Amanda wil geen kinderen: ‘Mijn vriend straalde toen hij dat hummeltje vasthield’

Elke week geven we je een kijkje in iemands liefdesleven in VIVA’s rubriek ‘De status’.

Amanda (32) wil absoluut geen kinderen.

‘Onlangs waren we op kraamvisite bij Martijns neef. Ik zat er met tegenzin. Ik heb een hekel aan al het gekir en getut dat bij zo’n bezoekje schijnt te horen. En meer nog aan de onuitgesproken vragen die altijd in de lucht hangen. Of het bij ons al begint te kriebelen, het wordt weleens tijd, toch? Ik dacht dat het voor Martijn ook puur een beleefdheidsbezoekje was. Ik schrok toen ik hem met dat hummeltje zag. Zijn gezicht leek licht te geven. Zijn ogen verraadden dat hij tegen mij liegt, al is het misschien niet bewust. Maar het was overduidelijk. Hij wil wél kinderen. Hij zat erbij als een geboren vader.

Die avond kon ik niet slapen. Ik lag lang te woelen terwijl hij allang onder zeil was. Ik repeteerde uitmaakgesprekken in mijn hoofd en vluchtte toen naar de badkamer om te huilen. Want ik wil hem helemaal niet kwijt. Maar dit voelt ook niet eerlijk.
Ik heb geen kinderwens. Ik riep al op mijn tiende dat ik nooit 
moeder wilde worden. ‘Dat verandert nog wel,’ zei iedereen. Echt niet, dacht ik dan. Waarom ik het toen al zo stellig voelde, geen idee. Maar ik wíst het gewoon en dat is nooit veranderd. Ik werk als zelfstandige en reis daarvoor de hele wereld over. Mijn vrijheid is belangrijk voor me. Ik heb een hoop vrienden om wie ik veel geef. Maar ze moeten me niet claimen. Als ze teleurgesteld zijn als ik een verjaardagsfeestje oversla, ook al ben ik in het land, dan hebben ze aan mij een slechte.

Ook in relaties ben ik allergisch voor verwachtingen. ‘Laat me vrij, dan krijg je mijn liefde vanzelf,’ is mijn motto. Martijn is ook zo’n vrijbuiter. We genieten als we samen zijn, maar vinden het ook fijn om elkaar dan weer los te laten. Ik ben trouw, dat weet hij, dat verlang ik ook van hem. Maar dat is het. Verder eisen we niets van elkaar. Dat ik geen kinderen wil, heb ik hem al bij onze eerste date verteld. In New York; we hadden elkaar ontmoet in het vliegtuig, kletsten zo gezellig dat we die avond besloten samen uit eten te gaan. Hij zei op dat moment dat voor hem alles nog open lag. Toen het serieus werd tussen ons, heb ik het onderwerp opnieuw aangesneden. Hij moest weten dat kinderen er met mij echt niet in zitten. Case closed. Hij zei dat het oké was. Dat hij meer van mij houdt dan van iets wat hij niet kent.

Ik geloofde hem. Maar nu worden vrienden van hem vader, en zijn neef. Zelfs zijn zus is zwanger. Het is net een besmettelijke ziekte en bij elk babybericht zie ik zijn ogen fonkelen. De eerste paar keer negeerde ik het, maar ik denk niet dat ik er nog langer omheen kan. We moeten praten, want ik mag zijn leven niet bepalen. Ik wil niet dat ik voor hem beslis of hij vader wordt. Dan doet hij zichzelf te kort, en dat beklemt mij. Dan kunnen we beter uit elkaar gaan. Maar o, wat zal ik hem missen. Ik hou verschrikkelijk veel van hem. Ik heb er alles voor over om hem te houden. Alles. Behalve tóch een kind.’

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 34-2017 Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «

Beeld: Sanoma Beeldbank