Het dagboek van een moeder in tijden van corona: ‘Een martelgang voor onze net iets te oplettende kinderen’

Anna&Eus

VIVA-Mama columnist en Volkskrant-journalist Anna van den Breemer schrijft over haar gezinsleven in tijden van het coronavirus. Want het blijkt niet eenvoudig: dochter Mia (4) en zoon Baran (2) thuis vermaken, effectief werken en haar relatie met columnist Özcan Akyol ook nog een beetje leuk houden.

We gaan in de auto een rondje maken – je moet wat met je gezin op de zaterdagochtend, wanneer je al een kijkdoos hebt geknutseld en je geen hut meer kunt zien.

De autowasstraat

‘Fijn om even weg te zijn’, zeg ik terwijl ik vanaf de bijrijderstoel uit het raam kijk. Mijn plan is om een frisse boswandeling te maken, ergens met weinig mensen. Het wordt de autowasstraat.
‘Dat vinden jullie toch leuk?’ roept Eus. Hij kijkt me verontschuldigend aan: ‘Veilige vorm van kindentertainment toch? En kunnen we ook direct dit klusje afstrepen!’ Er is ook een klein speeltuintje.

‘Mag ik daarheen?’ vraagt onze dochter.
‘We moeten wel even wachten tot dat andere jongetje weg is’, antwoord ik. Een week geleden had ik haar waarschijnlijk nog uit de auto laten gaan, nu zijn we extra voorzichtig.
‘Waarom?’
‘Dat is veiliger.’
‘Vanwege de griep?’
‘Colona’, mompelt Baran.

Een martelgang

Terwijl de blauwe borstels langs de ramen glijden, grijpt Mia op de achterbank de hand van haar broertje vast. ‘Baran is een beetje bang, mama.’ Het jongetje zit nog steeds op de wipkip, dus rijden we door.

‘Krijg ik straks een verrassing?’ vraagt Mia. Zoiets heb ik geroepen toen we in de auto stapten, om af te zijn van het gezeur (‘Ik heb honger’/ ‘Waar gaan we heen?’/ ‘Ik ben misselijk’), nu heb ik spijt van mijn tactiek. Alle speeltuinen die we passeren zijn dicht; een martelgang voor onze net iets te oplettende kinderen.

Lees ook:
Het dagboek van een moeder in tijden van corona: ‘Mijn dagelijks leven voelt voller dan ooit’

Dan passeren we een groep wielrenners. Er gaan handen omhoog, ten teken dat we moeten stoppen. Eén man ligt op de grond, er loopt bloed uit zijn mond. ‘Hij is dubbel geklapt’, zegt zijn vriend, ‘we botsten op elkaar. Eus belt 112 met mijn telefoon. Een andere vrouw haalt een deken uit haar achterbak. Ik blijf bij de kinderen in de auto.

Welvaartssportlui

‘Wanneer krijg ik nou mijn verrassing?’ gilt Mia, ‘is het iets lekkers?’
‘Kibbeling’, zegt Baran. Hij heeft bij vertrek de markkraampjes naast ons huis gezien. De ambulance komt eraan, onze taak zit erop. ‘Het zorgpersoneel is druk met het coronavirus, en nu moeten ze ook nog deze welvaartssportlui gaan oplappen’, verzucht mijn vriend.

Op de terugweg rijden we onder een viaduct door waar wegwerkers bezig zijn. Net op dat moment wordt er een bak zand gestort, een bruine stofwolk trekt over ons heen.

‘Helemaal voor niets gewassen’ klinkt het naast me.
‘Mama, ik wil mijn verrassing!!’gilt Mia. ‘Ik krijg ook nooit iets van jullie!’
Onze huiskamer lijkt opeens zo’n erge plek nog niet.

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.

Anna van den Breemer (1984) woont samen met haar man Özcan Akyol, dochter Mia en zoon Baran in hartje Deventer. Ze werkt voor de Volkskrant, waar ze veel over opvoeden schrijft, en is columnist voor VIVA Mama. Recent verscheen van haar hand het boek 'Alle ouders klungelen maar wat aan.'