Als ik eenmaal iets in mijn hoofd heb gehaald, kan men me over het algemeen prima op andere gedachten brengen. Bijvoorbeeld door me met roestige kettingen om de enkels boven een kernreactorvat te hangen. Met het verzameld werk van Saskia & Serge op vol volume, omringd door hysterisch lachende clowns en een kwaadaardig starende tweeling met vlechten.
Dit alles was alleen niet voorhanden, dus ik ging wel degelijk een dieet doen dat volgens mijn omgeving unaniem klonk als ‘idioot’. Dat snapte ik overigens best, want ik word omringd door verstandige mensen en verstandige mensen diëten niet, maar spuien in teamverband doodsaaie mantra’s als ‘eet gewoon wat minder en beweeg wat meer’. Ja, die had ik ook weleens ergens gelezen inderdaad. Maar dat wérkt dus niet. Althans, niet voor mensen zoals ik, die van nature A: niet zo verstandig zijn, B: snel resultaat willen en C: altijd wel in zijn voor een experiment.
Daarbij heb ik een grenzeloos vertrouwen in mijn bovenbuurman, goede vriend en dieetgoeroe Pieterke: als hij na uitgebreide zelfstudie en met goedkeuring van een arts heeft ondervonden dat het effectief en veilig is, dan durf ik mijzelve best drie weken te injecteren met een kleine dosis HCG-hormoon. Als dat een verlies van vijf tot zeven kilo puur vet betekent. En och, om de tijd na het dieet maakte ik me al helemaal niet druk. Ik was immers vier jaar geleden al eens dertig kilo afgevallen door negen maanden uit zakjes te eten, en heb dat verlies op deze vijf (oké, zes) kilo na weten te behouden. Wat best een keurig resultaat is, gezien mijn neiging om bij tijd en wijlen ook weleens te willen léven.
Van leven was de komende weken in elk geval geen sprake, vreesde ik toen Pieterke me het dagelijks rantsoen dicteerde. Twee vruchten, twee soepstengels, twee stukjes gegrild vlees en twee porties groenten. Waarbij elk spoor vet een absolute doodzonde is, omdat het hormoon dan niet meer het eigen lichaamsvet opeet. “Maar honger gaan we niet hebben Fleurke,” sprak Pieterke monter. “En over drie weken weet je niet wat je zíet.” Ik knikte enthousiast. En stopte daarmee toen Pieterke de spuiten ging prepareren. “Zullen we de soundtrack van ‘Wir Kinder vom Bahnhof Zoo’ erbij opzetten?” zei ik. “Iets van The Velvet Underground anders? Moet ik mezelf nu Christiane F. gaan noemen? Heb je wel flikkerend tl-licht in je wc en iets om mijn arm mee af te binden?” Zenuwengebbetjes, kortom. Maar het viel mee. Het hoefde niet in een ader. Ook voelde ik er niets van en kreeg ik geen enkele keer de aandrang mezelf te prostitueren.
Ik sleep mezelf nu door de Spartaanse dagen, met vruchten, groenten, vlees en soepstengels in m’n kielzog. Pieterke heeft, zoals wel vaker, niets te veel gezegd. Ik heb geen honger, voel me uitstekend en ben al vijf kilo lichter en acht centimeter smaller. Van een echt leven is momenteel geen sprake, maar dat hóórt zo bij een dieet. Nog zeven dagen en twee kilo te gaan. En over een jaar of vier probeer ik weer eens iets nieuws. Iets met vijfhonderd calorieën en baden in een kernreactorvat ofzo.
Fleur Meijer, VIVA redacteur
fleur.meijer@sanoma.com
Twitter: @lafleurfatale
Elke week lees je Fleurs column in VIVA. Online bestellen kan hier.



Delen