Edson da Graça: ‘Ik ben een pleaser en daar baal ik van’

edson da graça

Opeens zie je hem overal opduiken: de goedlachse Edson da Graça. Al is die glimlach lange tijd een masker geweest om zijn depressie te verhullen. ‘Pas na zes jaar durfde ik iemand te vertellen hoe het echt met me ging.’

Het is zaterdagochtend elf uur en Edson en ik hebben een Zoom-afspraak. Op de achtergrond hoor ik speelse geluiden, hij is vader van drie kinderen. Op de vraag of ze zich vermaken, grapt ie: ‘Eentje is een jointje aan het draaien, de ander een crackpijp aan het roken, dus ze houden zichzelf wel bezig. Haha, nee ze zijn lekker aan het spelen.’

Wat doe je normaal gesproken op zaterdagochtend?

‘Ik ben coach van het voetbalteam van mijn zoontje, dus ik sta elke zaterdag aan de kant te schreeuwen als een gek. Eerst was ik vaak op zaterdag aan het werk, ik had opnames voor verschillende programma’s, maar die zijn net afgerond, dus ik vind het lekker om wat meer tijd met de kids te spenderen. De jongste is één en de oudste twee van zeven en negen springen hier een beetje rond − heel leuk, ze zijn heel druk.’

Hoe was jij als kind?

‘Ik was altijd buiten aan het spelen, aan het voetballen. Ik speelde veel met gasten uit de buurt, mijn grootste leerschool was de straat. Daar leerde ik dealen met verschillende persoonlijkheden. Ik wist voor wie ik moest oppassen, ik kende de hiërarchie en daardoor leerde ik me aan te passen aan situaties. Dat kan ik als de beste: me in situaties aanpassen. Of dat een valkuil of een gave is, daar ben ik nog niet over uit.’

Wanneer is het een valkuil?

‘Ik ben een pleaser en daar baal ik van. Als iemand iets zegt waar ik het niet mee eens ben, ga ik er niet tegenin. Ik ben confrontatie-vermijdend, wil dat iedereen me lief vindt. Laatst moest ik tweeënhalf uur wachten in een hotel op een keiharde stoel. Ik werd niet geholpen terwijl alle andere mensen wel werden geholpen. Op zo’n moment durf ik niks te vragen, omdat ik bang ben dat ik lastig overkom. Ik weet niet of dat nature of nurture is, ik denk allebei. Vroeger werd bij ons thuis niet over moeilijke dingen gesproken, dat deden we gewoon niet. Het was vooral belangrijk dat het thuis chill was.’

Hoe kijk je terug op je jeugd?

‘Ik groeide op in de Vogelbuurt in Amsterdam-Noord, een van de armste buurten in Nederland, maar dat heb ik nooit zo ervaren. Dat realiseerde ik me pas later. Ik zag bijvoorbeeld dat mensen geld meekregen van hun ouders als ze het huis uit gingen, bij ons was dat geld er niet. Bijna niemand in mijn familie studeerde, want dat kostte geld. Na de middelbare school ging je gewoon werken. Maar ik ben niks tekort gekomen. Als ik had willen studeren, had mijn moeder er alles aan gedaan om dat te faciliteren. Maar omdat ik geen voorbeelden had, zag ik studeren niet als een optie.’

Edson groeide op met zijn halfbroer van moederskant, en twee halfbroers en een halfzus van vaderskant. Op zijn vijfde kwamen die bij hen wonen vanuit Kaapverdië, waar zijn ouders vandaan komen. ‘Ik zie hen als volwaardige zus en broers. We zijn samen opgegroeid.’ Zijn ouders verhuisden weer terug naar Kaapverdië, waar Edson ook nog regelmatig kwam. ‘De band met mijn ouders is altijd goed geweest, helaas is mijn vader vorig jaar overleden.’

Hoe is je vader overleden?

‘Nou, het is een bizar verhaal. Vorig jaar maart werd mijn zoontje geboren en trakteerde ik mijn ouders op een reisje hiernaartoe. Toen ze aankwamen, ging het land door corona op slot. Omdat ik geen risico wilde nemen, hield ik mijn ouders nog op afstand van mijn zoontje. We hadden ons oude huis nog leegstaan, dus konden ze daar logeren. Toen ik op bezoek ging, zag mijn vader er niet goed uit. Hij zei ook dat hij moe was, dus we gingen naar het ziekenhuis. Bleek dat hij uitgezaaide leverkanker had, zes dagen later was hij overleden. Het was verschrikkelijk, we dachten dat hij nog maanden zou hebben. Een enorm harde klap. Hij kwam om zijn kleinzoon te zien en dat is nooit gebeurd. Het was bizar: afscheid nemen, terwijl ik thuis met een newborn zat.’

Hoe gaat het nu met je?

‘Het is een zware rollercoaster. Het scheelt dat ik er goed over kan praten, maar soms sta ik ’s nachts op en barst ik in huilen uit. Ik vind het een heel raar idee dat ik zijn stem nooit meer ga horen. Omdat ik me ergens aan probeer vast te houden, denk ik: misschien is het wel meant to be dat hij hier was. Als hij nog op Kaapverdië zat, had ik daar niet heen gekund. Ik ben blij dat ik mijn ouders nog heb kunnen trakteren op een reis. Dat wilde ik altijd al doen, omdat ik heel lang in de schulden heb gezeten.’

Lees ook:
Wouter de Jong: ‘Het eerste wat ik tegen Elise zei was: ‘Gebruik jij deo?’’

Hoe kwam je in de schulden terecht?

‘Toen ik twintig was, zat ik in een productieteam dat beats en producties maakte voor rappers als Ali B en Brace. Het ging heel goed, ik dacht dat ik ‘het’ ging maken. Na een jaar bleek dat de manager, die als een broer voor me was, ons financieel had belazerd. Bleek dat ‘ie al het geld had gepind en geen enkele rekening had betaald. Ineens had ik een schuld van dertigduizend euro.’

Wat deed dat met je?

‘Ik zat met vrienden in dat bedrijf en ben een aantal van hen en mijn baan kwijtgeraakt. Ik belandde in een depressie, begon jointjes te roken om maar niets te hoeven voelen, terwijl de schuld hoger werd. Ik was niet suïcidaal, maar zag geen uitweg meer. Ik dacht: als ik word geschept door een vrachtwagen, is dat prima. Ik ben zes jaar echt superdepressief geweest.’

Hoe ben je daaruit gekomen?

‘Om mijn vaste lasten te betalen, gaf ik workshops op school om kinderen beats te leren. Op een school ging ik als mentor aan de slag. Een jaar lang ging ik daarnaartoe met een masker op mijn gezicht, totdat een zorgcoördinator zei: ‘Je bent altijd zo vrolijk, maar ik voel dat er iets niet klopt.’ Ik begon keihard te huilen. Ik was 28 en het was voor het eerst in zes jaar dat ik iemand het hele verhaal vertelde. Mijn ouders durfde ik het niet te vertellen. De zorgcoördinator heeft me naar een psycholoog gestuurd. Ik voelde me meteen lichter in mijn hoofd en stopte met jointjes roken.’

De psycholoog adviseerde Edson naast werk iets te doen wat hij leuk vond. ‘Zijdelings deed ik al heel low key comedy en toen kon ik in het Bijlmer Parktheater optreden. Jörgen Raymann zag me en vroeg of ik langs kwam in zijn show Zo: RAYMANN.’ Na de show werd Edson gebeld of hij een kinderprogramma wilde presenteren. Daar is het balletje gaan rollen. ‘Ik begon geld te verdienen, kreeg mijn joie de vivre terug.’

Tekst: Milou Deelen | Foto’s: Maaike van Haaster
Met dank aan HappyHappyJoyJoy Amsterdam

De gehele ‘Leuke man’ met Edson da Graça lees je in VIVA-19-2021. Deze editie ligt vanaf 12 mei in de winkel.
Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken. We hopen te kunnen rekenen op je begrip!

VIVA nieuwsbrief

Iedere week de leukste nieuwsbrief van Nederland in je mailbox?