Wees geen zeikwijf in je relatie: zó pak je het aan

Een beetje zeuren doet iedereen weleens, maar van eeuwig gezeik knapt geen relatie op. Maar hoe doe je dat nou: stoppen met zeuren?

Hoewel ik mezelf er honderd jaar van heb proberen te overtuigen dat ik easy going en supermakkelijk ben, weet ik inmiddels dat ik onder de streep een grote zeikerd ben. Mijn vriend weet dat uiteraard ook – hij is in negentig procent van de gevallen mijn zeur-doelwit ook al spreekt hij me er zelden expliciet op aan. Toch merk ik heus wel dat hij er af en toe doodmoe van wordt. En terecht. Toen ik erop ging letten, viel me op dat de sfeer in huis er door mijn gemekker niet altijd beter op werd. Goh. Ik besloot te kijken wat er zou gebeuren als ik een maand lang nergens over zou zaniken tegen mijn vent.

Vijf dagen niet zeiken

De eerste vijf dagen van mijn experiment verandert de dynamiek in huis volledig. Op zich logisch, want ik hou dapper mijn mond als ik voor de zoveelste keer zijn laptoptas op de eettafel aantref, de strijkplank niet is teruggezet op z’n plek en er een leeg melkpak in de ijskast staat (waarop overigens standaard zijn antwoord is dat ‘er nog echt wel iets in zat, hoor’ als ik er iets van zeg). Als ik vanuit het niets de neiging voel om – bij voorkeur vijf keer achter elkaar – te vragen waarom we niet meer elke dag tongzoenen zoals vroeger, en of hij nog van me houdt, bijt ik op mijn tong en glimlach mijn serene Mona Lisa-smile. Ik zeur helemaal nergens over. En ik hoef eigenlijk ook helemaal niet te vragen of hij nog van me houdt; hij heeft het nog nooit zo vaak gezegd als in die paar dagen. Ik krijg ook bijzonder veel verliefde blikken, en heel vaak zomaar een arm om me heen. Mijn man is overduidelijk zielsgelukkig met zijn vernieuwde, niet-zeikende 2.0-vrouw. Maar na vijf dagen begin ik een beetje uitgeput te raken.

Wekelijks zeurlijstje

Tijdens mijn experiment merk ik dat de sfeer weliswaar beter wordt als ik mijn mond hou en alles zelf doe, maar dat het ook niet goed voelt en veel tijd kost om het op die manier te doen. De beste oplossing zou zijn dat hij eindelijk zijn was in de wasmand gooit en de dop op zijn scheerschuim drukt, maar ik heb de hoop een beetje opgegeven dat dat nog gaat gebeuren. Hoe zorg ik ervoor dat ik niet hoef te zeuren, maar ook niet alles zelf hoef te doen? Volgens Jean-Pierre van de Ven moet ik proberen ergens tussenin uit te komen. ‘Het is zeker heel goed om niet óveral over te beginnen en dingen soms te laten liggen,’ zegt hij.
‘Je kunt bijvoorbeeld een week lang niets zeggen, maar bijhouden wat je ergernissen zijn en wat je mist. Na afloop kijk je voor jezelf welke punten het belangrijkst zijn, en daar ga je met hem over zitten.

Emmers liefde

In de laatste week van mijn experiment probeer ik het op deze manier te doen. Goed, ik zeur nog een paar keer over kleine dingen, maar voor de rest spaar ik het op. En als ik na een week mijn lijstje zie, merk ik dat ik driekwart ervan eigenlijk helemaal niet belangrijk vind. De rest wil hij met liefde voor me doen, zegt hij. Ik moet het nog zien, maar laten we van het positieve uitgaan. Pick your battles, concludeer ik na een maand. En bij de battles die ik voorbij laat gaan, denk ik maar aan de emmers liefde die ik op die momenten van hem krijg.

 

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties?
Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief

Tekst: Suus Ruis | Beeld: Pexels

Dit verhaal heeft eerder in VIVA gestaan