Fleurs column: Penisnood

Fleurs column

Na vier wijn kan ik soms de meest heldere ideeën 
hebben. Dat besefte ik weer eens te meer toen ik met Masha een worstkaas-scenario – of borrelplateau, zo je wilt – weg schrokte en riep: “En nu is het genoeg! Wij rammen dat ding gewoon zélf in elkaar! Daar 
hebben we geen man voor nodig!”

Ik fluimde er kaasflinters bij, dus het was menens. 
Masha was even daarvoor langsgekomen voor het welbekende ‘koffietje’, sociaal-modern codelingo voor: “Ik kom natuurlijk voor wijn, maar je geeft me eerst koffie, daarna geef ik een korte hoofdknik naar de koelkast terwijl ik de glazen pak, en zo hebben we het koffiecomplot weer rond, toch? Joe.”

Na de courante onderwerpen – Pablo Escobar, nageltyfus, de zomer – kregen we het over de enorme kartonnen doos die al sinds september in mijn tuin stond. Onder een afdakje, maar dit kon niet voorkomen dat het geheel daar inmiddels verzakt, nat en goor stond te wezen. En dat terwijl de inhoud van 
de doos toch een bijzonder leuk verjaardagscadeau betrof, namelijk een gloednieuwe barbecue. Maar ja. Dat ding moest eerst in elkaar. Een klusje dat ik aan de Kameel had toebedeeld, en tevens een klusje 
waar de Kameel al sinds september ‘straks’ op zei. 
Ik kan daar lang in trappen, dat blijkt. Maar nu was het dus genoeg.

“Ik ben een wegkijkfeminist!” kaasflinterde ik. “Het komt niet eens in me óp het zelf te doen. Mannenwerk, noem ik het. Nee, het is erger: ik ben gewoon een seksist!”

Je ziet, de neo-feministische golf, die ik vooral lafjes vanaf de zijlijn volg, begint ook vat op mij te krijgen. En aangezien ik toch ergens moet beginnen, ging deze zelf in elkaar gezette barbecue symbool staan voor mijn eigen kleine verzet tegen genderconditionering.
Masha vond het ook een goed idee, en voegde er nog genderconditionerend aan toe dat ze ‘heel handig is met dit soort dingen, zeker voor een vrouw.’

Ik sleepte de doos naar binnen, stalde alle onderdelen uit en begon aan de gebruiksaanwijzing, vol rare plaatjes en pijltjes. Ze tolden al snel voor mijn ogen, want vier wijn, dus ik gaf hem door aan Masha. Want die is handig met dit soort dingen, en ook vrouw, dus dan was het goed. Monter ging ze aan de slag met 
de schroeven.

“Oké. En dan moet deze piemel…”
“O ja. Deze pik.”
“Wacht. Nee. Deze penis. Daar, in dat gat.”
“Waar is dat gat? O. Hè? Dit plaatje klopt niet.”
Dit duurde zo’n twintig minuten, toen keek ze op.
“We hebben een echte penis nodig,” sprak ze plechtig.

Ik wist dat ze gelijk had. “Ik bel Pieterke,” zei ik. Hij woont boven me, en is dus een goede, betrouwbare keus in geval van penisnood.

Pieterke kwam meteen, want mannen zijn nou eenmaal gek op vrouwen in penisnood.
Twintig minuten later stond de barbecue, zonder dat hij ook maar naar de gebruiksaanwijzing gekéken had. Zo gaat dat. Masha en ik gaven onze held een gul applaus. Zo gaat dat ook.

Is mannen voor je karretje spannen ook een vorm van feminisme? Ik hoop het zo.


VIVA-journalist Fleur Meijer (34) schrijft over haar dagelijkse strubbelingen. Elke week lees je Fleurs column in VIVA.

Je kunt het blad hier online bestellen.

fleur.meijer@sanoma.com
Twitter: @lafleurfatale

Lees meer columns van Fleur:
Zorgexamen
Huiskamercafé
Ziek en volwassen
Balans
Mijlpaal
Sint is satan
Alarm
Landen
Reislijder
Saai Jong Stel
Oma
Septemberissues
Vlooien
Kattenleven
Vlees, Vlaanderen en film
Festival