Actrice Tina de Bruin: ‘Mezelf terugzien is niet zo makkelijk als tien jaar geleden.’

Series, films, toneel, reclame: Tina de Bruin (38) acteert alle kanten op. De komende tijd staat ze in het theater met de komedie ‘bedscènes’en daar heeft ze zin in. ‘Ik hou van zwarte humor. Dat mensen lachen om iets wat niet om te lachen is.’

Ligt comedy je goed?
“Ik ben snel geneigd ergens comedy van te maken. En ik hou erg van zwarte humor, als mensen moeten lachen om iets wat eigenlijk niet om te lachen is. Of van de zenuwen lachen, dat vind ik heel grappig. Er zijn ook mensen die lachen als ze horen dat er iets ergs is gebeurd. Ik denk dat humor dicht bij verdriet ligt. Zelf zal ik altijd hardnekkig proberen ergens humor in te zien, grapjes te maken. Dat heb ik soms niet eens door, wat ook weleens irritant kan zijn.”

Je speelt iemand van rond de dertig, jonger dan je bent. Word je vaak jonger geschat?
“Dat gebeurt. Maar ja, ik word toch ouder. Als ik ’s ochtends met een kreukelhoofd wakker word, ben ik niet blij. En als nu wordt gezegd: ‘Je moet voor die rol in een bikini,’ denk ik ook niet meteen: o ja, te gek, ik trek er meteen een aan. Mezelf terugzien in een film of op tv vind ik minder makkelijk dan tien jaar geleden. Toen was alles nog fris en fruitig, langzamerhand takel je toch af. Maar het hoort er allemaal bij. Ik zou niet terug willen naar tien jaar geleden. Dan maar een rimpeltje, vetbultje en putje in de dijen meer. Elke keer naar een kliniek gaan, zie ik niet zitten. Maar over tien jaar denk ik daar misschien anders over.”

Voel je nooit de druk om aan je uiterlijk te laten sleutelen?
“Nee, daar heb ik geen last van. Ik vind wel dat je, als je ongelukkig bent met iets, er vooral iets aan moet laten doen. Als ik enorme wallen zou hebben of een flapkin, zou ik waarschijnlijk de eerste zijn die ze laat weghalen. Hoewel ik ook bang ben voor operaties. Ik heb er soms nachtmerries over dat 
iemand spuiten in mijn gezicht zet. Je kunt ook te ver gaan met ingrepen. Ik noem geen namen, maar er zijn mensen die tegen zichzelf in bescherming moeten worden genomen. Negentig procent van onze communicatie is non-verbaal. Zonde als je dat allemaal weghaalt, de rimpeltjes, een wenkbrauw die je kunt optrekken. Wat blijft er dan over? Ik kan er uren naar kijken, mensen die veel hebben laten doen. Het is fascinerend, je ziet dat er iets niet klopt.”

Het hele interview met Tina lezen? Kijk in dan in VIVA 24, tot 10 juni in de winkel.

Bron: VIVA 24
Beeld: Rachel Schraven