Mustafa Duygulu: ‘Ik leg de lat hoog, soms op het obsessieve af’

mustafa duygulu

Acteren, schrijven en regisseren. Mustafa Duygulu (34) kan én doet het allemaal, terwijl hij – naar eigen zeggen – niet met een 2-0 voorsprong op deze wereld is gekomen.

Je schreef het scenario voor de film De Oost. Hoe ben je hierbij betrokken geraakt?

‘Ik leerde Jim Taihuttu, de regisseur, kennen tijdens de opnames van de film Wolf, waarin ik speelde. Hij is echt de geestesvader van De Oost en hij had al een eerste versie van het scenario geschreven toen hij me vroeg of ik wilde meeschrijven. Ik vind Jim een interessante filmmaker met een sterke visie en de verborgen geschiedenis achter het verhaal trok me erg aan. Ik wilde heel graag meewerken aan zo’n uitdagend project.’

Wist je al iets over de onafhankelijkheidsoorlog in Nederlands-Indië, die het decor is van De Oost?

‘Nee, ik wist niet dat er vlak na de Tweede Wereldoorlog nog een andere oorlog werd bevochten in Indonesië. Ik ben opgegroeid in een omgeving met mensen van verschillende afkomsten, maar ik had niet zo veel kennis over de roots van mijn Indonesische en Molukse vrienden. Jim, wiens opa in het KNIL zat, had al een hoop research gedaan en hij gaf me veel te lezen en te kijken. We proberen accuraat te zijn met de film, maar er moet genoeg ruimte zijn om een eigen verhaal op te bouwen, zodat je je punt kunt maken.’

Je lijkt omringd door een soort jongensclub van creatievelingen. Met Jim, maar ook Nasrdin Dchar, Marwan Kenzari en Achmed Akkabi. Wat is die connectie?

‘We houden allemaal van film, ik denk dat dat is wat ons verbindt. Als we over films praten, zijn we net weer jongens op de middelbare school die het hebben over de film die ze vrijdagavond zagen op tv. Jim, Nasrdin en producent Victor Ponten waren al heel goede vrienden, daar kwamen Achmed en Marwan bij, en ik kwam daar bij Wolf bij. Ik heb ook de eerste vier afleveringen van seizoen twee van Mocro maffia geregisseerd, wat weer Achmeds project is. We zoeken elkaar op zodra we denken dat we bezig zijn met een project waar de ander van aan zal gaan.’

Was je op school ook die jongen die altijd met film bezig was?

‘Ik was een jongen die graag naar mensen en naar situaties keek, maar ik wist toen nog niet dat ik dit wilde gaan doen. Wij hadden het thuis niet breed, dus ik wilde vooral rijk worden. Ik bezorgde een huis-aan-huiskrant waarin de huizen stonden die in Eindhoven te koop waren. Op de voorpagina stond altijd het duurste huis en ik ging daar dan naartoe om te kijken waarom ie twee miljoen gulden waard was. Ik had een Afghaanse vriend in de klas, de enige andere buitenlandse jongen op een school waarop veel welvarende kinderen zaten.We werden beste vrienden en besloten om samen rijk te worden.’

Hoe gingen jullie dat aanpakken?

‘We zijn uiteindelijk de opleiding small business en retail management gaan doen. Alleen was hij veel gedrevener dan ik. Ik voelde dat ik met zesjes mijn diploma ging halen en dat dit niet was wat ik wilde met mijn leven. Ik had me eerder al ingeschreven voor een theatercursus, nadat ik bij een optreden van Jörgen Raymann was geweest, wat een van de meest bijzondere ervaringen uit mijn leven was. Terug in de auto zei ik tegen mijn vader: ‘Dit wil ik ook.’ Nadat ik was gestopt met mijn opleiding, kreeg ik een telefoontje: of ik mee wilde doen aan een jeugdtheaterproductie. Daarna besefte ik wat ik echt graag wilde: naar de toneelschool. Ik heb auditie gedaan en ben aangenomen, een bijzondere levensloop als je ziet waar ik vandaan kom.’

Lees ook:
Thomas van der Vlugt: ‘Ik probeerde paniekaanvallen weg te drukken met drank, feestjes en vrouwen’

Bedoel je dat het niet voor de hand lag, gezien je afkomst?

‘Ja, mijn ouders waren niet heel blij dat ik dit ging doen. De meeste arbeiders willen dat hun kinderen een universitaire opleiding gaan volgen. Ze zijn niet naar Nederland gekomen om hun zoon een clownsneus op te zien doen. De ultieme vorm van succes voor mijn ouders was dat ik advocaat, zakenman of dokter zou worden. Acteur, regisseur of schrijver was niet iets wat tot de opties behoorde. Maar toen er recensies van mijn werk verschenen en ik op tv kwam, waren ze toch ook trots.’

Heb je het gevoel dat je harder hebt moeten knokken voor waar je nu staat?

‘Laat ik het zo zeggen: ik denk niet dat ik per se met een 2-0 voorsprong op deze wereld ben gekomen. Ik kan slecht tegen mensen die zeggen ‘ik kom van ver’, maar ik heb wel hard en gedisciplineerd gewerkt om te komen waar ik nu sta. Misschien komt het door mijn vader, dat is een snoeiharde arbeider. Ik ben ervan overtuigd dat als je iets wil bereiken in het leven, dat je daarvoor moet werken. Ik geloof niet in muren, je klimt erover of je breekt erdoorheen.’

Was de toneelschool thuiskomen?

‘Nee, ik belandde in een totaal andere cultuur dan ik gewend was en had in het eerste jaar ontzettend veel aanpassingsproblemen. Ik voldeed niet aan wat je daar volgens de leraren moest zijn en ik voelde me ook een beetje onwetender dan de rest van mijn klasgenoten. Pas toen ik in het tweede jaar zelf een filmpje mocht maken, klikte het echt. Daardoor kreeg ik het zelfvertrouwen en besefte ik ook dat ik niet alleen wilde acteren, maar ook schrijven en regisseren.’

Is het nog steeds je doel om rijk te worden met films maken?

‘Ik hoop dat ik mezelf kan voorzien van de dingen die ik wil. Dat ik een mooi huisje kan kopen en dat de mensen om me heen niets tekortkomen. Maar ik ben niet bezig met multimiljonair worden. Vroeger vergeleek ik mezelf met mijn Nederlandse vriendjes en voelde ik me kleiner omdat we weinig geld hadden en ik mijn ouders zo hard zag werken. Het is niet uit te leggen wat dat doet met hoe je het leven benadert. Nu probeer ik het leven anders te benaderen: doen waar ik gepassioneerd over ben en hopen dat ik daar mijn geld mee verdien.’

Waar ben je het meest trots op als je kijkt naar je leven tot nu toe?

‘Ik ben gewoon trots op hoe het gaat, dat ik zo veel mooie dingen mag doen. Twee maanden geleden ging ik wandelen met Jaike Belfor, een goede vriendin van mij. Op een gegeven moment begon ik haar te vertellen wat ik allemaal beter zou willen doen. Ze keek ze me aan en zei: ‘Broer, kun jij niet even stilstaan en kijken wat je allemaal hebt gedaan, wat je hebt bereikt en hoe goed je het doet?’ Het raakte me zo dat ze dat zei, omdat ik dat soms uit het oog verlies. Ik leef altijd met de mentaliteit: ik streef vooruit. Dan vergeet je soms om stil te staan bij wat je allemaal wél hebt gedaan.’

Ben jij iemand die te hoge eisen aan zichzelf stelt?

‘Ik leg de lat hoog en ben altijd bezig met: wat heb ik daar verkeerd gedaan, en: wat kan ik leren of aanpassen zodat ik beter word – soms op het obsessieve af. Sinds Jaike dit tegen me heeft gezegd, is er wel wat veranderd. Het is echt in me gaan zitten en ik voel me op dit moment heel tevreden.’

Tekst: Jill Waas | Foto’s Mustafa Duygulu: Lin Woldendorp
Met dank aan Coba Taqueria

De gehele ‘Leuke man’ met Mustafa Duygulu lees je in VIVA-23-2021. Deze editie ligt vanaf 9 juni in de winkel.
Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken. We hopen te kunnen rekenen op je begrip!

VIVA nieuwsbrief

Iedere week de leukste nieuwsbrief van Nederland in je mailbox?