Fleurs column: Koken

Het lot brengt rare kostgangers, in dit geval tien mensen die een driegangenmaaltijd in onze bescheiden arbeiderswoning kwamen gebruiken. De Kameel zit vol goede ideeën. Hij opperde het terloops, terwijl hij wist dat ik eigenlijk niet luisterde – zo schrander is hij wel.
Pas later, te laat, besefte ik dat ik met een instemmend gehum had toegezegd om voor tien ex-collega’s van de Kameel te koken.
Dus ik sputteren.
En de Kameel wegwuiven. Nee joh, ik begreep het verkeerd, ik hoefde feitelijk níks te doen, hij regelde alles, kookte alles, gezellig toch juist, zo’n huis vol?

Nou ja, het was natuurlijk ook gezellig, dus ik besloot de diverse buien die ik al zag hangen te negeren.
De Kameel orakelde nog wat voort over dat dit alles gewoon een kwestie van goed plannen was, en de zaak was beklonken. Wel probeerde ik me in te beelden hoe die planning er dan wel uit moest gaan zien. In de tijd dat de Kameel een ui pelt, braad ik doorgaans een kip. Maar goed, ik plan dan ook niet, ik dóe gewoon dingen.

In de tijd dat de Kameel een ui pelt, braad ik doorgaans een kip

Niet dat de Kameel niets deed, overigens. In aanloop naar de grote dinerinvasie deed hij niets anders dan, ja… dingen.
Hij staarde voor de boekenkast naar kookboeken. Liep met een stapel onder de oksel naar de bank. Wc. Tuin. Bed. Onderwijl verschenen er gele memo’s tussen de bladzijden. Steeds meer. En nog meer. Tot het er zo veel waren dat ik maar eens vroeg: “Heb je nou al een menu?”
Ja, nou, dat had hij misschien, maar of ik hem even wilde helpen met knopen doorhakken. Niet veel later zat de Kameel naar een heel lange boodschappenlijst te staren en hij kreeg een blik die zich ergens ophield tussen ontreddering en verwildering. “We gaan zo 
samen wel met de auto,” suste ik. “Ah top!” riep de 
Kameel.

Die avond besloot ik met een half oog op ‘Het Songfestival’ maar alvast het toetje te maken. En wat 
meringues, ik had toch eiwitten over. “Maar de rest 
is morgen voor jou, hè!” zei ik nog.
Dat deze hoop ijdel was, bleek wel toen ik de 
Kameel de volgende ochtend aantrof met ogen op steeltjes, zwarte stift in zijn mond, starend naar de keukenkastjes. Die 
waren bezaaid met tientallen gele 
memo’s, waar in grote letters dingen op stonden als ‘VUILNIS 2X!’, ‘14.00 LAM KAMERTEMP. 15.00 LAM IN OVEN!!!’, ‘CHERMOULA!!’.
“Wil het een beetje vlotten met het moordonderzoek?” poogde ik grappig te doen. Zinloos natuurlijk.
Ik ging maar eens wat doen. Bijgerechten, voorgerechten, dips, cocktails, dat soort dingen, terwijl de Kameel voorbij ijsbeerde met ‘VUILNIS 2X!’ en LAM en VIS die hij nog moest hálen. Enfin.
Een dag later lag de Kameel op de bank 
gelukzalig te marineren in zijn eigen grappa-odeur. Ik sopte onderwijl de 
keukenkastjes.
“Het was écht leuk, hè?” zei hij.
“Zeker,” zei ik, en ik pakte de stofzuiger.
“Iedereen vond het lekker,” zei hij.
“Zeker,” zei ik, en ik pakte de dweil erbij.
“Gewoon een kwestie van goed plannen,” 
zei de Kameel.


VIVA-journalist Fleur Meijer (35) schrijft over haar dagelijkse strubbelingen. Elke week lees je Fleurs column in VIVA.

Lees meer columns van Fleur:

Hallo
Winaars van de nacht
Antwerpen
God en Elvis
Bedankt, rossige clown
Der club
Henk
Jazz
Weemoed
Schnapps und tabletten
Freelancen
Beautybloggers
Rauw
Logeren