Al 10 dagen ziek…

geroosterde venkel

Een week lang dronk ik geen koffie of wijn, en at ik geen chocola. Normaal zijn het de dingen waar ik zó van genieten kan, maar nu had ik er gewoon géén zin in. Het idee alleen al! Ik dronk water en kruidenthee, bouillon en Citrosan, dat laatste steeds meer tegen heug en meug, om het vervolgens echt niet meer weg te krijgen. Maar aan wijn moet ik ook nog steeds niet denken trouwens.

Hardnekkig is het. Of zoals de dokter zei: ‘Wij komen dit jaar dingen tegen die wij ook nog nooit gezien hebben. Het is allemaal wat venijniger.’ Nou, inderdaad. Want inmiddels ben ik al 10 dagen ziek. Terwijl ik zelden ziek ben. Ook de kinderen zijn de hele week thuisgebleven. Tot vrijdag hadden die niet eens zin om te spelen. Vooral Jippe hing maar een beetje apathisch op de bank. Sinds gisteren speelt hij gelukkig weer. Daar ben ik blij om. Ook al snotteren en hoesten ze nog, en hangen de vellen aan Bo’s lipjes.

Ik heb de afgelopen tijd zoveel geslapen dat je je afvraagt hoe het kan dat je nog slapen kunt. Dan sliep ik bijna de hele dag en sliep ik ’s nachts gewoon weer. Zette ik DWDD uit omdat ik het te druk vond of wachtte op zondag niet op mijn favoriete serie Divorce (ja, ik volgde ook eens wat), want ik had er gewoon de energie niet meer voor. Ik wilde alleen maar liggen, slapen. En met mijn goede oor op het kussen en mijn slechte oor naar boven was het heerlijk stil.

Je zou toch denken dat je er na zoveel extra slaap ook eens een keer lekker fit uit moet gaan zien, maar het tegendeel is waar. Wallen zijn gebleven, en een ooglidcorrectie zou geen overbodige luxe zijn. Nou ja, dat soort dingen ga je dan ineens denken.

Ook het woordje ‘beter’ ben ik anders gaan bekijken. Wamt waarom gebruikt de Nederlandse taal het woord ‘beter’ als het iets beter gaat maar ook ‘beter’ als je beter bent? Dan vraagt iemand dus: ‘Hoe gaat het?’ en dan kun je niet kort ‘beter’ antwoorden, want dan weten ze het dus niet. Want gaat het dan dus ietsje beter of ben je al weer beter? Gek toch? Totaal onhandig. Dus beantwoord ik smsjes en appjes, energieloos als ik al ben, met de tekst: ‘Het gaat geloof ik ietsje beter, maar we zijn nog niet beter’.

Mijn oor zit nog steeds dicht, dus doof ben ik nog steeds. Voor de krant heb ik geen energie en mijn hoofd doet nog steeds pijn. Wat zou ik blij zijn op de dag dat mijn oor ineens weer open gaat! Zullen we even stemmen wanneer?

Ach, ik denk dat de rek er ook gewoon een beetje uit was. Totaal geen weerstand meer. Op. Maar let maar op, als de lente goed en wel terugkomt (ja, dat heb ik nu ook bijna compleet gemist) bruis ik weer van de energie hoor. Dan ben ik hopelijk echt weer beter, en de kinderen ook. Dan gaan wij bloeien! Onze tijd komt nog wel!