Annika: ‘Ik vraag me af of ik meer voor hem ben dan een opblaaspop’

Elke week geven we je een kijkje in iemands liefdesleven in VIVA’s rubriek ‘De status’.

Annika (26) is verliefd op haar booty call.

”Ik had me zo voorgenomen om níet meer op te nemen als Bart zou bellen. Zeker 
niet als het na tienen was en ik al kon 
voorspellen dat hij dronken zou zijn. En 
al helemáál niet diep in de nacht. Dan was het overduidelijk dat hij nooit van plan 
was geweest om naar mij te komen. Dan had hij vast en zeker vergeefse pogingen gedaan andere meiden te versieren en 
tegen sluitingstijd opeens bedacht: eens 
kijken of er bij Annika nog wat te neuken valt. Daar was ik al te vaak ingetrapt, ik 
wilde me er niet langer voor laten lenen.

Nog geen week heb ik het volgehouden. Eén telefoontje heb ik genegeerd, om precies te zijn. De volgende dag miste ik hem 
al zo en was ik zo bang dat ik mijn eigen glazen had ingegooid, dat ik hem zelf heb geappt. Of hij kwam eten die avond? Hij had geen tijd, antwoordde hij. Wel zou hij rond elf uur kunnen langskomen? Maar lang kon hij niet blijven, hij moest vroeg 
op de volgende dag. Met een strak gezicht zat ik naar zijn bericht te staren. Alles in mij schreeuwde: zeg nee, Annika! Toon 
zelfrespect, hou hem op afstand. Maar ik 
appte dat het goed was.
Ik ben gek op hem, op deze man die mij amper ziet staan. Waarvan ik me weleens afvraag of ik meer voor hem ben dan een opblaaspop. We kennen elkaar nu een maand of drie. De eerste avond deed hij echt zijn best, maakte me aan het lachen en sloofde zich uit in bed. Toen hij ’s ochtends vertrok, zei hij dat hij me graag nog eens zou zien. Maar een vaste relatie moest ik niet verwachten. Daar stond zijn hoofd niet naar. Te druk met werk, zijn studie en zijn vrienden. Ik vond het prima, was zelf pas net weer single en wilde het rustig aan doen. En ik dacht dat ik het zou kunnen, een luchtige sexrelatie met een leuke man. En een tijdje ging het goed, vond ik het leuk als hij er was, maar lag ik er ook niet wakker van als ik tien dagen niets van hem hoorde. Maar zijn lijf is te lekker, zijn ogen te mooi. Ergens onderweg ben ik als een blok voor hem gevallen. Wat hij me ook flikt, ik ben tot over mijn oren verliefd en de drang bij hem te zijn, in de hoop dat hij hetzelfde voor mij gaat voelen, is te groot.

De nacht dat hij er rond elven zou zijn, 
belde hij pas om tien voor een aan. Ik lag 
al uren te wachten. Met wat kaarsjes, mijn haar quasi-slordig, maar heimelijk tot in de puntjes verzorgd. Hij stonk naar bier. Mijn zorgvuldig gekapte haar trok hij meteen aan gort. “Ik moet zo gaan,” mompelde hij, nadat hij was klaargekomen. Toen hij boven op mij in slaap viel, zei ik niets. Ik snoof de geur van zijn haar op. Keek naar zijn lange wimpers. En verloor me in dromen, die even werkelijkheid leken te zijn. Toen hij 
’s ochtends wakker schrok, kon er geen zoen vanaf. “Zie je,” zei hij, terwijl hij zonder om te kijken vertrok. Ik zat jankend in de auto naar mijn werk. Ik voel me een junkie die telkens opnieuw de fout in gaat. Ik ga niet meer opnemen als hij belt. Echt niet.”

 

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 45. Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «