Sex? Nee, dank je

Bij mij op zwangerschapsgym zat ooit een vrouw met bekkeninstabiliteit. Ze had het zwaar. Ze was in verwachting van haar tweede en kon amper bewegen. Ik bekeek haar met medelijden. Zelf was ik zo mobiel en fris als een hoentje. Misschien wel frisser dan ik ooit nog zou zijn daarna, maar dat is een ander verhaal. Het hele begrip bekkeninstabiliteit was voor mij volstrekt abstract. Geen idee wat ik me daarbij moest voorstellen. Maar als ik haar zag voortbewegen als een bejaarde zonder rollator, begreep ik dat het moest zijn alsof vanbinnen al haar scharnieren loszaten.

Nu even niet

Op een avond zaten wij weer in ons vertrouwde kringetje rondom de juf, die gek genoeg zelf nog nooit was bevallen. Die avond was ze beland bij het hoofdstuk ‘Sex na de bevalling’. Nu schijnt sex tijdens de zwangerschap ook al stof voor boeken te zijn, maar dat hoofdstuk sloeg ze gemakshalve over. Sex na de bevalling was een ver-van-mijn-bed-show. Als ik eraan dacht hoe mijn onderkant na het baren ‘aan stukken gereten zou zijn’, leek het me een haast onmogelijke opgaaf. Dat een medecursist fijntjes opmerkte sinds haar eerste bevalling geen tampon meer binnen te kunnen houden, droeg niet bij aan een positief toekomstbeeld.

De juf vertelt
Met samengeknepen billen luisterden we naar de theoretische kennis van de juf, die iets stamelde van minstens zes weken wachten tot na de geboorte. En zeker nooit iets te doen wat niet goed voelde. De vrouw met bekkeninstabiliteit verwoordde ons pessimisme door te verzuchten dat het haar een ‘een leuk kerstcadeautje voor haar man leek’. Het was juni.
Zoals dat meestal gaat met tijdelijke clubjes verdwenen we spoorloos uit elkaars leven. Toch zag ik de vrouw met bekkeninstabiliteit nog een keer terug. Ze was weer zwanger. Zelf had ik ook niet stil gezeten. Ik duwde een buggy voort met daarin een nieuwe aanwinst. Kennelijk waren onze kerstcadeautjes goed uitgepakt.

Nu te koop: Viva Mama.
Met daarin: Ja, ik wil weer! Wanhoopspogingen om een sexleven te hebben

Door Sunna Borghuis