Als ik ooit zwanger ben, dan doorloop ik die negen maanden glorieus. Dat wist ik zeker. Want een zwangere vrouw moet niet klagen. Wees dankbaar met het nieuwe leven in je buik, dat is lang niet iedereen gegeven. Dus toen de test na drie jaar aanmodderen en een miskraam eindelijk positief was, besloot ik in alle opzichten mezelf te blijven. Roze wolken? Niks voor mij. Natuurlijk, ik was dolblij dat het gelukt was, maar ook nuchter: het moet eerst gezond geboren worden. Dat babygeneuzel, daar had ik na de bevalling nog tijd genoeg voor. Verder lekker fulltime doorwerken tot vier weken voor de uitgerekende datum, feestje hier, borrel daar, een bevredigend sexleven en o ja, mijn hakken ging ik nooit afzweren. Mode is niet praktisch, ook niet als je zwanger bent. Maar terwijl ik dit schrijf, hang ik amechtig op de bank. Sneakers uitgeschopt, trainingsbroek aan, geen make-up, afijn, je hebt een beeld. Als ik op de grond ga liggen en iemand drapeert een afzetlint om me heen, kan ik door voor lijk in de tv-serie ‘Sherlock’. Ik zal de klaagzang over harde buiken vanaf week zestien, nog geen vierhonderd meter kunnen lopen, een bekken dat scheef staat, rugpijn en slapeloze nachten kort houden. Bottom line is: je kunt niet kiezen hoe je zwanger bent. Alleen vertellen ze dat er niet bij als je voor het eerst bij de verloskundige komt, waar het leven een grote roze bubbel lijkt. Daar kom je pas achter als je na een werkdag met een keiharde buik voor vrienden staat te koken, en je je vriend naar de Dirk van den Broek moet sturen voor crème fraîche, omdat je zelf niet meer vooruit kunt van de pijn. En dan moet het etentje nog beginnen. Ik heb de schijn, mede dankzij mijn eigen regel dat ik niet moest miepen, een tijd opgehouden. Ik was verdomme toch een sterke, ambitieuze, onafhankelijke vrouw die een werkdag vol kon maken en zelf naar de Dirk kon voor een bakje crème fraîche? Maar ik gaf op. Niet alleen omdat de verloskundige zei dat het beter was voor mijn kind om rust te nemen (iets wat ik door mijn eigen gejammer even was vergeten), maar ook omdat ik maar eens moest luisteren naar mijn omgeving. Want als je een baby in je buik hebt, stort iedereen zich als een moederkloek op je. Zeg, doe je wel kalm aan? Waarom ga je niet gewoon naar huis? Moet ik dat even voor je tillen? Hé, niet op dat krukje gaan staan! Ja, ik dacht: ik neem een bloemetje mee! Zal ik een kruik voor je maken? Je doet weer veel te veel hoor. Wil je nog iets lekkers van de Albert Heijn? Je hunkert ernaar als je griep hebt, maar krijgt het in je schoot geworpen als je zwanger bent. Met nog acht weken tot de eindstreep ben ik zover dat ik me al die lieve aandacht maar laat aanleunen en accepteer dat ik mezelf niet kan zijn. Dat werk, feestjes, mijn verzameling hakken en zelfs dat sexleven kunnen me even gestolen worden. Glorieus is het niet. Maar inmiddels snak ik zo naar die roze wolk, dat het me geen moer meer uitmaakt. En wat is daar eigenlijk mis mee?
Patricia van den Broek, adjunct-hoofdredacteur VIVA
patricia@viva.nl
twitter.com/patriciavdbroek


Delen