‘Als ze weer eens om mijn nummer vragen, zeg ik: 112’

Hetzelfde beroep in een compleet andere wereld. In deze portrettenserie ontmoeten we de komende weken twee vrouwen die elkaar uithoren over hun werk. Deze week Kim en Melanie, die allebei een spannend beroep hebben waarbij communicatie en de rust bewaren van levensbelang is.

VIVA samen met Defensie

Kim van der Weij (28) is politieagent in Amsterdam. Wachtmeester Melanie (26) werkt op Schiphol bij de Koninklijke Marechaussee. ‘Als mensen gaan huilen, heb je aan mij de verkeerde. Ik blijf bij mijn standpunt.’

Kim: ‘Voordat ik besloot om politieagent te worden, stond dierenarts boven aan mijn lijstje. Maar toen ik erachter kwam dat je daarvoor zes jaar naar school moet en dan alleen nog maar dierenartsassistent bent, haakte ik af. Zo lang naar school gaan en niets verdienen is niks voor mij. Beide beroepen sluiten aan op mijn wens om te helpen. Dat is de belangrijkste reden dat ik voor de politie heb gekozen. En ik wilde geen kantoorbaan.’

Melanie: ‘Op de middelbare school wilde ik modeontwerper worden. Toen ik zakte voor mijn examen, had ik nog een jaar om erover na te denken. Ik besefte dat ik een stoerder beroep wilde, dus kwam ik uit bij de marechaussee. Toen ik tijdens de opleiding voor het eerst op bivak ging, dacht ik echt even: wat is dit? Je wordt bij alles wat je doet op de vingers getikt, ook als je het goed doet. Het was heftig, maar het weerhield mij er niet van verder te gaan. Ik heb er ook best wat van geleerd: ik heb nu meer discipline en met mijn mensenkennis zit het over het algemeen ook wel goed. Ik vind het wel stoer, als meid in zo’n mannenwereld. Er werken weinig vrouwen bij de marechaussee en ik ben ook nog eens een van de weinige motorrijdsters. Daar ben ik echt trots op. Wat ik net als jij heel mooi vind, is dat je echt iets voor mensen kunt betekenen. Ik werk op Schiphol, maar ik loop niet altijd op de luchthaven zelf rond. Ik rij vaak op de motor in het gebied rondom Schiphol en kan allerlei meldingen binnenkrijgen waarop ik moet reageren. Winkeldieven, vechtpartijen, reanimaties, of het verzoek om een ambulance te begeleiden naar het ziekenhuis. Dat vind ik zo gaaf.’

‘Ik vind het heerlijk dat ik van tevoren niet weet hoe mijn dag eruitziet. En inderdaad: dat je echt iets kunt betekenen voor een ander. Laatst was ik bij een reanimatie van een oudere man, die het helaas niet heeft gered. Zijn vrouw zat in de keuken, hun wijnglazen stonden al klaar op het aanrecht. Ze dronken elke zondag om vier uur een wijntje. Ik ben tijdens de reanimatie bij haar blijven zitten. Op een gegeven moment kneep ze me in mijn wang en zei ze dat ze nooit kleinkinderen had gehad, maar dat ik een leuk exemplaar zou zijn geweest. Nou, daar doe ik het voor, hoor! Op zo’n melding gaan wij trouwens altijd met z’n tweeën af. Hoe gaat dat bij jou?’

‘Op de motor rij ik alleen, dus ook op meldingen ga ik alleen af. Maar als ik iets zie wat ik niet vertrouw, vraag ik om een ‘achtergrondje’. Ik wacht dan totdat er twee collega’s zijn voordat ik mensen staande hou. Ik merk overigens dat ik in mijn oproep expres heel rustig ben. Als vrouw, door je hoge stem, klink je al snel paniekerig door de portofoon heen. Ik heb een keer een oproep van een vrouwelijke collega gehoord waar geen spoed bij was, maar die wel zo klonk. Ik heb me toen voorgenomen dat nooit zo te doen.’


Kim (links) en Melanie (rechts)

‘Klopt, als er geen paniek is, kun je het beste om een achtergrondje vragen. Als je een ‘koppeltje’ of ‘postje’ aanvraagt, betekent dat twee extra collega’s. Maar bij die benaming begint de meldkamer al wat onrustig te worden. En als je ‘assistentie collega’ roept, gaan echt alle alarmbellen los. Al je collega’s springen dan in de auto en rijden het snot voor de ogen om jou te helpen. Dus dan moet er wel echt wat aan de hand zijn.’

‘Dat wil je inderdaad niet, want dat kan behoorlijk gevaarlijk zijn voor je collega’s.’

‘Al ben ik daardoor soms te rustig in mijn oproepen. Dan komen mijn collega’s heel relaxed aan en zien ze mij bij een vechtpartij van twintig man. Tja, als vrouw zit je al snel hoger in je toon en ik hou gewoon niet van paniek.’

‘Ik denk dat mijn kracht ligt in het feit dat ik rustig kan blijven. Dat kan heel goed werken als ik mensen aanspreek. Tussen twee mannen ontstaat soms als vanzelf haantjesgedrag, terwijl ik rust kan overbrengen op de ander.’

‘Sommigen van mijn mannelijke collega’s willen graag met een vrouw in de politiewagen rijden, omdat wij beter communiceren. Als vrouw word je ook anders benaderd. Bij een kroeggevecht kan het bijvoorbeeld helpen om een vrouw voorop te laten gaan. Het ligt aan de situatie, maar dan wil de sfeer nog weleens omslaan in: ‘Hé, lekker wijf!’ En ach, als ze weer eens om mijn nummer vragen, zeg ik altijd: ‘Ja, 0900 8844 of 112.’’

‘Haha, ja, da’s een goeie! Ik maak ook vaak mee dat vrouwen denken dat je ze wel zult matsen omdat je ook vrouw bent. Of dat mensen gaan huilen. Maar dan heb je aan mij de verkeerde, want ik blijf bij mijn standpunt.’

Meer weten over de mogelijkheden bij Defensie?
Wereldwijd werken aan vrede en veiligheid: dat is de dagelijkse missie van Defensie. De militairen die bij Defensie werken zijn mannen én vrouwen die daaraan willen bijdragen. En daar komt veel meer bij kijken dan alleen de gevechtstroepen. Bij Defensie kun je allerlei talenten kwijt die je misschien niet zou verwachten. Nieuwsgierig? Ontdek hier alles over de taken die je als vrouw bij Defensie kunt vervullen.

Meer lezen?
Bekijk dan ook de andere artikelen uit deze reeks:
– Bij Elize en Anna staat lekker eten op nummer één. ‘Bij golven van acht meter hoog moet je de pannen goed vastzetten’
 Iris en Jes werken ‘in de bouw’. ‘Als er ook om jouw grappen wordt gelachen, weet je dat je one of the guys bent’
 Evelien en Ichelle zijn sporters in hart en nieren. ‘Zo’n band met mijn collega’s vind ik nooit meer’
– Marit en Helena houden van zorgen én van actie. ‘Een reanimatie, verkeersongeval of een arm gipsen, saai is het nooit’
– Charell en Joanne vliegen de hele wereld over. ‘Ik geef vaak opdrachten, maar thuis niet, hoor. Dat zou wat zijn, zeg’
– Nicolien en Esther zijn meteoroloog. ‘Ik kan op één dag bezig zijn met het weer in het Caribisch gebied, Mali en de sneeuw in Noorwegen tegelijk.’
 Annemijn en Sharon verbinden mensen door middel van communicatie. ‘In heb in een jaar zeven landen gezien, in welk beroep maak je dat nou mee?’