkundige Eileen Engels meldt in haar boek Kraamtranen dat een op de twintig vrouwen depressief of neerslachtig is gedurende enkele weken of zelfs maanden van de zwangerschap. Dit cijfer is ook te vinden op gezondheidsnet.nl.

Bangmakerij

Mijn zwangere vriendin P. woont in Canada en gaat binnenkort voor het eerst bevallen. Ze ziet er (nog) niet tegenop, maar het lijkt wel alsof sommige collega’s en vriendinnen er alles aan willen doen om daar verandering in te brengen.

Volgens een van haar vriendinnen is een bevalling niets minder dan een olympische prestatie. En tijdens de lunch zegt een collega na een blik op haar flink gegroeide buik: ‘Wacht maar tot ie eruit komt…’ Waarop een andere collega aanvult: ‘Je wil zeker een natuurlijke bevalling, maar bijna iedereen eindigt toch met een ruggenprik, wist je dat?’ De toon is gezet: bevallen valt niet mee, wacht maar af. Als het P. te veel wordt, propt ze haar lunch snel naar binnen en vlucht terug naar haar bureau. Baren doet ze trouwens in het ziekenhuis, want thuis bevallen is in Canada niet gebruikelijk. De meeste Canadezen vinden dat volstrekt onverantwoord. Ook in Nederland zit de thuisbevalling steeds meer in het verdomhoekje, merkt mijn zwangere ex-collega S. ‘Het valt me op dat mensen schrikken als ik vertel dat
ik thuis wil bevallen. Vaak krijg ik een reactie als: ‘Maar het is toch veiliger om in het ziekenhuis te bevallen, daar heb je alle medische voorzieningen bij de hand’. Dan zeg ik: ja, dus loop je ook meer risico op allerhande onnodige medische ingrepen.’ Als het aan S. ligt, bevalt ze gewoon thuis.

Genoeg is genoeg

Of het nu gaat over je eetgewoonten, bevallen, moedermelk of de opvoeding van je toekomstige spruit, iedereen heeft er een mening over. En zo moet je het ook zien, denk ik: het is slechts een mening. Gebruik je gezonde verstand, luister naar je gevoel en pik uit al die meningen alleen dat wat bij je past. Psychiater Veerle Bergink adviseert bovendien om grenzen aan te geven. ‘Stel, je bent 38 weken zwanger en wordt ’s nachts regelmatig badend in het zweet wakker omdat je zo opziet tegen de bevalling. Dan zit je niet te wachten op een wildvreemde die in geuren en kleuren uitweidt over haar eigen bevalling. En kun je dus beter in een vroeg stadium aangeven dat je geen behoefte hebt aan haar verhaal.’

Dat je als moeder in spe sowieso mogelijk een tikje onzeker bent over wat er komen gaat, is begrijpelijk. En ‘de waarheid’ bestaat ook niet. Psycholoog Merith Cohen de Lara: ‘Als we precies wisten hoe het moest, zou dat ultieme boek al lang verschenen zijn. Maar er verschijnt elke week wel een nieuw boek. Er zijn ook zo veel manieren voor alles, je zou er bijna keuzestress van krijgen. Maar kinderen krijgen en opvoeden, dat is nu eenmaal iets oncontroleerbaars.’

Waarom het ons zo raakt

Komen opmerkingen van anderen harder binnen als we zwanger zijn? Psycholoog Merith Cohen de Lara is psycholoog bij Psyche en Zwangerschap in Amsterdam, een samenwerkingsverband van psychologen die hulp bieden aan zwangere of net bevallen vrouwen. ‘Zwangere vrouwen kunnen echt gekwetst worden door commentaar van anderen. Een zwangerschap is nu eenmaal heel zichtbaar. Normaliter kun je wel verbergen
wat er aan de hand is, maar met die dikke buik laat je iets intiems zien. En opmerkingen daarover raken je inner circle: je partner en je kind.’ Bovendien staat een zwanger lijf niet alleen bol van een kind in wording, maar ook van de hormonen. Het kan bijna niet anders dan dat dit effect heeft op je gedrag.

Psychiater Veerle Bergink waarschuwt wel: ‘Het gedrag van zwanger vrouwen is niet een op een te koppelen aan een specifiek hormoon.’ Toch kan ze wel bevestigen dat vrouwen tijdens de zwangerschap over het algemeen prikkelbaarder en labieler zijn. ‘Ze vallen sneller uit, hun stemmingen gaan op en neer, ze zijn eerder in tranen.’ Cohen de Lara voegt nog toe: ‘Je kunt ook behoorlijk moe zijn als je zwanger bent. En de symptomen laten zich raden: sneller prikkelbaar en onzeker.’ Kortom: een zwangere vrouw is een wandelend reservoir van schommelende hormonen.

Credits: Tekst: Maaike de Visser | Beeld: iStock

Dit artikel is afkomstig uit VIVA MAMA Editie 8 uit 2019. Bestel hier de nieuwste VIVA-Mama.

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.