Merel (33): ‘Mijn dochter was acht maanden toen hij zei: ik ga weg’

Elke week geven we je een kijkje in iemands liefdesleven in VIVA’s rubriek ‘De status’.

Merel (33) is verlaten door haar man terwijl ze net een baby heeft.

Tekst: Lydia van der Weide

“Hij wilde het net zo graag als ik. Tenminste, zo leek het. Hij was het die op een dag 
mijn pillenstrip afpakte. Die zei: ‘Het juiste moment komt nooit, we gaan er gewoon voor.’ We waren zes jaar samen, kenden 
elkaar van haver tot gort. Dacht ik. Totdat de omstandigheden veranderden. Ik geef het toe: ik was niet makkelijk toen ik zwanger was. Ik voelde me vaak zo ellendig. 
Moe, vergeetachtig, humeurig. En dan die dromen, waardoor ik badend in het zweet 
wakker werd. Omdat ik vond dat hij ook 
wel iets over mocht hebben voor ons kind, maakte ik hem op zulke momenten wakker om te klagen. Soms elke nacht, ja. Dat hij beloofde om net als ik tijdens de zwangerschap niet te drinken, vond ik niet meer 
dan normaal. Woedend was ik, als hij een enkele keer toch met een kegel thuiskwam, veel later dan afgesproken, en het dan 
wél te laat vond om nog een ei voor mij te bakken. Nu heb ik spijt: misschien kwamen de twijfels toen al bij hem opzetten. Maar een relatie van zes jaar moet toch tegen een stootje kunnen? Ik kon het gewoon 
niet opbrengen om altijd de beste versie van mezelf te zijn.

Toen onze dochter er was, dacht ik: we 
starten met een schone lei. De bevalling was soepel gegaan en al na een maand sliep ons meisje door. Zíj wel, ik lag elk weekend wakker omdat hij dan op stap ging. Nu hij weer onbekommerd mocht drinken, deed hij dat ook, en kennelijk 
liever met vrienden dan met mij. Met onze dochter ging hij onhandig om. Als ze bij hem op schoot zat, had hij een blik van: 
wat moet ik met haar? Zo vanzelfsprekend als de zorg mij afging, zo moeizaam ging het bij hem. Als hij haar probeerde te troosten, krijste ze. Als ik haar overnam, stopte ze meteen. Niet leuk voor hem, dat snap ik ook. Maar dat kun je een kind toch niet kwalijk nemen? Dat hij besloot het op te geven, dat had ik nooit verwacht. Hij was altijd een doorzetter, in alles. Dat was een van de dingen die ik zo in hem bewonderde. Maar deze keer niet. Emma was net acht maanden toen hij zei: ‘Ik trek het niet, ik ga.’ Mijn tranen leken hem niet te raken en oplossingen die ik aandroeg, wees hij 
resoluut van de hand. ‘Hij komt wel terug,’ voorspelden vriendinnen troostend. Ik wist wel beter. Het was voorbij: de baby die 
onze verbintenis nog sterker had moeten maken, had ons juist uit elkaar gejaagd. Ik mis hem, ik mis de man die hij vroeger was, de droom die wij samen hadden. Met mijn dochter ben ik heel blij, alleen had ik dit niet in mijn eentje willen doen. Het gat dat hij heeft achtergelaten, is nog voor geen millimeter gedicht. Hij woont ondertussen alweer samen met een ander. Betaalt keurig alimentatie, maar bemoeit zich verder nergens mee. Zijn dochter lijkt hem niets 
te kunnen schelen. Dat hij zo’n andere 
kant bleek te hebben dan de kant die ik al zes jaar kende, blijft onbegrijpelijk.”

Dit artikel is afkomstig uit VIVA 26. Abonnee worden of een losse editie van VIVA bestellen? Klik hieronder:

»Bestel VIVA online | Klik hier «