App me als je thuis bent: ‘We vinden het normaal dat we een sleutelbos tussen onze vingers houden’

app me als je thuis bent

Na de moord op de 33-jarige Sarah Everard in Londen klinkt de roep hier in Nederland ook luider: het is tijd voor verandering. Vrouwen moeten zich veilig voelen, ook als ze in het donker alleen over straat lopen.

‘App me als je thuis bent.’ Hoe vaak ik dat wel niet in een berichtje aan een vriendin heb geschreven of zelf heb gekregen. Een zoekronde in mijn WhatsApp-geschiedenis vertelt me het precieze aantal: 47 keer. Met een redelijk nieuwe telefoon is dat nog niet eens alles. Niet meer dan normaal vind ik de berichten om te laten weten dat je veilig thuis bent. Maar daar zit precies de crux: de ongelijke machtsstructuren in de maatschappij zitten zo diepgeworteld dat we onbewust veiligheidsmechanismen voor onszelf hebben gecreëerd. We vinden het normaal dat we doen alsof we bellen, een omweg nemen, een live-locatie sturen of een sleutelbos als boksbeugel tussen onze vingers houden. Ik zorg ervoor dat mijn telefoon altijd is opgeladen als ik ’s avonds alleen over straat ga, luister muziek op zacht volume zodat ik alles om me heen nog kan horen en vaak doe ik – al dan niet onbewust – een capuchon op om mijn haar te verbergen. Het is belachelijk dat het zo is ingebakken dat ik, en met mij vele andere vrouwen, me altijd bewust moet zijn van mijn omgeving om mijn eigen veiligheid te waarborgen – al zullen sommige vrouwen het misschien niet eens zo ervaren, omdat ze er zo aan gewend zijn.

De cijfers liegen er niet om: volgens onderzoek van het College van de Rechten van de Mens blijkt dat in Nederland de helft van de vrouwen minimaal één keer in haar leven te maken krijgt met fysiek of seksueel geweld, straat- of online intimidatie. Meer dan een op de tien Nederlandse vrouwen wordt volgens cijfers van kenniscentrum seksualiteit Rutgers verkracht.

De Britse Sarah Everard liep ’s avonds door een keurige wijk in Londen en werd ontvoerd en vermoord. Haar dood maakte veel los onder vrouwen. Met de hashtag #saraheverard verscheen het ene na het andere voorbeeld van seksueel geweld, femicide en straatintimidatie. De zaak roept in Nederland ook onmiddellijk de herinnering op aan Anne Faber (25), die eind 2017 in de buurt van Utrecht werd verkracht en vermoord. Of de zaak van de 23-jarige Belgische studente Julie van Espen die van haar fiets werd gerukt en vermoord. ‘Dit is de onderliggende angst die vrouwen elke dag voelen,’ zegt Lieke Lorea Gaminde, voorzitter van de Stichting Stop Straatintimidatie. ‘Het gevoel dat leeft is: dit had mij ook kunnen gebeuren. Na een heftig incident als de zaak Sarah, laait de discussie over geweld tegen vrouwen en straatintimidatie dan weer op. Maar het enige wat verandert, is dat vrouwen hun gedrag aanpassen. En dat moet anders.’

Normverandering

‘Als een vrouw midden in de nacht alleen naar huis loopt, vraagt ze om problemen,’ reageert Jan D. onder het nieuwsbericht van Sarah. ‘Misschien moeten vrouwen zich ook beter leren verdedigen,’ aldus Manon B. Slachtoffers van (seksueel) geweld en intimidatie kunnen behalve op medeleven ook bijna altijd rekenen op victim blaming (slachtofferbeschuldiging). Want: wie trekt er dan ook zo’n kort rokje aan, wie laat zich nou dronken voeren, wie loopt er zo laat nog over straat? En: waarom gilde of schreeuwde ze niet? Waarom heeft ze zich niet verzet? Met de campagne #ZegErWatVan van Rutgers en kennisinstituut voor emancipatie- en vrouwengeschiedenis Atria wordt aandacht gevraagd voor dit kwetsende en schadelijke fenomeen. Ze roepen mensen op zich uit te spreken wanneer zij victim blaming zien, want zeker na seksueel misbruik kan dit volgens hen veel schade aanrichten. Zo kan het grote invloed hebben op de verwerking en het herstel en kan het er zelfs voor zorgen dat een slachtoffer gevoelsmatig een tweede keer slachtoffer wordt (secundaire victimisatie). Victim blaming bagatelliseert het geweld. Ton Coenen, directeur van Rutgers, vindt dat onacceptabel: ‘Het is schadelijk voor het slachtoffer en de dader komt ermee weg. Victim blaming houdt een cultuur in stand waarin het plegen van seksueel, fysiek of online geweld niet serieus genomen wordt.’

Bovendien: de suggestie dat vrouwen zich meer of beter zouden moeten verzetten, raakt kant noch wal. In veruit de meeste gevallen van seksueel geweld
(zeventig procent) ‘bevriest’ het slachtoffer, waarbij het lichaam in overlevingsmodus raakt en schoppen, slaan of schreeuwen niet eens meer mogelijk is. Madelon (27) is verkracht door een kennis en had te maken met zo’n zogenoemde freeze-reactie: ‘Ik dacht altijd: als mij dit ooit overkomt, trap ik hem gewoon in zijn ballen. Ik dacht dat ik zou gaan schreeuwen, gillen, schoppen, slaan. Maar dat gebeurde niet. Toen hij opeens zijn geslacht uit zijn broek haalde en op me ging liggen, kreeg ik hem niet van me af geduwd. Ik kon niet eens meer praten, ik was totaal verlamd. Ik weet nog dat ik dacht: doe dan maar. Als ik mensen hoor zeggen dat ik me beter had moeten verdedigen, schaam ik me.’

Willy van Berlo, programmamanager Seksueel Geweld bij Rutgers: ‘Victim blaming zit in onze cultuur. Het komt voort uit het idee dat seksualiteit van vrouwen niet gelijk is aan die van mannen. Daarom krijgen vrouwen de schuld als hun iets naars overkomt, ‘ze zal het er wel naar gemaakt hebben’. Als iemand seksueel geweld meemaakt, moet de verantwoordelijkheid liggen bij degene die het doet, de dader dus, niet bij het slachtoffer. De oplossing ligt in cultuurverandering, bijvoorbeeld door goede seksuele vorming, maar ook door publiekscampagnes.’

Gelukkig zien we steeds meer gemeenten het probleem serieus nemen en maatregelen ontwikkelen: in 2017 stelden Amsterdam en Rotterdam een ‘sisverbod’ in: sissen, uitschelden, naroepen, achternalopen en om seks vragen werd verboden. Maar in de praktijk bleken deze maatregelen onhoudbaar. Er werden wel boetes uitgedeeld, maar die hielden voor het gerechtshof geen stand omdat het verbod tegen de vrijheid van meningsuiting in ging. Er ligt nu een nieuw wetsvoorstel (waar-over een definitieve beslissing eind 2021 wordt verwacht) en dat zijn goede ontwikkelingen, maar volgens Van Berlo ook niet de uiteindelijke oplossing van het probleem. ‘Wat je wil, is dat er een gedrags- en normverandering komt. De maatschappij moet het gedrag afkeuren. Mannen moeten zich bewust worden van hun machtspositie.’

Hulp nodig?

Heb je een ongewenste seksuele ervaring meegemaakt? Het telefoonnummer van Centrum Seksueel Geweld is 0800-0188.
Of check centrum-seksueelgeweld.nl voor meer informatie. Je kunt ook terecht bij Slachtofferhulp Nederland (0900-0101) en de Nationale Politie (0900-8844).

Tekst ‘App me als je thuis bent’: Kimberly Palmaccio | Beeld: Getty Images

Het hele verhaal over ‘App me als je thuis bent’ lees je in VIVA-13-2021. Deze editie ligt vanaf 31 maart in de winkel of lees je hieronder verder via Blendle. 

» LEES VERDER VIA BLENDLE «

Sommige artikelen kun je maar gedeeltelijk lezen op viva.nl, omdat ze afkomstig zijn uit de papieren VIVA. Uit respect naar onze abonnees én om te zorgen dat wij online leuke gratis content kunnen blijven maken, linken wij je door naar Blendle om het hele artikel te lezen. Dit is een online platform waar je betaalt per artikel – in de meeste gevallen een paar dubbeltjes – en de journalistiek mee steunt. We hopen te kunnen rekenen op je begrip! 

Op de hoogte blijven van onze leukste artikelen en winacties? Schrijf je in voor de VIVA-nieuwsbrief.