Jessica filmt 1,5 jaar lang de kinderen van Ruinerworld: ‘Dat er geen antwoorden komen blijft onverteerbaar’

Jessica Villerius

Nederland zat aan de buis gekluisterd voor haar docuserie De kinderen van Ruinerworld, waar Jessica Villerius door de kinderen zelf voor benaderd was. De mensen in haar documentaires staan dan ook altijd op één. Jessica: ‘Ik moet mezelf in de spiegel aan kunnen kijken.’

Wanneer ik Jessica spreek, is net de laatste aflevering van haar vierdelige docuserie De kinderen van Ruinerwold uitgezonden. Hierin gaat ze in gesprek met Shin, Edino, Mar Jan en Israel – de vier oudste kinderen uit het Drentse gezin dat in 2019 wereldnieuws werd. Vader Gerrit Jan van D. blijkt jarenlang een geheim en ongeregistreerd leven te leiden met zijn zes jongste kinderen. Door de oudste vier wordt een aanklacht tegen hem ingediend voor mishandeling, misbruik en vrijheidsberoving. Anderhalf jaar volgt Jessica dit bijzondere viertal dat aan de hand van herinneringen, onderlinge gesprekken en gevonden videomateriaal voor het eerst zelf hun verhaal deelt met de wereld.

Iedereen heeft het over De kinderen van Ruinerwold, hoe is dat voor jou?

‘Ik ben vooral heel dankbaar. Dat klinkt misschien een beetje weeïg, maar voor mij was het voornaamste doel van dit project om ‘de kinderen’ veilig naar de overkant te brengen en dat is gelukt. Het voelt alsof ze omarmd zijn door heel Nederland en dat gun ik ze enorm. Ik heb alle vertrouwen in deze jonge mensen, ze zijn zo sterk en optimistisch, ik kan daar echt emotioneel van worden.’

Je zegt dat hun veiligheid het belangrijkst was. De kinderen hebben jou gevraagd hun verhaal te portretteren omdat de pers op hen bleef jagen en ze het op hun eigen tempo wilden doen. Ik begreep dat je met hen de afspraak had dat ze zich tijdens dit proces elk moment mochten bedenken. Dan zou je misschien geen film hebben na maandenlang werk. Ben je tijdens zo’n maakproces helemaal niet bezig met het eindproduct, namelijk een mooie serie afleveren? 

Lachend: ‘Nee, ik denk echt dat ik dat gen mis. Natuurlijk heb ik een journalistiek hart en wil ik het échte verhaal altijd vertellen. Die kans kreeg ik hiermee. Maar voor mij is de film uiteindelijk ondergeschikt aan het proces. Het product is eigenlijk de kers op de taart en ik zorg dat die kers dan zo goed, zo mooi en zo kloppend mogelijk is. Natuurlijk vind ik het leuk om iets te kunnen delen, daar ben ik kunstenaar voor. Maar tijdens het maken ben ik niet bezig met het eindresultaat, ik ben dan vooral aan het creëren. En in dit geval al helemaal niet, deze situatie was zo complex en onveilig dat ik tijdens het eerste gesprek tegen de kinderen zei: mijn enige voorwaarde om dit te gaan maken, is dat we op ieder moment kunnen stoppen. Natuurlijk had ik gebaald als het niet was doorgegaan, vooral omdat ik graag hun verhaal wil vertellen, maar het was dan om een loepzuivere reden geweest. En ik weet hoe ik zelf in elkaar zit: als ik deze serie had doorgedrukt en zij hadden er een naar gevoel aan overgehouden, dan slaap ik niet. Ik moet mezelf in de spiegel aan kunnen kijken – anders kan ik meteen wel stoppen.’

Wat mij opviel, is dat je als kijker meeleeft met de kinderen, maar dat het nooit ‘aapjes kijken’ wordt. Ik vond het een enorm contrast met hoe er eerder in andere media over hun situatie is gesproken. Je hebt ook beelden van talkshows gebruikt in je serie waarin vaak op een sensatiebeluste manier over de kinderen wordt gepraat. Waarom heb je ervoor gekozen om deze beelden te gebruiken – kan ik dat zien als mediakritiek?

‘Ik heb deze keuze vooral gemaakt om de kijker bewust te maken van de sensatie waarmee dit soort nieuws naar buiten wordt gebracht. Miljoenen mensen kijken naar die talkshows en gaan dan toch mee met het narratief dat daar wordt geschapen. Een misbruikervaring is dan ‘nieuws van de dag’, maar voor deze kinderen is het werkelijkheid, zij moeten iedere dag dealen met deze ervaringen. Ik hoop dat mensen deze beelden nu in een ander perspectief kunnen zien, namelijk iets meer door de ogen van de kinderen.’

Even later: ‘Ik heb ook zeker kritiek op sommige media, dat schuif ik niet onder stoelen of banken. Ik voel me ook helemaal geen onderdeel van de elitepers, omdat hun aanpak vaak iets weg heeft van als een olifant door een porseleinkast denderen. Ik wil nooit kort-door-de-bocht verhalen vertellen, er moet altijd ruimte zijn voor nuance. Maar ik realiseer me ook dat ik in een luxepositie zit: ik hoef nooit morgen te leveren. Dat vind ik ook het fijne aan filmmaken: ik heb altijd alle tijd en ruimte om een verhaal van verschillende kanten te belichten.’

Lees ook:
Joy Delima: ‘Ik ben geen sexpert ofzo, ik heb ook seksuele onzekerheden’

Begin maart werd duidelijk dat Gerrit Jan van D. volgens de rechtbank niet kan worden vervolgd, omdat hij zichzelf niet kan verdedigen vanwege hersenletsel. Hoe kwam dit nieuws binnen bij jou en de kinderen?

‘De uitspraak van de rechter was een van de meest bizarre scènes die ik ooit heb gedraaid. We waren met z’n allen bijeengekomen en het was minutenlang stil, tot Israel zei: ‘nou, dit is het dan’. Het raakte mijn gevoel van rechtvaardigheid, dit klópt gewoon niet. Ergens dacht ik ook: nu kan hun leven en de echte traumaverwerking pas beginnen, het bespaart ze maanden van ellendige zittingen. Eigenlijk was er geen perfecte oplossing – of ja, dat hun vader zichzelf goed kon verdedigen en kon uitleggen waarom hij dit allemaal heeft gedaan. Dat had ik hem graag horen uitleggen. Dat er geen antwoorden komen van hem blijft moeilijk en eigenlijk onverteerbaar.’

De drang om taboethema’s rondom misbruik, criminaliteit en psychische stoornissen open te breken, lijkt in al je werk terug te komen, alsof je tegen je kijkers wil zeggen: niet wegkijken, we moeten hier iets mee in onze samenleving. Is dat inderdaad jouw missie?

‘Ja, dat klopt wel. Als ik denk dat een vraag of probleem meer mensen aangaat dan alleen mijn hoofdpersoon, vind ik dat al reden genoeg om het te onderzoeken. Voor mij is het inzetten van film een magische tool om een groot publiek te bereiken. Hoe echter je een verhaal vertelt, hoe meer impact het heeft.’

Als voorbeeld haalt Jessica haar film Emma wil leven aan. Hierin volgt ze de achttienjarige Emma, die al sinds haar twaalfde anorexia nervosa heeft en na jaren intensieve therapie is uitbehandeld. Een tragisch einde: net als ze besloten heeft dat ze er alles aan wil doen om te blijven leven, is haar lichaam uitgestreden. ‘Die film is onder de huid van zo veel mensen gekropen,’ vertelt Jessica. ‘Emma filmde zichzelf die laatste fase van haar leven en deed dat zo puur. Door deze film zijn er veel gesprekken op gang gekomen tussen ouders en kinderen en tussen vrienden – heel bijzonder en belangrijk. Mijn missie is om een verhaal zo te vertellen dat het een maatschappelijk doel dient. Ik vind het belangrijk dat we het meer over complexe thema’s hebben met elkaar.’

En dat krijg jij voor elkaar in je films. In Maskers af delen jonge vrouwen de kwetsbaarste details over hun eetstoornisherstel en in Shocktherapie filmt een van de hoofdpersonages zichzelf terwijl ze aan de ketamine is ter verdoving van haar depressieve gevoelens. Waarom denk je dat mensen jou zo dichtbij laten komen?

‘Ik investeer veel tijd in de band met mijn hoofdpersonen. Wat je in een film ziet, is maar een paar procent van de tijd die we samen optrekken. Als ik alleen met ze in gesprek ga wanneer we filmen, creëer ik een soort Instagram-werkelijkheid, terwijl ik juist een compleet beeld wil laten zien. En tijdens de draaidagen ben ik alleen bezig met de mensen, nooit met het filmproces. Ik wil weten hoe zij zich voelen, wat ze zelf willen vertellen – dat maakt het veilig. Daarnaast is mijn scholing een meerwaarde denk ik. Ik heb een opleiding in de forensische psychiatrie, maar bijvoorbeeld ook een expertise in radicalisering en terreur. Ik weet veel van zowel het criminele brein als het effect van trauma, ik begrijp heel goed hoe hersenschade zich manifesteert en hoe bepaalde emoties geblokkeerd worden. Het helpt dus ook tijdens gesprekken dat ik goed kan navigeren tussen verschillende gevoelens.’

Hoe bescherm jij jezelf eigenlijk tegen al die heftige verhalen die je hoort? Het zijn niet bepaald lichtvoetige thema’s waar je dagelijks mee bezig bent.

‘Klopt, ik moet mentaal fit zijn om mijn werk goed te kunnen doen. Als ik labiel word, kan ik niet voor anderen zorgen. Door de jaren heen ben ik alert geworden: ik weet meteen wanneer mijn emmer eigenlijk te vol zit. Dan voel ik me uitgeput of krijg ik een kort lontje. Dan heb ik te veel vergif gezien en ben ik boos op de wereld en weet ik: vanmiddag moet mijn agenda leeg. Buiten zijn in de natuur of boksen helpt, lekker zweten en alles eruit rammen. En we hebben ook een psycholoog in ons team, daar kan ik altijd mee praten als dat nodig is.’

Je hebt uitzonderlijk veel films op je naam staan en lijkt van project in project te rollen. Hoe ziet jouw leven eruit als je niet aan het werk bent?

‘Ik moet zeggen dat mijn werk- en privéleven aardig in elkaar overlopen. Soms vind ik het moeilijk om genoeg rust te nemen, ik vind mijn werk gewoon het leukste wat er is. Ik heb een tijdje geleden bewust een hond genomen om meer tijd voor mezelf vrij te maken, dat is de beste keuze ooit geweest. Beer heeft aandacht en tijd nodig, ik kies nu sneller voor hem en daarmee mezelf, waar ik vroeger sneller een avond doorwerkte. En ik heb al jaren een hele loyale vriendengroep, zij zijn er altijd. Een avond wijn drinken en keihard lachen met hen helpt ook om mijn hoofd te legen, maar met het werk dat ik doe vind ik het ook heerlijk om op zaterdagavond met een pizza op bank te liggen.’

Tekst: Tatjana Almuli | Foto’s Jessica Villerius: Kee&Kee

Het hele interview met Jessica Villerius lees je in VIVA-19-2021. Deze editie ligt vanaf 12 mei in de winkel of lees je hieronder verder via Blendle. 

» LEES VERDER VIA BLENDLE «

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken, linken wij je door naar Blendle om het hele artikel te lezen. Dit is een online platform waar je betaalt per artikel – in de meeste gevallen een paar dubbeltjes – en de journalistiek mee steunt. We hopen te kunnen rekenen op je begrip! 

VIVA nieuwsbrief

Iedere week de leukste nieuwsbrief van Nederland in je mailbox?