Wel of niet alles plannen? De zin en onzin van het ‘bevalplan’

Een bevalling valt niet te plannen. Toch voelt het fijn om je wensen in een plan vast te leggen. Maar wat als ‘in bad met kaarslicht’ eindigt in ‘onder het felle licht van de operatietafel’? Het nut van een bevalplan.

Hartstikke arrogant was ik. Wat nou ruggenprik en keizersnede? Ik zou die Amerikanen wel eens laten zien hoe Nederlandse vrouwen baren: de weeën trotseren zonder verdoving en op eigen kracht dat kind eruit persen. Dat had ik dus allemaal opgeschreven in mijn bevalplan voorafgaand aan de geboorte van mijn oudste zoon, Owen. We woonden op dat moment in New York. Uiteindelijk spekte ik lekker de statistieken in Amerika – waar interventies veel vaker plaatsvinden dan in Nederland – met mijn inleiding, epidural en spoedkeizersnede.

Heel zen en vol goede moed begon ik nog rondjes te draaien op mijn meegebrachte yogabal. Maar tegen de weeënstorm van de inleiding was niet op te draaien en zo’n zes uur later had ik alle zen eruit gepuft. De ruggenprik ging erin. Dertig uur later kwam mijn zoon eruit. Met hulp van vier gynaecologen, drie anesthesisten, een zooitje verpleegkundigen, allerlei assistenten en een kinderarts. Ik heb heel lang het gevoel gehad dat ik compleet gefaald heb tijdens die eerste bevalling, iets waar veel vrouwen overigens mee worstelen als de bevalling anders loopt dan gehoopt. Waarom was het me niet ‘op eigen kracht’ gelukt? Wat had ik in godsnaam aan dat bevalplan gehad?

Overrompeld

Voor Bette (32) is mijn ervaring heel herkenbaar: ‘Niks dat in mijn plan stond, is uitgekomen. Verre van zelfs. Mijn bevalling was er eentje van veel verrassingen. Met twee ruggenprikken (de eerste was niet goed gezet), drie shifts aan personeel, mijn ouders die alvast langs kwamen omdat manlief dacht dat we er al bijna waren bij 3 centimeter ontsluiting, geen baarkruk maar een knip en een vacuümpomp terwijl er – niet overdreven – meer dan 15 man aan personeel in de kamer stond.’

Bette werd compleet overrompeld door dit alles. En ze had, net als ik, even tijd nodig om haar bevalling een plek te geven. Toch vindt ze een bevalplan niet zinloos. ‘Ik denk dat het een goed middel is in de voorbereiding. Het lijkt me niet te doen om tussen de weeën door voor het eerst serieus na te denken over zaken als pijnstilling. Het heeft mij ook geholpen om te besluiten dat ik in het ziekenhuis wilde bevallen: in een gecontroleerde en veilige omgeving waar ik kon rekenen en leunen op de expertises van anderen.’

Maar suggereert een bevalplan niet dat een bevalling controleerbaar is? ‘Het is inderdaad een beetje alsof je een excursie samenstelt en van tevoren bepaalt welke attracties je wilt en hoe laat je een ijsje gaat eten. Het krijgen van een kind is minder maakbaar dan dat.’ Ze zou het daarom bij een eventuele volgende keer anders aanpakken. ‘Ik zou me meer richten op de vaardigheid om flexibel met dingen om te gaan: dat is waardevoller dan dat je achteraf naar je lijstje kijkt en baalt dat het niet gegaan is zoals je had gepland.’

Lees ook:

Hype: de navelstreng doorbranden in plaats van knippen

Plottwists

Voor Marleen (36) was het schrijven van een bevalplan precies dat: een middel om zich flexibel op te stellen. ‘Ik heb tijdens het schrijven van mijn bevalplan goed nagedacht over ‘wat-als-situaties’. Ik heb het plan ingevuld vanuit de gedachte van ‘mijn ideale bevalling’ maar ruimte gelaten voor de alternatieven als in de praktijk zou blijken dat iets niet zou werken voor me.’

Dat bleek later goed van pas te komen. ‘Ik heb tijdens mijn bevalling twee complicaties gehad: mijn dochter had in het vruchtwater gepoept dus ik moest uit het bevalbad waarin ik juist zo lekker de weeën aan het opvangen was. En mijn placenta kwam niet los, waardoor ik klaargemaakt werd voor een operatie. Uiteindelijk bleek dit niet nodig maar ik had hierdoor wel drie kwartier helse pijnen. Hoe vervelend het ook was, beide complicaties overvielen me niet. Ik kon me goed overgeven aan de veranderde situaties.’ Marleen kijkt terug op een fijne bevalling doordat ze in haar bevalplan rekening had gehouden met allerlei plottwists. ‘Denk niet: dit overkomt mij niet, of: zo ga ik het sowieso niet doen.’

Die open houding is iets wat gynaecoloog Claire Stramrood van harte toejuicht: ‘Bijna 80 procent van de vrouwen bevalt uiteindelijk van haar eerste kind met een medische indicatie onder begeleiding van een gynaecoloog. Dat zijn natuurlijk niet allemaal levensbedreigende situaties, maar ook weer geen dingen waar vrouwen op hopen, zoals weeënopwekkers of een baby die in het vruchtwater poept. Het is dus waardevol om na te denken over wat je belangrijk vindt als je kindje bijvoorbeeld te vroeg geboren wordt, je wordt ingeleid, een keizersnee krijgt, of langer in het ziekenhuis opgenomen bent.’ Het zijn misschien geen fijne zaken om over na te denken, maar het kan je wél helpen.

Wat helpt jou?

Je kunt niet alles regisseren wat je tijdens een bevalling overkomt, meent Martine Wagemans, voormalig verloskundige en nu vrouwencoach: ‘Daarom vind ik het essentieel dat vrouwen bij het maken van een bevalplan stilstaan bij de vraag: hoe ga ik om met stress, angst, pijn en onbekende situaties?’

Een té gedetailleerd bevalplan, té gefocust op losse feitjes (hoe belangrijk ze ook lijken) of alleen maar geschreven voor een ongecompliceerd verloop: dat gaat je niet helpen, vindt ook gynaecoloog Stramrood. ‘Als je maar één ding in je bevalplan zou kunnen zetten, schrijf dan op wat jou helpt om je veilig, ontspannen en gehoord te voelen.’

Bespreek je bevalplan van tevoren ook met je verloskundige of gynaecoloog: zo kun je samen tot een plan komen dat bij jou past, niet alleen in het meest ideale geval maar ook als het anders loopt dan gehoopt. Volgens Angelique Verstegen (coach, therapeut en trainer rond zwangerschap en bevalling) is het daarom belangrijk een zorgverlener te zoeken bij wie je je goed voelt: ‘Je gesteund voelen door je zorgverlener, een prettig contact: het kan bepalen hoe jij je bevalling ervaart. Als je met vertrouwen in de hulpverlening de bevalling ingaat is de kans op een goede uitkomst groter dan wanneer je al gespannen bent omdat je je niet op je gemak voelt.’

Valse verwachtingen

Mijn arrogantie jegens de Amerikanen was natuurlijk vooral verspilde energie. Die had ik veel beter kunnen stoppen in nadenken over wanneer ik eventueel voor een ruggenprik zou gaan: als ik uitgeput was van de pijn en de ontsluiting niet vorderde. Of hoe mijn man me kon geruststellen als ik op de operatietafel lag: door me liefdevol aan te kijken en zachtjes door mijn haar te strijken. Dan was er een minder groot gat geweest tussen verwachtingen en realiteit. En had ik misschien minder het gevoel gehad dat ik had gefaald.

Pas op de dag zelf weet je hoe jouw bevalling verloopt. Is een bevalplan daarom zinloos? Nee. Niet als je het op de juiste manier gebruikt: om na te denken over waar jij je prettig bij voelt en wat jou kan helpen op verschillende momenten. Het is dus eigenlijk veel meer een persoonlijk profiel dan een plan. Een omgangsstrategie in plaats van een feitenlijstje. Hoog tijd voor een nieuwe naam, lijkt me, om valse verwachtingen weg te nemen. Bevalprofiel? Of bevalstrategie? Bekt beiden voor geen meter. Een betere term is niet zomaar gevonden. Dat wordt vast nog een hele bevalling.

Lees ook:

Manon kreeg 5 kinderen in 3 jaar tijd: “Mijn leven is best bizar”

5 Beval-tips

1. Verken je keuzes

De mogelijkheden zijn eindeloos: lees je goed in, raadpleeg andere moeders, doe een zwangerschapscursus. Zo verken je verschillende opties (hoe je om kunt gaan met pijn, diverse houdingen waarin je kunt bevallen, wat er komt kijken bij bepaalde interventies) en kun je nadenken over wat het beste bij jou past.

2. Gebruik een visueel plan

Daarin worden alle situaties met pictogrammen en 1 tot 3 woorden geduid. Overzichtelijk: alles is gemakkelijk terug te lezen en je hoeft geen enorm boekwerk in je vluchtkoffer te stoppen.

3. Bespreek het met je verloskundige of gynaecoloog

Dit heeft meerdere voordelen: je zorgverlener weet wat er bij een bevalling komt kijken en kan je informatie geven waar nodig. Veel verloskundigenpraktijken hebben een opzet beschikbaar die je als leidraad kunt gebruiken. Maar het helpt je ook om samen aan een bevalplan te werken dat zo goed mogelijk bij jou past in verschillende situaties.

4. Betrek je partner

Voor veel vrouwen is het bevalplan een fijn middel om hun partner te betrekken in de voorbereiding. Zo weet hij of zij ook wat er bij een bevalling komt kijken. Daarnaast helpt het je om met hem of haar te bespreken hoe ze je kunnen helpen op verschillende momenten.

5. Sta open voor elk scenario

Bereid je voor op verschillende bevalscenario’s en schrijf op wat je in zo’n geval fijn vindt.

3 Adviezen van de expert

Gynaecoloog Claire Stramrood geeft drie tips die je helpen bij het schrijven van je bevalplan.

1. Geef toelichting waarom je bepaalde dingen wel of niet wilt.

Dat helpt jou zelf om je wens helder te krijgen, geeft je zorgverleners handvatten, en een opening voor een gesprek. Je kunt in je bevalplan zetten ‘ik wil geen knip’ of ‘ik wil (liever) geen keizersnee’. Maar wat zit daar achter? Ben je bang voor de pijn? Dan helpt uitleg over pijn en hoe je verdoofd wordt misschien. Ben je bang dat de ingreep onnodig of te snel wordt uitgevoerd? Geef dan aan dat je het belangrijk vindt dat je voldoende tijd krijgt: voor de hele bevalling, maar ook om over de interventie na te denken.

2. Schrijf ook iets over hoe jij naar de bevalling kijkt en wat jou in zijn algemeen in stressvolle situaties helpt.

Hoe heb je je voorbereid op de bevalling: heb je een bepaalde cursus gevolgd of wil je bepaalde technieken graag gebruiken? Wat geeft je een veilig gevoel: thuis, eigen omgeving, rust, zo min mogelijk mensen óf ziekenhuis, expertise snel bij de hand als nodig, technologie, monitoring? Hoe wil je begeleid en voorgelicht worden: duidelijke, sturende adviezen (‘zo gaan we het doen’) of alle opties horen (inclusief voor- en nadelen) en dan zelf beslissen.

3. Denk na over ‘wat als het anders loopt’. Wat vind je dán belangrijk?

Het is prima en ook heel goed als je een beeld hebt van hoe je het liefst wilt dat je bevalling gaat, hoe het er uitziet als het allemaal vlot en zonder complicaties of hobbels verloopt. Maar wát als het anders gaat? Denk óók na over wat je belangrijk vindt als je met interventies te maken krijgt, zoals een inleiding, knip of keizersnee.

Tekst Evelien Docherty | Beeld: Istock
Dit artikel is afkomstig uit VIVA MAMA Editie 6 uit 2020. Bestel hier de nieuwste VIVA-Mama.Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.