Fleurs column: Je suis Kruidvat

Fleurs column

“Wat sta jij mottig voor je uit te staren,” zei de Kameel. Mottig is een Vlaams woord voor, ik citeer: aangevreten, mistig, mal, nevelig, nors, onhelder, onaangenaam, onwel, pokdalig, vuil.

Ik heb het net pas opgezocht, maar had ook op het moment dat hij het zei wel een idee wat hij bedoelde. En hij had gelijk. Ik voelde me inderdaad mottig. Het was zo’n dag dat ik even niet wist wat nu eens aan te vangen met de rest van mijn leven. Dat heb ik soms. Wat in dit geval de schuld was van mijn timeline-bewoners, die, als ze eens níet reizen in tropische oorden, wel bezig zijn met spannende carrièreswitches of nuttige zaken aangaande mens en maatschappij. Nu moet ik natuurlijk niet alles geloven wat ik daar zie of lees, maar toch. Dan vraag ik me ineens af waarom ík nooit eens met een huifkar door Ierland trek, een louterend boek schrijf of orang-oetanweeshuis sticht. Wanneer denk ik me nou eens écht nuttig te gaan maken?

“Ik heb een kleine existentiële crisis geloof ik,” zuchtte ik dan ook tegen de Kameel, terwijl ik me tegen zijn brede borst wierp. Hij lachte vertederd, want hij is bekend met mijn kleine existentiële crisissen. ‘Dat gaat zo wel weer over. Daar hoef je niet zo theatraal voor te doen.’

“Maar ik bén theatraal!” riep ik.

Daar had hij inderdaad niet van terug. “Ga dan in elk geval nu even iets nuttigs doen,” sprak hij vermanend. Iets nuttigs doen, zie je, daar had je het gelazer al.

Maar hij had gelijk. “Ik ga naar het Kruidvat,” zei ik. “De shampoo is óók nog op. En ik heb hielkloven.”

De Kameel wenste mij en m’n hielkloven veel plezier in het Kruidvat. “En vergeet je touw niet!” schaterde hij me na. Mottig stapte ik met m’n molensteen op de fiets. Het Kruidvat. Ook dat nog.

Totdat ik aankwam. En besefte dat het Kruidvat het, net als ik, ook allemaal niet weet. Ze modderen maar wat aan in die chaos van 2+2=2 gratis en 1+1= Ariel Pods, alle combinaties mogelijk en soms weer niet, scheermesjes uitgezonderd of nee, toch gratis scheerschuim en een schattig vogelbadje. Sommige schappen waren leeg, andere puilden uit, er krijste de hele tijd ten minste één kind en het personeel stond óf in de weg óf was nergens te bekennen.

Je suis Kruidvat. Ik werd er rustig van. Ineens was er ruimte voor vrolijkere levensvragen. Wat bijvoorbeeld ‘normaal haar’ was. En of er een kans bestond dat ik dat ook had, zonder dat ik dat ooit geweten heb. Of micellair water het antwoord was op al mijn reinigingsproblematiek, of dat ik juist moest vasthouden aan mijn facewashroutine. Ik peinsde geruime tijd over het feit dat voetproducten bijna altijd van Duitse makelij zijn, of daar een historische verklaring voor is en wat dat zegt over Duitse voeten. Met een zware tas en een licht gemoed trok ik weer huiswaarts.

“Hé, je leeft nog!” zei de Kameel. “Was het leuk in het Kruidvat?”

“Heel leuk,” zei ik. “En nuttig.”

Ik denk dat ik er een louterend boek over ga schrijven.


VIVA-journalist Fleur Meijer (34) schrijft over haar dagelijkse strubbelingen. Elke week lees je Fleurs column in VIVA.

Je kunt het blad hier online bestellen.

fleur.meijer@sanoma.com
Twitter: @lafleurfatale

Lees meer columns van Fleur:
Zorgexamen
Huiskamercafé
Ziek en volwassen
Balans
Mijlpaal
Sint is satan
Alarm
Landen
Reislijder
Saai Jong Stel
Oma
Septemberissues
Vlooien
Kattenleven
Vlees, Vlaanderen en film
Festival