Hoe ik de wereld mijn billen toonde

geen

Hoewel ik allesbehalve een verlegen jongen ben, heb ik nooit de prangende ambitie gehad mijn billen te tonen aan een groter, live publiek dan de zorgvuldig geselecteerde vrouwen in mijn leven. Laat dit nou precies zijn wat er vorige week gebeurde, volkomen onbedoeld en tot groot vermaak van het aanwezige publiek.

Koopavond
We schrijven half negen ‘s avonds tijdens een willekeurige koopavond in een van de grootste modewinkels in het pittoreske Groningen. Na een twaalfurige werkdag wil ik voor ik naar huis ga nog even de kleren ophalen die ik besteld had, dus ik ga nog even de stad in. Als ik bij de winkel aankom schuiven de glazen schuifdeuren open zoals glazen schuifdeuren dat behoren te doen en ik loop richting de rij voor de kassa.

Driedelig maatpak
Overdreven overdressed voor de gelegenheid val ik in mijn donkerblauwe, driedelige maatpak behoorlijk uit de toon tussen het winkelende koopavondpubliek. Voor me staan zeker twintig ongeduldige klanten, en beleefd wacht ik ongeduldig mee tot ik aan de beurt ben. Het schiet inderdaad niet erg op, ik ben moe en ik wil naar huis. Tegen de tijd dat ik aan de beurt ben, heeft zich weer een respectabele rij achter me gevormd.

Hallo

Hallo. Ik kom mijn pakketje ophalen.”

Of ik een legitimatiebewijs bij me heb. Natuurlijk. Ik buig voorover om mijn rijbewijs uit mijn tas te halen en terwijl ik door mijn knieën ga klinkt er een oorverdovend “RATS” door de winkel.

Vrolijkgekleurde boxershort
Mijn perfectzittende, enkel gevouwen broek scheurt volledig en zonder genade open, mijn vrolijkgekleurde boxershort tonend aan de rest van de wereld, tot groot vermaak van de mensen in de rij achter me. Een luid gelach stijgt op en ik draai me met de kop van het liefdeskind van een aardbei en een tomaat lachend om. “Oeps.”

Ja, die meneer is uit zijn broek gescheurd.
Het meisje achter de kassa doet tot haar eeuwige roem alsof er niets gebeurd is, bekijkt mijn rijbewijs en zegt mijn pakje op te halen. Ik sta vervolgens voor de keuze om óf zo te blijven staan, met mijn ondergoed zichtbaar voor de wijde wereld maar met het comfort dat ik de mensen achter me niet aan hoef te kijken, óf om me om te draaien en mijn billen te verhullen. Ik besluit tot het laatste. Dom, want als het kassameisje na wat voelt als een eeuwigheid weer terugkomt, moet ik me alsnog omdraaien. Ja, die meneer is uit zijn broek gescheurd.

Ik teken, reken af en loop zo snel ik kan met mijn staart tussen mijn benen en het schaamrood op mijn kaken de winkel uit, blij dat de marteling over is.

Zo snel mogelijk naar huis
Behalve dan dat die nog niet over was: ik moet nog naar huis. Op de fiets, zo’n mountainbike waarop je zo lekker voorover zit. Ik zoef met supersonische snelheid naar huis, een rit die langer duurt dan ooit, terwijl ik de mensen die ik inhaal een mooi en kortstondig uitzicht geef.

Bijna voorbij
Ik kom thuis, parkeer mijn fiets en loop de trap op naar mijn voordeur. Eindelijk is het voorbij. Dan hoor ik achter me de stem van mijn buurvrouw, met wie ik een tijdje geleden op regelmatige basis vieze dingen deed.

Dag, buurman. Dat is even geleden dat ik je zo gezien heb.

Er gaat niets boven Groningen.