Fleur Meijer: ‘Na een hoop gerommel begint het: het grote gleufstaren’

Fleur Meijer

VIVA-journalist Fleur Meijer (37) schrijft over wat haar zoal bezighoudt.

Ik kan, al zeg ik het zelf, erg veel hebben van senioren. Bij de parkeerautomaat, om maar eens wat te noemen. Terwijl je achter ze staat. Dat je dan moet toezien hoe een in schutkleurig textiel gestoken rug ineens héél langzaam in beweging komt. Dat er dan een handtas opengaat. Dat daarin eerst wordt gerommeld tussen de Wybertjes en pepermuntjes. Dat er vervolgens een beursje tevoorschijn komt. Dat daarin ook weer met 
veel omhaal wordt geritseld tussen de pasfotootjes en tientjes. Dat er dan, jawel, tóch een parkeerkaart uit tevoorschijn komt, die ze manhaftig voor 
zich uitsteken. Dat je vanaf dat moment weet: nú begint het. Het grote, lange gleufstaren.

Dat ze je dan aankijken en zeggen: ‘Gut, je wás zo lekker slank.’

Muntgleuf, pingleuf, biljetgleuf, kaartgleuf. Heen en weer, op en neer, een keer of vier. Dat je daarna steevast de kaart in de biljetgleuf gepropt ziet worden. Maar mij hoor je dan niet ostentatief voettrappelen en zuchten, hoor. Welnee. Ik grijp, nog voor ze toekomen aan de pin- en, in zware gevallen, de muntgleuf, gewoon in. Vriendelijk doch beslist. Zo hoort dat. Wat ik ook best kan hebben: een senior op een verjaardag. Dat ze je dan aankijken en zeggen: ‘Gut, je wás zo lekker slank.’ Dat ze dan daarna een stompje in je zij geven, met een knipoogje toe: ‘Het is ook allemaal zo lekker, hè?’ Dat ze je dan daarna een heel sterke tip geven: minder eten. Omdat, ja, zo is het nu eenmaal, 
élk pondje door het mondje gaat. Maar mij hoor je zo’n senior dan geen verbaal hellevuur geven, hoor. Welnee. Wat heeft het voor zin. Ik beweeg me gewoon met een knarsetandende glimlach naar een ander deel van de verjaardag, waar toevallig net een andere senior met een drankprobleem, afbetaald huis en royaal pensioen 
het hoogste woord voert over jonge mensen. Dat ze tegenwoordig zo verschrikkelijk verwend zijn met hun vakanties en gereis de hele tijd. En dat je niks moet geloven van al die burn-outs-of-hoe-heet-dat, maar dat ze gewoon niet meer weten wat écht hard werken is. 
Dat ze dat niet eens meer kunnen door al die rommel en rotzooi die ze gebruiken op al die feesten van ze. Maar mij hoor je daar dan niet vilein fluimend tegenin gaan, hoor. Welnee. Laat ze lekker. 
En trouwens, we zijn allemaal weleens hypocriet. Toch is er één ding waar senioren me he-le-maal gek mee kunnen maken. Waarbij ik me echt 
uit alle macht moet inhouden. Omdat ik eigenlijk verre van vriendelijk wil ingrijpen, of op z’n minst het volgende wil fluimen: ‘NEE! EN NU HOUDEN JULLIE DAARMEE ÓP! 
IK WIL VANAF NU ECHT NOOIT MEER ZIEN HOE JULLIE JE KOPJES, BORDJES EN GLAZEN ALLEMAAL EEN VOOR EEN AFWASSEN, EN DAARNÁ IN DE VAATWASSER STOPPEN! HET HEET EEN VAATWÁSSER! SNÁP DAT NOU EENS! EEN VAATWASSER IS UITGEVONDEN OM JE VAAT TE WASSEN! ZODAT JIJ HET DUS NÍET MEER HOEFT TE DOEN! WAAROM DRINGT DAT NOU MAAR NIET TOT JULLIE DORRE HERSENTJES DOOR?!’
Goed, oké: na dit ontelbaar veel keren bij ontelbaar 
veel senioren te hebben aanschouwd, héb ik zoiets weleens gefluimd.
Maar het hielp niet: senioren kunnen erg weinig hebben.

 

Fleurs column is afkomstig uit VIVA 08-2019. Deze editie ligt t/m 26 februari in de winkel. Je kunt de editie ook hieronder online bestellen.

»BESTEL VIVA ONLINE | KLIK HIER«