Bloed, zweet en kraamtranen: 11x de naakte waarheid over de kraamtijd

Omdat een goede voorbereiding het halve werk is, kun je maar beter weten hoe het écht zit. VIVA Mama’s Suus Ruis legt 11 gênante zaken over de kraamtijd bloot waar je nooit iemand over hoort.

1 Er is heel, heel veel bloed

Dat een bevalling een bloederige bedoening is, weten we allemaal wel. Maar dat je tot wel zés weken na je bevalling blijft bloeden – en in de eerste week niet zo zuinig ook – weet lang niet iedereen. De meeste moeders in spe doen een beetje lacherig over die maandverbandmatrassen die je in een oma-heupslip moet proppen, maar die zijn dus écht geen overbodige luxe. Ikzelf schrok me een ongeluk van de bloedstolsels die ik af en toe verloor: sommige waren zo groot als een tennisbal! En dan nog wat: zo’n stolsel kan het slijmvlies (plus het bloed waarmee dat is vermengd) dat de baarmoeder uit wil, tegenhouden, waardoor er nadat dat stolsel eruit is gekomen soms ook nog een tsunami aan bloed volgt. Had ik best graag willen weten.

2 Naweeën zijn de hel op aarde

Denk je dat die allesoverheersende pijn eindelijk klaar is, nu je dichtgenaaid en met een wolk van een baby in je armen ligt bij te komen, beginnen de naweeën! Ja, die bestaan. Misschien heb ik er (bewust?) overheen gelezen in de XXL stapel zwangerschapsboeken die ik had doorgespit, maar ik zweer je dat ik er nog nooit van had gehoord. Ik schrok me dus rot toen de weeën na de uitdrijving van de placenta (waar je by the way óók nog voor moet persen, dat had óók niemand me verteld) gewoon verder gingen. De baarmoeder moet weer terug in haar oorspronkelijke vorm en dat gaat gepaard met nogal pijnlijke samentrekkingen. Ik vond dat echt traumatisch, omdat ik niet wist wanneer die pijn zou ophouden. Na een dag of drie, bleek in mijn geval, maar dat verschilt van vrouw tot vrouw.

3 Je jankt non-stop

Nu we het toch over huilbuien hebben: de meeste vrouwen hebben van tevoren wel gehoord of gelezen over het fenomeen ‘kraamtranen’. Je stelt je waarschijnlijk voor dat je af en toe een beetje sniffend op de bank zit en een klein beetje wiebelig bent, maar geloof me: het is ietsiepietsie meer dan dat. Vanaf de derde dag na de bevalling komt die stortvloed aan tranen, en die houdt wel even aan. Bereid je voor op jankbuien die goedbeschouwd nergens op slaan. De oorzaak: een plotselinge enorme daling van hormonen in je lichaam, de melkproductie die op gang komt en de bevalling die je geestelijk nog moet verwerken (ikzelf had de eerste nachten de meest afschuwelijke nachtmerries over mijn bevalling. Hoe bijzonder het ook is, bevallen is ook vreselijk ingrijpend, en een klein trauma).

4 Je sluitspier geeft het op

Voor wie niet tegen poep- en plasverhalen kan: sla dit stukje even over. Zelf had ik gewild dat iemand het eerlijk had opgeschreven toen ik net bevallen was. Dat had me heel veel zorgen gescheeld. Je bekkenbodem krijgt een enorme oplawaai van een baby – ook van de zwangerschap zelf, dus je ontspringt de dans niet als je een keizersnee hebt gehad. Dat betekent dat je af en toe wat urine kunt verliezen. Wat niemand je echter vertelt, is dat je in die eerste week ook je poep niet altijd kunt ophouden en dat je met een beetje pech een keer net te laat de wc bereikt. Toen mij dat gebeurde, dacht ik dat mijn leven voorbij was, dat mijn sluitspier blijkbaar onherstelbaar verwoest was door het persen. Maar het gaat over! Wees trouwens ook voorbereid op aambeien zo groot als aardappelen.

 

Wil je het hele artikel lezen? Check VIVA Mama 4-2019. Deze editie ligt nu in de winkel of kan je hieronder online bestellen.